Recensie

Recensie Theater

Amsterdam Fringe: van mysterieus ritueel tot ondubbelzinnige veroordeling van racisme

Theater Naast het Theaterfestival speelt zich in Amsterdam ook het Fringe Festival af, met nieuwe en jonge makers. De Fringe biedt circa 70 voorstellingen op 25 locaties, in kleine theaters, een nachtclub of een kunstenaarssociëteit.

‘Een koe weet hoe zij moet bestaan’ van Zeelen en Provily, te zien op het Amsterdam Fringe Festival.
‘Een koe weet hoe zij moet bestaan’ van Zeelen en Provily, te zien op het Amsterdam Fringe Festival. Foto Annelies Verhelst

Acht mensen staan samengeklonterd op het podium, bijeengehouden door een buitenformaat slaapzak met uitsteeksels. Mede door de titel van de voorstelling, Een koe weet hoe zij moet bestaan, doet het geheel denk aan een uier. Ze lijken staand te slapen.

Totdat twee van hen het hoofd oprichten en in het spaarzame licht de blik omhoog wenden. Ze doen summier verslag van bewegingen die ze waarnemen, zonder te vermelden wie ze zien. Er gebeurt kennelijk iets, maar wat precies blijft onduidelijk. De anderen vallen bij, op één na. Op samenzang volgt een soort hoogtepunt, die het midden houdt tussen ontzetting en verrukking.

Daarna wordt dit geheel van handeling en gesprek nog twee keer wordt herhaald, met kleine variaties. Het is een absurdistisch universum dat Jurjen Zeelen en Dinda Provily (regie en tekst) creëren in deze voorstelling, met een stevige referentie aan de zinloosheid en leegte in het werk van Beckett. Is dit een mystieke poging nader tot god te komen, leven ze wel? Is dit een metafoor voor het leven? Er zit veel schoonheid en ongemak in de onbestemdheid van hun mysterieuze rituelen.

Wie achteraf de folder leest, krijgt helaas een pasklaar antwoord. Dat is jammer, evenals de scènes die nog volgen. Daarin komt de mensen los van hun gedeelde huid en worden ze individuen, zinloos rondscharrelend. De vorm verwatert, maar gelukkig blijft het raadsel van dit spannende experiment intact.

Racisme-kritiek

Geheel aan de andere kant van het theatrale spectrum bevindt zich de ondubbelzinnigheid waarmee de personages in Melanine ten strengste verboden van regisseur Gavin-Viano Fabri zich uitspreken over racisme en ander onrecht. Een ensemble van zeven zwarte acteurs en één witte spreken over de zwarte man en de Afrikaanse geschiedenis die niet voorkomt in de schoolboeken, over theaters en programmeurs die geen risico willen nemen en over homofobie („Jouw pro-black-standpunt is hypocriet”). Marco Borsato’s Dromen zijn bedrog wordt herschreven tot kritiek op onder andere de politie.

De scènes doorsnijden een terugkerend verhaal over zwarte mannen die in 1931 ten onrecht van verkrachting van twee witte vrouwen worden beschuldigd. Bovendien wordt de voorstelling geïntroduceerd als een minstrel show – 19e-eeuwse racistisch entertainment. Die introductie had wel meer uitwerking verdiend.

Door het fragmentarische karakter moet Melanine ten strengste verboden het hebben van enkele rake momenten, die mede ontstaan dankzij het aanstekelijke spel van enkele acteurs met potentie, zoals Roxana Verwey, Klein Biha en Perry Gits.

Een bezoek aan Kinderwunsch van Kollektiv Cahrpit onderstreept de grote variatie aan vormen op het Amsterdam Fringe Festival. Twee mannen dragen een jongetje, een tiener, die zijn positie beschrijft alsof hij zich in de baarmoeder bevindt. In langgerekte, liefdevolle bewegingen wordt beeldend een punt gemaakt van hun kinderwens.