Zoveel kansen, en toch die somberheid bij studenten

Arbeidsmarkt Ook al zijn er banen genoeg, de prestatiedruk onder studenten neemt toe, concludeert de SER. Vanwaar al die stress?

Studenten ervaren veel prestatiedruk, terwijl hun kansen op de arbeidsmarkt zijn gestegen.
Studenten ervaren veel prestatiedruk, terwijl hun kansen op de arbeidsmarkt zijn gestegen. Foto Dolph Cantrijn/HH

Al snel nadat ze haar rechtenstudie in Leiden was begonnen, ontdekte Dahran Coban (23) dat de stad meer te bieden had dan collegezalen en werkgroepen. In roeien vond ze een hobby en een sociaal netwerk. „Mijn studie vond ik toen minder interessant. Maar na twee jaar dacht ik: misschien moet ik tóch iets erbij gaan doen, voor mijn cv. Ik had niet bijster hoge cijfers.”

Ze werd actief in commissies en het bestuur van de roeivereniging. Op zeker moment was ze actief in vier verenigingen, coachte ze dagelijks een roeiteam, zat ze in de universiteitsraad én schreef haar scriptie. „Dat begon te wringen. Niet omdat het niet leuk was, maar omdat het allemaal te veel was. Achteraf gezien ben ik doorgeschoten.” De goede cv-intenties van Coban eindigden bij de studentenpsycholoog.

Minder gelukkig

De Sociaal-Economische Raad (SER) rapporteerde eind augustus dat studenten aan universiteiten en hogescholen steeds vaker prestatiedruk voelen. Ze geven aan gemiddeld drukker en minder gelukkig te zijn dan andere jongeren van dezelfde leeftijd. Van alle onderzochte studenten ervaart 71 procent aan prestatie gerelateerde stress, vooral bij de alfa- en gammastudies. Bètastudenten hebben het makkelijker: zorgen over werk zijn bij hen minder groot.

Marieke de Bakker, afdelingshoofd bij de directie Studenten, Onderwijs en Onderzoek van de Universiteit Utrecht, onderschrijft het beeld dat de SER schetst. Haar afdeling begeleidt studenten en onderhoudt contact met studieverenigingen.

Hoewel het „met de meeste studenten goed gaat”, ziet De Bakker dat studenten meer hulp vragen. Ze komen vaker langs bij studieadviseurs en psychologen. „De flexibilisering van de arbeidsmarkt, sociale media en bijbehorende vergelijkingscultuur, het vervallen van de prestatiebeurs: er zijn een hoop oorzaken voor die toename te noemen.” Vooral tijdens de masteropleiding groeit de prestatiedruk, want dan komt de arbeidsmarkt in zicht. „En dan zien we dat studenten heel veel doen.”

Tegelijk is de arbeidsmarkt historisch krap en staat een recordaantal vacatures open. Vooral hoger opgeleiden komen weer gemakkelijker aan een baan, en de laatste twee jaar neemt het aantal vaste contracten toe, aldus het Centraal Planbureau.

Hoe kan het dan dat studenten vaker prestatiedruk ervaren, terwijl hun baankansen beter zijn geworden?

Lees ook: Jongere voelt van alle kanten druk

Vergelijkingsdruk

„De arbeidsmarkt voor hoogopgeleiden is inderdaad gunstig”, zegt Didier Fouarge, hoogleraar arbeidsmarkt aan de Universiteit Maastricht. „Zij komen sneller aan een baan dan middelbaar en laagopgeleiden.” De manier waarop studenten zichzelf met anderen via sociale media vergelijken, verklaart volgens hem een deel van de druk die ze ervaren.

Maar studenten willen zich ook door hun cv onderscheiden, zegt Fouarge. „Werkgevers kijken vaker naar wat studenten naast hun studie doen, omdat competenties als analytisch denken, creativiteit en samenwerken met anderen steeds belangrijker worden op de werkvloer.”

En juist die vaardigheden blijken niet alleen uit een diploma. „We werken vaker in teams en je hebt uiteindelijk niks aan een iemand die niet kan overleggen met anderen”, zegt Fouarge.

Veel studenten hebben een overdreven negatief beeld over hun toekomst

Reinout Wiers hoogleraar

Reinout Wiers, hoogleraar ontwikkelingspsychopathologie aan de Universiteit van Amsterdam, ziet dat studenten zichzelf aan een streng regime onderwerpen. „Er zijn studenten die aan je bureau komen na een tentamen om te vragen of hun 7,5 niet een 8 kan worden.” Ook het benadrukken van allerlei extra activiteiten naast de studie is volgens Wiers een norm geworden. „Dat was in mijn tijd niet het geval.”

Cv-building

Wiers noemt dit „cv-building”: op allerlei terreinen proberen uit te blinken naast die studie. „Het is helemaal niet slecht dat mensen op tijd nadenken over wat ze willen ná hun opleiding. Maar het jammere is dat ze zichzelf soms zoveel opleggen dat er geen speelruimte meer is. En dan kunnen stress-gerelateerde klachten ontstaan.”

Een andere verklaring is volgens Fouarge van alle tijden. Afgestudeerden willen hun eerste baan niet zomaar kiezen, omdat die vaak bepalend is voor de rest van de loopbaan. „Hoogopgeleiden zijn kieskeuriger in dat proces, en volgens mij zijn ze dat altijd al geweest”, zegt Fouarge.

Volgens hoogleraar Wiers is het deels reëel dat studenten druk voelen, deels ook niet. Studenten móéten echt aan hogere verwachtingen voldoen dan voorheen, bijvoorbeeld door de afschaffing van de prestatiebeurs. Hierdoor moeten ze sneller afstuderen, of meer betalen voor hun studie. En dat laatste is voor velen geen optie.

Tegelijkertijd ziet Wiers dat de arbeidsmarkt voor veel hoogopgeleiden goed is, zeker voor de bètavakken. „Veel studenten hebben een overdreven negatief beeld over hun toekomst, ze zien hun positie te zwartgallig in.” Mogelijk speelt mee dat het bewustzijn over psychische klachten is gegroeid, waardoor studenten meer dan vroeger beseffen dat ze onder druk staan.

Studenten zijn zich inderdaad meer bewust van hun mentale gesteldheid, ziet De Bakker van de Universiteit Utrecht. En dat ze daardoor vaker bij psychologen van de universiteit aankloppen voor hulp, is volgens haar zo slecht nog niet. De Bakker: „Psychische klachten worden steeds meer besproken in de samenleving en onder jongeren. Dat heeft óók positieve uitwerkingen.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.