‘Je houdt net wel of net niet het hoofd boven water’

De achterblijvers Bij zijn aantreden had Rutte III de ambitie om ‘achterblijvers’ in de samenleving te helpen. Maar kwetsbare groepen werden sindsdien kwetsbaarder. En dat terwijl het goed gaat met de Nederlandse economie.

De Tilburgse wijk Broekhoven. „Op de een of andere manier is het leven voor veel mensen kritieker nu.”
De Tilburgse wijk Broekhoven. „Op de een of andere manier is het leven voor veel mensen kritieker nu.”

De middenklasse, opeens hoor je in Den Haag prominente politici van regerende partijen er weer over. „Eerlijk gezegd, in de crisis is heel goed gekeken naar juist de onderkant”, zei Wopke Hoekstra (CDA) bij talkshow Jinek na zijn H.J. Schoo-lezing. „Over de middenklasse is lang gedacht dat het vanzelf goed kwam.”

Klaas Dijkhoff (VVD) schreef in een manifest over het liberalisme dit voorjaar dat vooral de middenklasse aandacht verdient. Alle coalitiepartijen vinden dat de middeninkomens een extraatje verdienen deze Prinsjesdag. Dikke kans dat bij de politieke beschouwingen komende week een strijdpunt zal zijn: hoe gaan we de middenklasse helpen?

Twee jaar geleden, toen het kabinet-Rutte III aantrad, klonken de zorgen over de onderkant prominenter. De ambitie van het kabinet was breed: de achterblijvers, de mensen met schulden, de laaggeletterden, mensen met lage inkomens en onzeker werk – zij hoorden bij de groep die de coalitie van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie wilde helpen. In de eerste troonrede van het kabinet zei de koning dat de regering kwetsbare groepen meer vaste grond onder de voeten wilde geven.

Nu de focus lijkt te verschuiven naar de middenklasse, is de vraag: hoe gaat het eigenlijk met de kwetsbare groepen? Met de achterblijvers, de laaggeletterden, de mensen met schulden of met onzeker werk?

Het Sociaal en Cultureel Planbureau noemt die groep ‘het precariaat’ en de onzekere werkenden, ongeveer een kwart van de Nederlanders horen daartoe. Staan die na twee jaar Rutte III op vastere grond? En wat heeft het kabinet voor hen gedaan? Zijn ze geholpen of simpelweg vergeten?

Als je oppervlakkig naar de cijfers kijkt, is het verleidelijk om een relativerende houding aan te nemen. De werkloosheid is historisch laag, de lonen stijgen, het aantal mensen dat in armoede leeft is gedaald, mensen krijgen eindelijk weer meer vaste contracten. Het gaat goed. De kwaliteit van leven is in Nederland hoog, bleek deze week uit de Sociale staat van Nederland, het jaarlijkse SCP-onderzoek naar hoe het gaat met Nederlanders.

Vijf of lager

Maar er zijn ook cijfers die je niet zou verwachten na jaren van economische groei. Zo kwamen er de afgelopen jaren veel daklozen bij, meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek in augustus. Zoveel dat verantwoordelijk staatssecretaris Paul Blokhuis (ChristenUnie) zich „rot schrok” van de cijfers. In dezelfde maand sprak de Raad voor de Rechtspraak grote zorgen uit over de snelle groei van het aantal Nederlanders dat schulden heeft en ‘onder bewind’ komt te staan: zij mogen zelf geen financiële beslissingen meer nemen. Meer mensen geven hun leven een vijf of lager volgens het SCP.

Wat is er aan de hand?

Vraag het een rechter, een wethouder en een budgetinstituut en zij schetsen, afzonderlijk van elkaar maar eensgezind, hoe de moderne arbeidsmarkt en de huidige verzorgingsstaat de kwetsbare groepen nog kwetsbaarder maken.

Dat zit zo. Juist bij mensen met een lage opleiding en weinig inkomen groeide het flexwerk. Was in 2003 nog 26 procent van de laagopgeleide werkende mensen flexwerker of zzp’er, nu is dat 45 procent, berekenden de economen van het Centraal Planbureau dit voorjaar. „Hun inkomensstromen zijn grillig. Vaak hebben ze weinig of geen spaargeld. Bij onverwachte kosten zitten ze zo in de problemen”, zegt Arjan Vliegenhart (40) van het Nationaal Instituut Budgetvoorlichting (Nibud). De koopkracht neemt voor de gemiddelde Nederlander toe, maar voor mensen die veel zorg gebruiken of in een huurhuis wonen, zijn de kosten hoog. „De huren stegen de afgelopen jaren bovengemiddeld. Dat valt weg in het algemene koopkrachtbeeld omdat de mensen in koophuizen door de lage rente juist minder woonkosten hebben.”

Reportage over een straat in Eindhoven: de ene kant rijk, de andere arm Verslag uit de kloof tussen arm en rijk

Paul Rouwen (60) is kantonrechter bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant. „Wij rechters zien de afgelopen jaren een enorme toename in het aantal onderbewindstellingen van mensen met schulden.” Gemeenten moeten daarvoor betalen uit de bijzondere bijstand. Die zien dat potje met geld als zand tussen hun vingers glippen, zegt Rouwen. „Op een of andere manier is het leven voor veel mensen kritieker nu. Je houdt net wel of net niet het hoofd boven water. Er wordt veel zelfredzaamheid van mensen verwacht, maar vaak hebben deze mensen psychische problemen, een verslaving of ze kunnen slecht lezen.” Wat niet helpt: het regime rond schulden is streng. Door incassokosten en rente op de schuld worden relatief kleine schulden snel grote.

Peter Heijkoop (36) is wethouder voor het CDA in Dordrecht (bijna 120.000 inwoners). Hij heeft het allemaal in zijn portefeuille: werk, inkomen, zorg, armoede, onderwijs. Ook in Dordrecht zijn er meer daklozen. Hoe dat komt? „Het vorige kabinet bezuinigde fors op de geestelijke zorg, de ggz. Mensen met psychische problemen moeten nu zelfstandig blijven wonen. Dat gaat vaak mis, en dan komen ze op straat te staan. Voor zulke mensen zijn er nauwelijks woningen. Woningcorporaties bouwen veel te weinig en vooral sociale woningen in het hogere huursegment. Ze kunnen dus nergens terecht.”

Namens alle gemeenten praat Heijkoop regelmatig met het kabinet over de problemen van kwetsbare mensen. Hij ziet dat gemeenten „financieel leeg lopen” op mensen met een bewindvoerder. „Ik heb zelf bewindvoerders in dienst genomen omdat ik een paar keer meemaakte dat een paar particuliere bewindvoerders er een puinhoop van maakten. Er is een heuse incasso-industrie. Ik ben geen linkse socialist, maar met deze kwetsbare mensen weet de markt te goed raad.”

Het kabinet erkent dat er een probleem is. Het trok geld uit voor een actieplan ‘aanpak schulden’. Heijkoop is kritisch. „Het kabinet zegt ronkend dat er meer geld naartoe gaat, maar het is een fractie van wat het vorige kabinet erop bezuinigde. Terwijl de behoefte aan schuldhulpverlening is toegenomen.”

De olifant in de kamer is de Belastingdienst. Die heeft een destructieve uitwerking op de kwetsbaarste burgers

Peter Heijkoop CDA-wethouder in Dordrecht

Toeslagen en grillige inkomsten

Wrang genoeg, zeggen de rechter, de wethouder en het budgetinstituut, is de grootste veroorzaker van geldproblemen de overheid zelf. „De olifant in de kamer is de Belastingdienst. Die heeft een destructieve uitwerking op de kwetsbaarste burgers”, zegt wethouder Heijkoop. „Wat ik ook aan problemen zie in Dordt, overal loopt als een rode draad de toeslagen-ellende doorheen.” Toeslagen zijn bedoeld als tegemoetkoming in de kosten voor huur, zorg en kinderen. Hoe lager het inkomen, des te hoger de toeslag. De Belastingdienst stort de huur-, zorg- en kinderopvangtoeslag elke maand als een voorschot op de rekening. Om een toeslag te krijgen moeten mensen inschatten welk inkomen ze gaan verdienen in een jaar. Juist dat is lastig voor mensen met flexwerk en dus grillige inkomsten. Ze verdienen snel te veel en moeten dan achteraf toeslagen terugbetalen aan de Belastingdienst. Dat geld hebben ze vaak niet.

Rechter Rouwen: „Bij de schuldeisers staat de overheid zelf prominent bovenaan. Mensen hebben een baantje hier en een baantje daar, het ontbreekt ze aan stabiliteit. Dat maakt hun financiële situatie complex, zeker ook omdat het tussentijds aanpassen van een huurtoeslag ingewikkeld is. Veel van deze mensen zijn niet bedreven met internet, en kunnen matig lezen.”

Toeslagen zijn bedoeld als steun voor mensen die het financieel nodig hebben, maar ze zorgen juist voor financiële onzekerheid bij mensen die al weinig zekerheid hebben. Wethouder Heijkoop: „Het is met die toeslagen heel gevaarlijk om te werken. Mensen krijgen een beetje loon erbij en voor ze het weten, hebben ze een schuld bij de Belastingdienst. En dan lopen ze keihard tegen de cultuur en de attitude bij de Belastingdienst op. Laatst probeerde ik voor een inwoner een betalingsregeling te treffen. Er was weinig bereidheid om mee te denken. Zorgverzekeraars, woningcorporaties en zelfs werkgevers doen dat tegenwoordig wel.”

Het zit de CDA-wethouder uit Dordrecht hoog. Heijkoop ziet een systeemprobleem; overheidscampagnes om het taboe van schulden te halen, gaan onvoldoende helpen. „Met alle respect, dat is symptoombestrijding. Ga als kabinet om tafel en schaf die toeslagen af. Laat mensen die weinig verdienen weinig belasting betalen. Als wij willen dat de bestaanszekerheid voor deze kwetsbare groepen toeneemt, moeten het belastingstelsel en de belastingdienst drastisch veranderen. Dat vraagt lef van het kabinet.”

Meer grondpersoneel nodig

Het is niet zo dat het kabinet niets aan deze problemen doet. Rutte III trok geld uit om de laaggeletterdheid terug te dringen. Het kabinet zorgde ervoor dat eigen betalingen minder opstapelen voor mensen die gebruik maken van de gezondheidszorg. Er is een armoede- en een schuldenaanpak, en een actieplan voor dakloze jongeren. De Rekenkamer deed onderzoek naar toeslagen. Minister Wouter Koolmees (D66, Sociale Zaken) veranderde de regels rond ontslag en flexwerk en vroeg een commissie onder leiding van Hans Borstlap om nieuwe regels te bedenken die passen bij de grote fundamentele veranderingen op de arbeidsmarkt.

„De problemen staan op de agenda, maar voor grote veranderingen heeft dit kabinet niet gezorgd”, zegt Monique Kremer, socioloog bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Ze deed onderzoek naar de verzorgingsstaat en naar flexwerk. „Er is meer nodig dan repareren. De samenleving wordt complexer en daarom wordt de groep groter die niet goed meekomt. Vroeger konden mensen met cash geld betalen. Nu is met geld omgaan abstract en complex geworden.” Volgens Kremer is er voor die groepen meer „grondpersoneel van de verzorgingsstaat nodig”. Sociaal werkers bijvoorbeeld.

Wat het kabinet doet voor de kwetsbare groepen valt bovendien in het niet bij de ingrepen van het kabinet-Rutte II (VVD en PvdA) in het sociale vangnet, bijvoorbeeld in de sociale werkplaatsen, de jeugdzorg, verzorgings- en verpleeghuizen, de thuiszorg en wijkverpleging. In 2015 werden gemeenten verantwoordelijk voor veel van de zorg voor wat Kremer „de zwaarste hulpbehoevenden” noemt. Op veel van de regelingen werd door Rutte II tegelijk bezuinigd. Dat zorgt voor spanningen. Dit voorjaar dreigden de gemeenten hun taken op het gebied van de jeugdzorg terug te geven aan het rijk. Het aantal kinderen dat jeugdzorg nodig heeft stijgt, en gemeenten kwamen geld tekort. Uiteindelijk stelde het kabinet extra geld beschikbaar.

Lees ook de reportage over flexwerk in de bouw: ‘Als je iets mankeert, kun je ophoepelen’

SCP-directeur Kim Putters: „Er gebeuren echt goede dingen in gemeenten, die pakken hun taak echt wel op. Maar door de decentralisaties in 2015 is er ook veel onduidelijk. Mensen weten niet wanneer ze er alleen voor staan en wanneer ze op hulp van de overheid kunnen rekenen. Dat kan ook verschillen per gemeente. Krijgt iedereen de hulp die hij nodig heeft?”

Een slecht voorbeeld: een groot deel van de mensen die voorheen in de sociale werkplaatsen terecht konden, zit nu thuis met een bijstandsuitkering, bleek uit een evaluatie van het SCP vorig jaar. Het idee was juist dat meer mensen met een beperking een gewone baan zouden krijgen. Het kabinet besloot daarop dat gemeenten ‘beschutte werkplekken’ moeten creëren. Putters: „Ik begrijp heel goed dat dit kabinet de ingrepen van Rutte II wil laten landen, dat het kabinet wil kijken hoe het uitpakt. Jojo-beleid is vreselijk. Maar er hangt een groot vraagteken boven de verzorgingsstaat: waar beweegt het de komende tien jaar naartoe?”

Recessie kan harder aankomen

Een andere grote vraag is wat er gebeurt als de economie ergens de komende jaren krimpt. De economen van het Centraal Planbureau waarschuwden dit voorjaar dat een recessie harder uit kan pakken voor laagopgeleiden. Omdat veel van hen flexwerk hebben, raken ze sneller werkloos. „Nu laagopgeleiden sterker geraakt zijn door de recente grote recessie, is het niet verwonderlijk dat hun vertrouwen in de toekomst veel lager is dan onder hoogopgeleiden. De toegenomen verschillen kunnen ertoe leiden dat bij een nieuwe crisis het effect op het welbevinden nog groter zal zijn”, schreef het CPB in een opiniestuk in NRC.

„Ik ben heel bang dat bij een recessie de groep die moeilijk rondkomt groter blijkt dan in eerdere recessies. Inkomensstromen zijn veel grilliger. Daar moeten mensen zelf op inspelen, maar de samenleving moet ook hekjes aan de rand van de afgrond plaatsen”, zegt Vliegenthart van het Nibud.

Putters: „De hoogconjunctuur is niet gebruikt om de duurzame inzetbaarheid van mensen te verbeteren. Veel scholing komt bij middel- en hogeropgeleiden terecht. Mensen met een arbeidsbeperking zijn crisisgevoelig. Juist daar is veel veranderd in het vangnet. De aandacht voor deze groep moet niet worden weggedrukt door erg veel focus op middengroepen.”