Het monster van Loch Ness was echt geen reuzenpaling

Ophef Iedere week bespreekt de redactie wetenschap hier ophef in de wetenschap. Deze week: de weinig verrassende vondst van paling-dna in Loch Ness.

Neil Gemmell zoekt in Loch Ness-‘monster’ naar sporen van het Loch Ness-monster.
Neil Gemmell zoekt in Loch Ness-‘monster’ naar sporen van het Loch Ness-monster. Foto AFP/ANDY BUCHANAN

Nee, Neil Gemmell trof geen dna-sporen aan van plesiosaurussen, Groenlandse haaien, meervallen of andere grote vissen in het water van Loch Ness in Schotland. Met moderne genetische identificatie zocht Gemmell (Universiteit van Otago, Nieuw Zeeland) naar nieuwe aanwijzingen voor het bestaan van het legendarische Monster van Loch Ness.

Maar in de ruim 250 ‘monsters’ die hij met zijn team op verschillende dieptes in het meer nam, vond Gemmell geen vreemde genetische sporen. „Helaas”, schrijft hij op een speciaal voor het project opgetuigde website, „vinden we geen enkele aanwijzing voor een wezen dat verwant zou kunnen zijn aan een jurassic age reptile in onze data.” Wat de onderzoekers wel aantroffen, was relatief veel dna van de Europese paling.

Zou dat van reuzenpalingen kunnen zijn? „Onze data zeggen niets over het formaat, maar de grote hoeveelheid materiaal betekent dat we niet zo maar de mogelijkheid kunnen verwerpen dat er reuzenpalingen zijn in Loch Ness.”

Volgens palingdeskundige Erwin Winter van Wageningen Marine Research is de grote hoeveelheid paling-dna in Loch Ness niet verbazingwekkend: „Paling zwemt overal waar het water in open verbinding staat met zee, dus ook in Loch Ness. De metingen zijn gedaan in juni 2018, net na de intrek van jonge paling (glasaal). In de herfst, tijdens de trek van de schieralen naar zee, had Gemmell nog meer paling-dna gemeten.”

Een reuzenpaling lijkt Winter „onwaarschijnlijk”. Ze worden niet langer dan 1,10 meter, vertelt hij. „De grootste die ooit is gevangen, in het Markermeer, was 1 meter 30 en zo dik als mijn dijbeen. Maar die had duidelijk een groeistoornis. Bovendien is dat nog steeds geen monster.”

Nota bene in de eigen data van Gemmell komt paling-dna alleen voor in ondiep water, en niet in de duistere diepten waar een monster zich zou schuilhouden. Ook dat wijst op gewone huis-, tuin en keukenpalingen.

Waarom dan toch die hype? Volgens een bericht in de Otago Daily Times heeft nog nooit enig ander onderzoek van Otago University wereldwijd zoveel aandacht getrokken in de media. „Het resulteerde in 2.396 artikelen in meer dan tien landen”, tekent de krant op uit een gesprek met hoofd communicatie van de universiteit Megan McPherson. „Dit stimuleert het profiel van de universiteit en de stad Dunedin als een excellente plek om onderzoek te doen, te studeren en te werken.” Een geslaagde publiciteitsstunt dus.