Recensie

Recensie Beeldende kunst

Joost Swartes duivels plezier goed zichtbaar in veelzijdig overzicht in de Kunsthal

Recensie Een mooi, uitgebreid overzicht van Joost Swartes veelzijdige tekenwerk van de afgelopen vijftig jaar in de Kunsthal Rotterdam toont zijn elegante en speelse omgang met het menselijk tekort, onder meer op covers van ‘The New Yorker’.

Joost Swarte, Renaissance man (2007)
Joost Swarte, Renaissance man (2007) Joost Swarte

In de elegante lijnen, de uitnodigende composities en aansprekende kleuren in de tekeningen van Joost Swarte zit veel duivels plezier verborgen. Dat is te zien op de tentoonstelling Joost Swarte overal in de Kunsthal in Rotterdam, die een overzicht biedt van wat Swarte (71) de afgelopen vijftig jaar heeft getekend. Van recente covers van het tijdschrift The New Yorker tot zijn eerste strips uit de jaren zeventig. Van ontwerpen voor gebouwen tot glas-in-loodramen voor het Paleis van Justitie in Arnhem.

Om met dat laatste te beginnen: van die serie glas-in-loodramen in dat gerechtshof uit 2004 is een grote (maar niet één op één helaas) foto opgenomen. Daarop zien we allerlei mensen bezig zich te misdragen. Van dierenbeulerij (een kat wordt in een vuilnisbak gedouwd), tot mishandeling, milieudelicten en gluren. En echtscheiding en ontslag op staande voet, inbraak en meer: allerlei zaken die in een rechtbank aan de orde komen zijn elegant in mooie, kleurige tableaus tentoongespreid. Zo elegant, vrolijk haast soms, dat de scherpe kantjes eraf lijken.

Rietveld Beugelstoel. Gerrit Rietveld presenteert de constructie van zijn Beugelstoel aan zijn familieleden, een prent ter gelegenheid van de lancering van de beugelstoel bij Cassina, Milaan 2018. Joost Swarte

Joost Swarte heeft er duidelijk duivels plezier in om de menselijke tekortkomingen zo helder en mooi mogelijk in beeld te brengen. Hij is er een meester in – en kreeg daarvoor in de afgelopen halve eeuw ook internationale erkenning. Zijn recente cover van The New Yorker, waarvan het origineel op de expositie hangt, is een voorbeeld. We zien twee reusachtige toeristen die met hun grote voeten de mooie omgeving die ze bezoeken kapot stampen. De vernietigende krachten van massatoerisme in een pakkend, speels en helder beeld gevangen.

Nachtmerrie van een condoom

De tentoonstelling is ruim en thematisch opgezet, om de veelzijdigheid van Swarte te benadrukken. Hij begon in de jaren zeventig als underground striptekenaar, na een studie industrieel ontwerpen in Eindhoven, omdat de vrijheid die de striptekenaars voor volwassenen toen namen, hem zo aansprak. Stilistisch was hij als ontwerper gefascineerd door wat hij ‘de Klare Lijn’ van Kuifje-tekenaar Hergé noemde. „Je moet als tekenaar een helder verhaal vertellen, maar je moet de lezer de vrijheid geven daar zelf wat bij in te vullen”, zei hij bij de perspresentatie in de Kunsthal. De duidelijke contourlijn à la Hergé waarmee Swarte werkt – altijd met kroontjespen – is daarvoor ideaal, vindt hij.

Die lust om een helder verhaal in beeld te vertellen, in filmachtige decorcomposities, met ook scherp oog voor (technische) details, is in al zijn werk nadrukkelijk aanwezig. Of het nu vroege strips zijn, waarin condooms na copulatiedienst een nachtmerrie krijgen, of de recentere prachtige, speelse portretten van kunstenaars die hem inspireerden, zoals de meesters van de helderheid van de Stijl als Mondriaan, Piet Zwart en Rietveld.

Boeken op vakantie. Omslag van het zomernummer van Walrus Magazine, 2009. Joost Swarte

Ode aan Franse slobberwijn

Swarte is behalve striptekenaar ook architect, literair illustrator, letterontwerper en ga zo maar door. Die verschillende aspecten komen in schetsen, uitgewerkte originelen en zeefdrukken aan bod, zoals zijn ontwerp voor het Haarlemse theater de Toneelschuur (dat in 2003 met hulp van architectenbureau Mecanoo ook echt gebouwd is). De samenstellers van de expositie, gastcurator Gert Jan Pos en Swarte zelf, schenken met deze expositie klare wijn: ze bieden een overtuigend en helder overzicht van een van Nederlands meest bijzondere en veelzijdige grafisch talenten.

Over wijn gesproken: niet alleen zijn er wijnetiketten te zien die Swarte ontwierp, ook zijn ode aan Franse slobberwijn komt aan bod. Het afwaslied dat hij en famille altijd zong na „een goede maaltijd”, zoals hij het noemt, bewerkte hij met zangeres Fay Lovsky tot een ware hit: Appellation Contrôlée. Het kwam op een cd met liedjes gebaseerd op zijn stripfiguur Jopo de Pojo (Jopo in Mono, 1992), waar hij tekeningen bij maakte. Swartes plezier is ook hier duivels, want de wijn die hij bezingt blijkt, aldus de liedtekst: „Chateau Migraine when you wake up the next day.”