Italië laks tegen bacterie

Economie & recht Deze rubriek belicht elke week kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Ditmaal: Europees recht.

Foto Yann Coatsaliou/AFP

Wat met het blote oog al enkele jaren is te zien, is nu ook door de hoogste Europese rechter vastgesteld: Italië is in zijn zuidelijke regio Apulië ernstig tekortgeschoten in de bestrijding van de dodelijke plantenbacterie Xylella fastidiosa, die het onder andere heeft gemunt op olijfbomen. Besmette bomen moeten volgens de Europese regels „onverwijld” worden gekapt en de autoriteiten moeten er strikt op toezien dat een bufferzone rond besmette planten gevrijwaard blijft van de bacterie. Maar door een fatale combinatie van desinformatie, praktische bezwaren, bestuurlijk onvermogen, juridische obstructie en maffiose praktijken is daar sinds de ontdekking van de eerste besmetting in oktober 2013 weinig van terechtgekomen. De bacterie tiert welig verder, tast het karakteristieke landschap aan en ondermijnt het bestaan van duizenden boeren. De productie van bonafide olijfolie in de getroffen provincies Lecce, Taranto en Brindisie is inmiddels meer dan gehalveerd. Het Hof heeft bepaald dat Italië zijn EU-verplichtingen niet is nagekomen om adequate maatregelen te treffen tegen het binnenbrengen en verspreiden van de bacterie in Europa. De weg voor de Europese Commissie om sancties in te stellen is nu vrij.

Uitspraak: ECLI:EU:C:2019:676