Opinie

Zo gemakkelijk kwam ik er niet van af

Marcel van Roosmalen

Bij een optreden trof ik een klasgenoot van de lagere school. Of beter: hij trof mij want uit mezelf zou ik hem niet herkend hebben. „Ongelooflijk”, zei hij, „In levende lijve.” Zijn vrouw en kinderen gaven een handje en gingen in een halve cirkel om me heen staan, waarna hij de deksel van een doos met herinneringen tilde.

Ik hoefde maar een naam te noemen en hij had een verhaal.

„Nee, die is geen slagerij begonnen, die had een cateringbedrijf. Failliet gegaan met een miljoen schuld, daar mogen wij als samenleving voor betalen.”

„Die heeft de vierdaagse gelopen.”

„Getrouwd met haar neef. Ook weer gescheiden.”

„Die heeft een huisje bij Bordeaux, dat huur ik ook wel eens.”

Zijn vrouw, ze woonde ook haar hele leven in Velp, begon over de fijne Aupingmatrassen waarop ze daar had gelegen.

Hij: „Zo-oo.”

Als ik wilde lachen moest ik maar eens naar een aflevering van Wegmisbruikers uit 2009 kijken, dan kwam ik nog een oude bekende tegen.

Hij: „En dan zeg ik: dan ben je volgens mij niet goed wijs.”

Zelf was hij in de verzekeringen beland, schade-afhandeling.

„En dan kom je weleens bij mensen thuis, nou dan weet je soms niet wat je ziet.”

„Vaak een rommeltje”, zei zijn vrouw die de verhalen kende.

Hij had mijn moeder ook een keer voorbij zien komen tussen de papieren, toen ze met de auto achteruit tegen de kerk was gereden. Hij zag haar nog weleens door Velp scharrelen. Hoe was het met haar?

„Ook een rommeltje”, zei ik.

Hij begon nu aan een lange lijst van overleden ouders.

„Je doet er niets aan, het is de natuur. Ik zeg altijd: Zo lang mogelijk thuislaten tussen de eigen herinneringen.”

Ik keek een paar keer nadrukkelijk op mijn telefoon en zei dat ik een trein moest halen. Hij moest alle ex-klasgenoten maar de groeten doen, maar zo gemakkelijk kwam ik er niet vanaf.

„Wat herinner je eigenlijk van mij?”, vroeg hij.

Ik kwam niet verder dan dat hij vroeger een bril had, en o ja, dat zijn vader als een van de eersten Teletekst had, dat we dat altijd met hem moesten bekijken en dat het soms zo lang duurde voor we op de juiste pagina waren dat ik er ongemakkelijk van werd.

Ik zei dat hij op zijn vader leek.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.