Opinie

Clubs moeten open zijn over grof geweld bij amateurvoetbal

Agressie

Commentaar

Elk weekend beoefenen 1,2 miljoen Nederlanders als amateur de voetbalsport. Bij de één staat de prestatie voorop, de ander geniet er vooral van met vrienden een balletje te trappen. Sportiviteit staat niet bij iedereen voorop, niet iedereen toont zich een goede verliezer. Nog te vaak ontsporen wedstrijden. De (assistent-) scheidsrechter, van wie er 35.000 elk weekend actief zijn, is vaak een makkelijk doelwit.

Agressie in het amateurvoetbal beperkt zich al lang niet meer tot verbaal geweld. Er vallen harde klappen, en er wordt niet alleen tegen de bal geschopt. Nadat grensrechter Richard Nieuwenhuizen in 2012 als gevolg van zware mishandeling overleed, was er even hoop op een betere voetbalwereld. Zoiets mocht nooit meer gebeuren, zei KNVB-voorzitter Michael van Praag. Al snel lag er een actieplan voor het amateurvoetbal, om het ‘respect in het veld’ te bevorderen: zo werd in de recreatieve tak de tijdstrafregeling uitgebreid, bij risicoclubs moesten meer waarnemers worden ingezet en er kwam een meldpunt voor wanordelijkheden.

Maar wie ernstige gevallen van mishandeling in de afgelopen jaren nog eens tegen het licht houdt, zoals NRC dat nu heeft gedaan, verbaast zich erover dat er niet nog meer dodelijke slachtoffers op en rond de velden zijn gevallen. Hoewel veruit de meeste van de ongeveer 750.000 wedstrijden per jaar bij de amateurs zonder problemen verlopen, doen zich elk weekend wel excessen voor. Volgens de laatst bekende cijfers, van twee seizoenen geleden, werden er door het hele land in één jaar ongeveer 1.200 wedstrijden gestaakt.

Het officiële aantal gestaakte wedstrijden vormt blijkbaar het topje van de ijsberg. Veel incidenten worden niet aan de KNVB doorgegeven, vooral in de lagere regionen. Clubs houden incidenten geheim uit angst voor strenge straffen. Scheidsrechters maken geen officiële melding van het staken van een wedstrijd om in een toch al bedreigende sfeer verdere escalatie te voorkomen. Daardoor ontsnappen problemen aan de aandacht van de voetbalbond, die juist afhankelijk is van meldingen door clubs, spelers en scheidsrechters. Een eerste vereiste is dat clubs openheid betrachten – waarna scheidsrechters dat ook makkelijker zullen doen.

Het is verbazingwekkend dat er nog zo veel mannen en vrouwen zijn die met een fluitje tussen twee strijdende partijen willen gaan staan, niet zelden zonder dat daar enige vergoeding tegenover staat. Maar ze laten zich niet meer overal naartoe sturen, bleek uit een rondgang van NRC langs scheidsrechters. Wie uit vrees voor problemen niet bij een bepaalde club in de eigen regio wil fluiten, kan dat online bij de KNVB melden. Op 45 van de 3.200 verenigingen wordt extra gelet, bijvoorbeeld omdat ze een bovengemiddeld aantal tuchtzaken hebben lopen.

Lichtpuntjes zijn er ook: sinds de invoering van de VAR (video assistent referee) in de eredivisie en andere, internationale competities en toernooien worden beslissingen van de arbiter vaker zonder protesteren aanvaard; belangrijk met het oog op de voorbeeldfunctie van profs. En de onstuimige groei van het aantal voetballende meisjes en vrouwen leidt er binnen verenigingen hopelijk toe dat machogedrag minder wordt geaccepteerd en dat voetbal meer een sport wordt voor het hele gezin, met ook steeds minder familieleden langs de lijn die zich misdragen.

Volgende maand dient de landelijke Week van de Scheidsrechter zich weer aan. Het zou mooi zijn als dat evenement op den duur geschrapt kon worden omdat arbiters en hun assistenten een seizoen lang met respect worden behandeld – door spelers en publiek.