De aids haalde hem neer, maar de tuin van Derek Jarman haalde het wel

Kunst op reis Waar leefden kunstenaars? Op reis naar de plekken waar zij hun stempel drukten. Deze week filmkunstenaar Derek Jarman in Dungeness.

Foto Erik van Zuylen

Volg de landtong Dungeness langs badplaatsen waar op de stoepen voor de strandwinkels emmertjes en strandballen zichzelf verkopen en je vindt Prospect Cottage. De vissershut in Kent waar de Britse kunstenaar Derek Jarman (1942-1994) in 1986 750 pond voor betaalde en die hij ombouwde tot een onderkomen. Nader de voordeur en er snerpt een alarm. Een koperen plaatje waarschuwt: ‘Peering through windows is particularly unwelcome’ – gluren door de ramen wordt beslist niet gewaardeerd.

Maar de tuin, daar mag iedereen in.

Toen de filmer, dichter, beeldend kunstenaar, homorechtenactivist Jarman hiv-positief was bevonden, ging hij wonen in Dungeness. Deze tuin werd zijn laatste project: een daad van poëtisch verzet tegen de natuur. Want een tuin? Dat leek onmogelijk op de dikke laag grove kiezel die de zee hier sinds eeuwen heeft neergelegd. Jarman groef gaten, vulde ze met mest, plopte er planten in.

Het werkte, hij won. Er is een tuin, nog altijd. Begrensd door de kustweg, maar hij lijkt nergens op te houden, want een hek is er niet.

In Dungeness schijnt het felste zonlicht en valt de minste regen van heel het Verenigd Koninkrijk en vaak staat er een snijdende oostenwind. Maar nu schijnt de zon en bloeien de bloemen die Jarman, zoals hij beschrijft in Derek Jarman’s Garden, overhaalde om hier te komen groeien. Goudsbloemen. Klaprozen. Mimosa. Orchis. Vrachten blauwe bloemetjes waarvan ik de naam niet weet.

Foto Erik van Zuylen

Jarman identificeerde hartstocht, seks en schilderkunst met elkaar in de prachtfilm Caravaggio (1986). Hij werd langzaam blind en dat inspireerde hem tot de film Blue, anderhalf uur blauw scherm, met een dermate betoverende geluidsband eronder dat het niet lukt om je erbij te vervelen. Zijn eigen aangekondigde dood greep hij aan voor deze tuin. Net als hij ten dode opgeschreven. Maar de tuin moest overleven.

Hij plantte om te beginnen een hondsroos aan de achterkant van het zwartgeteerde visserhuisje. Hij stutte de struik met een stuk wrakhout en versierde hem met een snoer drijfkurk. Dat was het begin.

De tuin is hem gelukt en dat voelt als een triomf. Maar het maakt ook melancholiek. Hier liep Jarman rond, met zijn schepje en de oude tuinschaar die hij als jongen van zijn vader kreeg. Een hoed met brede rand moest zijn ogen beschermen want die verdroegen het licht steeds slechter. Ten slotte redde hij het niet meer. De aids haalde hem neer. Hij stierf in een ziekenhuis in Londen.

Een fantasie binnenstappen

Maar zijn tuin haalde het wel. Die is niet lieflijk, met zijn prikstruiken en vlezige bladeren. De bezoeker moet zelf maar uitmaken wat hier mooi is. En dat is alles, eigenlijk. Je ziet wat Jarman, die het tuinieren van hui suit meekreeg, heeft gemaakt en bedacht en uitgevonden. Het voelt of je zijn fantasie binnenstapt, maar om te beginnen zie je wat hij zag: achter het huisje steekt een kerncentrale af tegen de lege hemel. Aan de voorkant strekt zich een besteende vlakte uit, met plakken gras en mossen en scheepswrakken. Daarachter, zo’n tweehonderd meter verderop, ligt de zee lui te zijn.

Foto Erik van Zuylen

Jarman wandelde elke dag langs het strand en vond daar van alles om mee terug te nemen: drijfhout, krullen ijzerdraad, kurken, kabels, kiezels, de romp van een vissersboot. Daarmee ging hij aan de slag als de beeldend kunstenaar die hij ook was. Bloembedden kregen een halssnoer van verroeste ankerketting. Vuursteensplinters houden als drakentanden de wacht. Fragmenten glas en hout, die weer en wind lostrokken van schepen en steigers, vormde hij om tot sculpturen langs een pad richting kerncentrale, met als topstuk een meerpaal waar de zee de contouren van de Madonna in boetseerde.

Op de zuiderzijgevel van zijn huisje liet Jarman een gedicht van John Donne beeldhouwen, in houten schrijflettertjes. Het is een liefdesverklaring aan de opkomende zon, die ‘drukke ouwe gek’. Het is Jarmans laatste groet.

Prospect Cottage, Dungeness Road, Romney Marsh, Kent, VK. Vrij entrée. Derek Jarman’s Garden. Uitg. Thames & Hudson. Prijs 21 euro.