Opinie

Hé! Europa doet aan buitenland!

In Europa

Is u ook iets opgevallen aan de nieuwe Europese Commissie? Er komt een Eurocommissaris voor Defensie en industriepolitiek. Europese defensie en Europees industriebeleid waren tot voor kort taboe. En de combinatie van die twee al helemáál.

Er komt een Eurocommissaris om Europese digitale soevereiniteit af te dwingen tegenover Amerikaanse en Chinese high tech-bedrijven. Dit is nu een van Europa’s topprioriteiten. Toen Neelie Kroes de digitale baan kreeg, in 2010, was Den Haag nog teleurgesteld. Ze vonden dit een beetje een hobby-post.

Ook komen er Eurocommissarissen voor Crisismanagement buiten Europa, en ‘International Partnerships’. En een hoge Buitenlandvertegenwoordiger die „een sterker en autonomer Europa in de wereld” moet neerzetten.

Deze Commissie is, kortom, de Commissie van de geopolitiek. Van de krachtige Europese stem op het wereldtoneel. Interessant, want tot nogtoe wilden lidstaten daar Europa niet bij hebben. Hooguit als coördinator.

En nu stapt Europa toch op dat podium. Vijf jaar geleden zou dit ongelooflijk controversieel zijn geweest. Nu geen onvertogen woord, uit welke hoofdstad ook. Het enige schandaaltje deze week ging over de missie van de Griekse Eurocommissaris: „Bescherming van de Europese manier van leven”. Een storm in een glas water.

Vorige keer waren de sleutelposten bij de Commissie op interne zaken gericht. Economie, Financiën. We hadden zware crises gehad. Bankencrisis, eurocrisis, economische crisis. We moesten daar zo snel mogelijk uitkomen. Alles draaide om „jobs, jobs, jobs”. Als de economie aantrok, zouden de populisten een toontje lager zingen. De Commissie-Juncker noemde zichzelf de „Commissie van de laatste kans”.

Das war damals.

Europa heeft die interne branden gesmoord of uitgetrapt. De euro is springlevend, niemand heeft meer noodleningen, de werkloosheid is superlaag. Zelfs de migratiecrisis is geluwd: 95 procent minder aankomsten dan in 2015.

Intussen is de wereld veranderd. De nieuwe problemen komen niet meer alleen van binnen, maar vooral van buiten. Het klimaat. Een handelsoorlog tussen Amerika en China, die ons kan pletten. Cyberaanvallen op Europese publieke netwerken. Geen (kern)wapenafspraken meer. De NAVO, die bungelt. De Britten, die onze markt willen ondermijnen. Al die dingen maken dat Europeanen zich onveilig voelen. En iets willen doen.

Het is een klassieker: bedreigingen van buitenaf smeden binnenlandse eenheid. Nationale leiders voeren oorlog om aan de macht te blijven. Maar Europa moet oorlog juist voorkomen. Om relevant te blijven gaat het nu dit ‘model’ op het wereldtoneel promoten.

Sommigen roepen al jaren: Europeanen moeten mondiaal met één stem spreken! Maar het kwam er nooit op aan. Nu wel. Er zijn acute bedreigingen. Er moet iets gebeuren. Daarom raakt het argument ‘Europese soevereiniteit’ nu wél een snaar. Bij politici, en bij burgers. De denktank ECFR peilde 60.000 Europeanen en ontdekte: het vertrouwen van Europeanen in Amerika is helemaal weg, zelfs in Nederland. We willen neutraal en multilateraal blijven functioneren. Door het spierballengedrag van Amerika, Rusland en China groeit ons vertrouwen in de EU als geopolitieke actor: we hebben een reden om nationale bevoegdheden – defensie, veiligheid, klimaat – naar Brussel over te hevelen.

„De publieke opinie is geen rem meer op een meer coherente Europese buitenlandpolitiek”, stelt het ECFR-rapport. Vroeger blokkeerden onze politici een Europees buitenlandbeleid omdat „er geen draagvlak is”. Nu dat draagvlak er komt, moeten de politici het vertrouwen waarmaken. Aan het werk, dus.

Caroline de Gruyter schrijft wekelijks over politiek en Europa.