In het Turkse Ayvalik is migratie de manier om snel rijk te worden

Migratie Turkije In de zee rond het Griekse eiland Lesbos wordt de vluchtelingendeal tussen Turkije en de Europese Unie beproefd. Tweemaal de dagelijkse praktijk: in de Turkse kustplaats Ayvalik en in de kampen op Lesbos.

Een Palestijns-Syrische vluchteling laat zijn zoon van acht een zwemvest passen voor de oversteek naar Griekenland.
Een Palestijns-Syrische vluchteling laat zijn zoon van acht een zwemvest passen voor de oversteek naar Griekenland.

Een visrestaurant in de Turkse kustplaats Ayvalik is een pleisterplaats voor mensensmokkelaars. Eén van hen arriveert in een gouden racewagen met zwarte belettering en een grote spoiler achterop. Hij parkeert de auto en loopt naar zijn collega’s, die raki drinken op het terras. Bijna alle tafels zitten vol vanavond, ook al staat er een harde wind vanuit zee en waaien de servetten weg.

De eigenaar van het restaurant, een gespierde man met getatoeëerde armen, is zelf ook betrokken bij de smokkel van vluchtelingen en migranten naar Lesbos. Overdag kan hij het Griekse eiland vanaf zijn terras zien liggen, aan de overkant van de baai, hemelsbreed ongeveer twintig kilometer. Als de wind goed staat, en er niet te veel golven zijn, ben je binnen een uur in Europa.

Maar vanavond spookt het. „Het is nu onmogelijk om Lesbos te bereiken”, zegt de eigenaar. Hij stemt in met een interview op voorwaarde dat hij anoniem blijft. „De wind is veel te sterk.” Hij wijst over de in het duister gehulde baai. Hier en daar dobberen lichtjes van vissersboten op het zwarte water. „De zee is hier nog redelijk kalm. Maar als je een paar kilometer uit de kust bent, zijn de golven erg hoog. De passagiers zouden zeker verdrinken.”

Aan passagiers geen gebrek deze zomer – al begon het seizoen laat dit jaar. In augustus kwamen er 8.103 mensen aan op de Griekse eilanden, de meesten op Lesbos. Op één dag arriveerden daar maar liefst dertien boten met zo’n 650 migranten aan boord. De meesten waren Afghanen, onder wie veel kinderen zonder begeleiding. Dat is niet meer gebeurd sinds Turkije en de Europese Unie in maart 2016 de vluchtelingendeal sloten. Turkije zou de toestroom van vluchtelingen naar Europa indammen in ruil voor 6 miljard euro steun voor de opvang van vluchtelingen in Turkije.

Nu stijgt het aantal aankomsten op de Griekse eilanden elke zomer. Maar dit jaar lijkt er meer aan de hand. Hulpverleners op Lesbos denken dat die dertien boten een waarschuwingsschot waren van de Turkse regering om Brussel bij de les te houden. Want het is logistiek vrijwel onmogelijk om binnen enkele uren zoveel boten vanaf hetzelfde punt naar Lesbos te sturen, zonder opgemerkt te worden door de Turkse gendarme of de kustwacht.

Lees ook de reportage vanaf Lesbos: Het kamp op Lesbos was nooit zó vol

Stemming radicaal omgeslagen

In Turkije is de stemming rond vluchtelingen radicaal omgeslagen. Het land vangt 3,6 miljoen Syrische vluchtelingen op, en nog eens 320.000 vluchtelingen uit andere landen. Dit is het grootste aantal ter wereld en bijna vier keer zoveel als alle EU-lidstaten samen. Veel Turken stelden zich aanvankelijk solidair en gastvrij op. Tot vorig jaar een economische crisis uitbrak.

Nadat de AK-partij van president Erdogan bij de lokale verkiezingen de macht verloor in de meeste grote steden, begon de politie een grote operatie tegen illegale migranten in Istanbul. Syriërs met een tijdelijke verblijfsvergunning die elders in Turkije zijn geregistreerd, hebben tot 30 oktober om Istanbul te verlaten. Mensen zonder geldige papieren worden naar tijdelijke detentiekampen gebracht om geregistreerd of gedeporteerd te worden.

Syrische en Afghaanse vluchtelingen in kamp Moria op Lesbos vertellen dat ze zijn gevlucht nadat ze in Turkije in detentiecentra hadden gezeten. Het Syrische koppel Fidan en Diyaa woonde bijvoorbeeld zeven jaar in Turkije. „De situatie is nu erg slecht in Turkije, ze zijn de Syriërs eruit aan het schoppen.” De 19-jarige Afghaan Elham Haydari zegt dat hij twee keer is ontsnapt uit een detentiecentrum. „Ze zeiden dat ik terug moest naar Afghanistan. Ik dacht: ik pleeg zelfmoord of ik ontsnap.”

Lees ook deze reportage over uitzettingen van migranten door Turkije begin augustus: Uitzettingen leiden tot angst onder Syriërs

Erdogan wil 1 miljoen Syrische vluchtelingen in Turkije terugsturen naar een ‘veilige zone’ in Noord-Syrië. Vorige week dreigde hij „de poorten naar Europa” weer te openen als hij geen internationale steun krijgt voor dat plan. Nu heeft Erdogan hier vaker mee gedreigd. Maar dit keer lijkt het hem ernst: „We hebben bij de opvang van vluchtelingen veel te weinig internationale hulp gekregen, met name van de EU. We gaan deze last niet alleen dragen.”

Drones en helikopters

Met de vluchtelingendeal heeft de EU het tegenhouden en opvangen van migranten in feite uitbesteed aan Turkije. Maar de illegale migratie naar Turkije neemt alleen maar toe. In de eerste helft van 2019 zijn er 163.332 illegale migranten aangehouden, een stijging van 23 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. „We worden geconfronteerd met de grootste migratiegolf in onze geschiedenis”, zei minister van Binnenlandse Zaken Suleyman Soylu vorige maand. „Als we dit niet zo vastberaden zouden aanpakken, zouden de regeringen van alle EU-landen binnen zes maanden vallen.”

In de baai rond Lesbos blijkt hoeveel moeite Turkije doet. De politie houdt geregeld verkeerscontroles, waarbij voertuigen worden doorzocht en identiteitspapieren worden gecontroleerd. Om de zoveel kilometer staat een kantoor van de gendarme. Drones en helikopters vliegen over olijfboomgaarden en dennenbossen waar migranten zich schuilhouden. Op zee patrouilleren schepen van de kustwacht. Ze hebben luidsprekers die een akelig geluid maken om smokkelaars af te schrikken.

Maar de Turkse kustlijn rond Lesbos is met 200 kilometer te groot om volledig te controleren. En het terrein is uitermate geschikt voor smokkel. „De olijfboomgaarden en dennenbossen zijn het grootste probleem”, zegt Hayati Torun, een politiecommandant in Ayvalik. „Daar kunnen we niet met voertuigen komen. De locaties die veel gebruikt worden, houden we goed in de gaten. Daardoor moeten smokkelaars uitwijken naar afgelegener plekken.”

Hoeveel overtochten worden verhinderd is onduidelijk. De politie, de gendarme en de kustwacht hebben geen gezamenlijke database waarin de verijdelde pogingen worden bijgehouden. Maar de kustwacht meldde dat er tussen 10 en 19 augustus zevenhonderd mensen uit zee waren gevist. En vrijwel elke nacht worden op diverse plaatsen tientallen migranten opgepakt door de politie en de gendarme voor ze de oversteek maken.

Vissers laten hun boten noodgedwongen achter, smokkelaars zetten werkloze jongeren in om ze te stelen

Troosteloze badplaats

In Dikili, een troosteloze badplaats waar pensionado’s de zomer doorbrengen, is het iedere nacht raak. Naast het kantoor van de gendarme zitten 42 Syriërs en Afghanen in een klein detentiekamp, dat is betaald door de Verenigde Naties. Ze zijn vannacht uit zee gehaald door de kustwacht. Het kamp bestaat uit vijftien containers die fungeren als tijdelijke onderkomens. In het midden staat een knalroze klimrek met schommels, maar er zijn geen vrouwen en kinderen te bekennen.

Wel zit een rij gedesillusioneerde mannen te wachten. Ze hebben T-shirts op hun hoofd tegen de brandende middagzon. Hun kleding hangt te drogen over de hekken rond het kamp. Naast hen zit een gendarme op een aftandse bureaustoel. Hij heeft een laptop op schoot om hun gegevens te registreren. Er staat een busje klaar om ze naar detentiecentra in Izmir of Istanbul te brengen.

Het is moeilijk om smokkel uit te bannen in Ayvalik, al een smokkelnest sinds de Ottomaanse tijd. Nadat de Jonge Turken in 1908 de macht grepen, brak in Ayvalik een opstand uit omdat smokkelen verboden werd onder de nieuwe grondwet. Mensensmokkel kwam op in de jaren tachtig, toen Iraanse vluchtelingen en Koerden uit het zuidoosten naar Europa werden gebracht. Het is uitgegroeid tot een industrie waarin veel geld omgaat.

De enige haven in Ayvalik is verkocht, er liggen nu grote jachten. Vissers laten hun boten noodgedwongen achter in ondiep water langs de kust. Smokkelaars zetten werkloze jongeren in om die boten te stelen. De vissers verwijderen soms onderdelen van de motor om dat te voorkomen. Maar de smokkelaars zetten er gewoon nieuwe onderdelen in.

Foto Reuters/Ekaterina Anchevskaya
Foto Reuters/Ekaterina Anchevskaya

Stuurwiel verwijderd

Het overkwam de eigenaar van een bedrijf dat bouwmaterialen verkoopt. „Het was een negen meter lange boot die ik zelf helemaal had gerenoveerd”, vertelt de norse zakenman op een bedrijventerrein, waar hij in de schaduw van een hek zit. „De eerste nacht dat hij in het water lag, was hij weg. Hij is gebruikt om zestien migranten naar Lesbos te brengen. Ik had het stuurwiel er nog wel afgehaald om diefstal te voorkomen.”

De politie vertrouwde het niet en beschuldigde hem zelf van smokkel. Veel mensen verkopen hun boot aan smokkelaars, om hem als gestolen op te geven en het verzekeringsgeld op te strijken. „Uiteindelijk hebben ze geen formele aanklacht ingediend”, zegt de man. „Maar iedereen in mijn omgeving keek me achterdochtig aan. Het is een kleine gemeenschap hier.” Daarom wil hij onder geen beding met zijn naam in de krant.

Lees ook deze reportage vanuit een Turkse migrantenstad: In Bursa hapert de solidariteit

De dader werd door de Griekse kustwacht ingerekend en op Lesbos berecht. „Ik was bang dat hij me als medeplichtige zou aanwijzen. Het was een jochie van zestien, dus ze hebben hem vrijgelaten. In Turkije is hij ook berecht, maar alleen voor smokkel, niet voor diefstal. Er zijn hier veel jongens die in korte tijd rijk worden. Ze komen als een keizer uit de gevangenis.”

De eigenaar van het visrestaurant laat ook wel eens werkloze jongeren boten stelen. Maar meestal werkt hij met smokkelaars uit Istanbul, die zelf boten en reddingsvesten meenemen. Die dingen mogen in Ayvalik niet meer worden verkocht. „Het is link om ze te vervoeren”, zegt hij. „Daarom gebruiken ze opblaasbare boten, die leeggelopen zelfs in een sporttas passen.”

De smokkelaars in Istanbul organiseren de hele reis. Migranten worden aangesproken in theehuizen, geldwisselkantoortjes en bij juweliers. Ze verkopen vaak sieraden om de overtocht te betalen. In groepen van dertig of veertig worden ze per bus naar Ayvalik gereden. De smokkelaars sturen auto’s vooruit, die waarschuwen als er een controlepost is.

„De migranten komen ’s nacht aan”, zegt de smokkelaar. „We brengen ze naar leegstaande huizen vlakbij zee en zo ver mogelijk van de gendarme. Daar wachten ze tot het weer goed is. Langs de hele route staan mensen op de uitkijk. Ze doen zich voor als vrienden die een biertje drinken en van het uitzicht genieten. Als ze zien dat de gendarme de wachtpost verlaat, komt iedereen in actie.”

De gemiddelde prijs voor de overtocht is 1.000 dollar. Hoe veiliger de boot, hoe hoger de prijs. „Voor 20.000 dollar garandeer ik alles, net als een luchtvaartmaatschappij. Er was ooit een rijke man die in zijn eentje ging. Hij betaalde 10.000 euro om met een jetski in 20 minuten naar Lesbos te worden gebracht.”

Migranten die worden onderschept voordat ze Lesbos bereiken, worden naar tijdelijke detentiekampen langs de kust gebracht. Vandaar worden ze naar grotere uitzetcentra in Izmir of Istanbul gebracht. Hiervoor huurt het ministerie van Binnenlandse Zaken transportbedrijven in, die 120 lira per passagier krijgen. Dat moeten de migranten eigenlijk zelf betalen. Maar als ze geen geld hebben, gaat de rekening naar het ministerie.

Turkije heeft 24 detentiecentra met een gezamenlijke capaciteit van 16.116 mensen. Dat is niet genoeg voor al die illegale migranten. „Veel detentiecentra zitten zo vol dat er 24 uur per dag roulatie is”, zeg Sedat Pamukcu, eigenaar van een transportbedrijf dat al zeven jaar migranten vervoert voor het ministerie. „Migranten worden enkele uren vastgehouden, tot een nieuwe groep wordt binnengebracht.”

Pamukcu vertelt dat hij soms zelfs migranten op straat afzet in wijken in Istanbul met veel vluchtelingen. „Vorige week nog dertig Afghanen, Syriërs en Congolezen. Ze zouden eigenlijk de bus moeten pakken naar de regio waar ze zijn geregistreerd, of het vliegtuig naar hun thuisland moeten nemen. Maar de meesten doen na een paar dagen een nieuwe poging om Europa te bereiken. Ik heb sommige jongens wel twaalf keer teruggebracht naar het detentiecentrum in Istanbul.”