Afwisselend liederlijk, grofgebekt, bits, bang, weerloos en in de war

Theo D’Or Hannah Hoekstra Op het Theatergala van het Nederlands Theater Festival zijn zondag de prijzen uitgereikt voor het beste theater van het seizoen. De Theo d’Or (beste actrice) ging naar Hannah Hoekstra. Ramsey Nasr won de Louis d’Or (beste acteur).

Foto Gwendolyn Keasberry

‘Ik hou van acteren. Ik ben een echte actrice”, zegt Hannah Hoekstra in haar rol van verslaafde Emma in People, Places & Things van Toneelgroep Oostpool. In de kliniek waar Emma zich laat opnemen slaakt ze een bevrijdend „whoha!” als ze een lijntje coke snuift, terwijl ze over de telefoon haar moeder uitkaffert: „Ik stop met kanker zeggen als jij ophoudt zo kankerkut te doen!”

Er is geen peil te trekken op deze onmogelijke vrouw, die voortdurend van rol en houding wisselt. Ook Hoekstra verschiet voortdurend van kleur in haar rol. Ze is liederlijk, grofgebekt,maar even goed bang, klein als een muisje en flink in de war.

Lees ook de recensie van NRC: Hannah Hoekstra imponeert als worstelende high class-verslaafde

De jury van de VSCD Toneelprijzen die haar de Theo d’Or toekende, spreekt van „een perfecte tekstbehandeling en zeer indrukwekkend fysiek spel” en een „magistrale tour de force”. Haar evidente kwaliteiten leverden Hoekstra al eerder grote prijzen op. Voor haar hoofdrollen in de films Hemel (2012) en De Helleveeg (2016) werd ze onderscheiden met een Gouden Kalf.

Op het eerste gezicht oogt Hoekstra ongenaakbaar – een combinatie van haar zelfbewuste blik en houding, haar jeugdige schoonheid (ook nu ze 32 is) en scherpe stemgeluid. Die uitstraling buit ze in People, Places & Things ten volle uit, omdat haar zelfingenomen personage wanhopig probeert vast te houden aan haar status en afkomst. Mede door haar glitterjurk roept alles in haar dat ze geen zielige vieze junk wil zijn, hoewel ze zichtbaar in de vernieling ligt. Hoekstra beweegt schichtig en ongecontroleerd, krabt voortdurend aan haar neus, wrijft haarlokken weg die er niet zitten, schuurt met haar hoofd langs een muur, en krimpt ineen bij geluiden die alleen zij hoort.

Het rijke script van Duncan Macmillan, in de vertaling van Hannah van Wieringen, biedt alle mogelijkheden om steeds een ander gezicht te laten zien. Hoekstra is betoverend in haar grilligheid. Niet zichzelf zijn is Emma’s vak en die ongrijpbaarheid etaleert ze bewust én onbewust, met afstoten, aanhalen, gekte en hulpeloosheid. Waar de actrice ophoudt en de patiënte begint, blijft een mooi raadsel. In de zorgvuldige regie van Marcus Azzini toont Hoekstra alle donkere hoekjes van wanhoop en pijn, maar vooral hoe een mens zichzelf verliest.

Het verhaal biedt Emma de ruimte voor een weg terug, die leidt naar een confrontatie met haar onbarmhartige ouders. Emma is herboren, maar Hoekstra oogt kwetsbaar en hoort de verwijten van haar gekrenkte ouders met effen gezicht aan. Alsof haar vlucht in zelfvernietiging elk moment opnieuw kan beginnen. Hannah Hoekstra ontvangt een zeer verdiende Theo d’Or.