Zuinig energielabel betaalt zich terug bij verkoop huis

Woningmarkt Voor koophuizen met een duurzaam energielabel wordt meer betaald op de huizenmarkt, zo blijkt uit nieuw onderzoek.

Energielabel voor woonhuizen.
Energielabel voor woonhuizen. Foto Koen van Weel/ANP

Het verduurzamen van een huis betaalt zichzelf terug via een hogere verkoopprijs. Voor huizen met een duurzaam energielabel wordt een hogere prijs betaald. Omgekeerd worden woningen met een laag energielabel met een korting verkocht.

Dat concluderen twee economen van De Nederlandsche Bank (DNB) in een donderdag gepubliceerd onderzoek in economenvakblad ESB. De economen analyseerden tussen januari 2008 en december 2017 zo’n 444.000 huistransacties en berekenden wat de invloed van het energielabel was op die transacties.

Het extra bedrag dat huisverkopers kunnen vragen voor hun duurzame woning lijkt ongeveer gelijk te zijn aan de investeringskosten van de betreffende verduurzaming, zo blijkt uit de berekeningen.

Vergeleken met het middelste energielabel D, wordt voor een iets ‘groener’ huis met label C een meerprijs van 1,9 procent van de koopsom gevraagd. Een huis met label B levert 3 procent extra op.

De meerprijs bij het zuinigste energielabel A is slechts 1,7 procent. De onderzoekers vermoeden dat die uitkomst wordt veroorzaakt door „ruis in de data”. Maar het zou ook kunnen, zo schrijven ze, dat de allerzuinigste woningen kenmerken hebben die als negatief worden ervaren. Bijvoorbeeld het ontbreken van een gasfornuis of de aanwezigheid van een warmtepomp die luidruchtig is en veel ruimte inneemt.

Lees ook: Wat zijn de gevolgen van de kabinetsplannen voor woningmarkt?

Voor huizen met een lager label geldt: naarmate een huis minder zuinig is, is de koopsom lager. Een woning met label E kost 1 procent minder dan het middelste energielabel. Label F is 2 procent goedkoper en het laagste energielabel G liefst 6 procent. Op die manier wordt een huizenkoper in feite gecompenseerd voor toekomstige verbouwingskosten.

De prijsverschillen werden pas echt groot vanaf 2015. Sinds dat jaar zijn huisverkopers verplicht om de energiezuinigheid van hun huis uit te drukken in een energielabel. Tussen 2008 en 2014 schommelde de meerprijs voor een ‘groene’ woning (label A tot en met C) nog tussen de 2.000 en 5.000 euro ten opzichte van een ‘niet-groen’ label (D tot en met G). In 2015 was de meerprijs bijna 10.000 euro.

Sinds het verplichte energielabel worden huizenkopers „beter geïnformeerd over energie-efficiëntie”, zo schrijven de DNB-onderzoekers Jessica Havlínová en Dorinth van Dijk. Daarom concluderen ze dat het nut heeft om huizenkopers „zo goed mogelijk” te informeren over de energiezuinigheid van woningen.