De verdachte die eerst zijn advocaat ontsloeg

Wie: Fikri (35)

Kwestie: straatroof, geweld

Waar: rechtbank Den Haag

De Zitting

Al in de eerste minuten van de strafzaak tegen veelpleger Fikri (35) staat de zitting op losse schroeven. Zodra hij naast zijn advocaat zit, begint Fikri hem luid uit te kafferen. Dat de advocaat niets voor hem heeft gedaan, dat hij nog altijd zijn dossier niet kreeg, dat hij pas net, in het cellenblok, even het NFI-rapport heeft kunnen zien met de analyse van dna-sporen uit zijn petje. Terwijl de vorige zitting werd geschorst, zodat hij dat goed zou kunnen lezen. Dat hij nooit de telefoon opnam, hoe vaak Fikri ook vanuit het huis van bewaring belde. Dat hij hem nóóit voor overleg is komen opzoeken. Dat hij zich niet heeft kunnen voorbereiden.

Fikri is woedend. Deze advocaat, „is een kanker-Marokkaan! Elf maanden niks! De waarheid is hard, man. Ik heb schijt aan jou, trek je terug”. Voortaan neemt hij alleen nog „Hollandse advocaten”.

Wat vindt u daarvan, vraagt de rechter aan de advocaat. „Ik word hier voor paal gezet”, zegt hij, en vraagt om een schorsing. Dan constateert hij dat er geen vertrouwen meer is bij zijn cliënt, die woedend zegt: „Jij moet de schuld niet bij mij leggen!” De advocaat mag vertrekken, wat hij snel doet. Waarna Fikri mag kiezen. Doorgaan zonder advocaat of uitstel zodat er een nieuwe advocaat kan worden geregeld. Hij zegt dat hij vooral wil weten wat de eis wordt en het vonnis „en dan ga ik meteen in hoger beroep”. Het duurt hem allemaal te lang, hij zit al sinds vorig najaar vast.

Fikri wil duidelijkheid. „Ik zal de vragen van de rechters en de officier beantwoorden, mevrouw”, zegt hij tegen de voorzitter. De rechters kijken elkaar aan – er lijkt twijfel. Maar dan volgt de beslissing: de zaak gaat door. De voorzitter begint het dossier samen te vatten en vraagt Fikri of hij „het heeft gedaan”. Die blijft bij zijn ontkenning.

Fikri zou in augustus vorig jaar kort op elkaar drie straatroven hebben gepleegd, waarvan hij bij één z’n petje verloor. De dader vluchtte op een fiets. Er zijn camerabeelden, getuigenverklaringen en publieksherkenningen na een oproep via TV West. En er is dus een forensisch dna-onderzoek verricht op dat achtergelaten petje. De sporen daarop zijn van twee personen – een onbekende en Fikri. „Ik heb zó veel petjes, dat kan best”, relativeert hij. Verder zou hij medeplichtig zijn geweest aan het stelen van een iPhone en het aftroggelen van 150 euro bij de eigenaar. Die zou dan z’n telefoon ‘meteen’ terug kunnen krijgen. Fikri raakt in verwarring als de officier interrumpeert om de tenlastelegging te veranderen. Hij krijgt net als de rechters en de griffier een geel formuliertje. Wat is dat, vraagt hij. De voorzitter zegt dat het „iets technisch juridisch” is en het inhoudelijk weinig uitmaakt.

Ook het juridische begrip ‘dwang’ leidt tot verwarring. Dat een slachtoffer van de telefoondiefstal onder druk zetten om te betalen volgens de wet ‘dwang’ heet, past niet in zijn belevingswereld. De voorzitter legt uit: nee, dat is niet dat je geweld hebt gebruikt of zo, maar meer zoiets als chantage, druk zetten. Zelf vond Fikri vooral dat hij behulpzaam was geweest. Hij wilde van het gezeur af en de kwestie zo „oplossen”. Hij wist wie de telefoon had gestolen. En ja, hij kon regelen dat die telefoon terugkwam. „Ik ben van de straat, wat dacht u!” zegt hij.

De officier eist twee jaar cel waarvan een half jaar voorwaardelijk, met verplichte begeleiding van de Reclassering, begeleid wonen en een aantal gedragsmaatregelen. Aan zijn gokverslaving moet ook iets gebeuren. Wat vindt Fikri er zelf van? Hoe kan de rechtbank ervoor zorgen „dat u hier niet blijft terugkomen?” Den Haag uit, denkt hij. Dat hij crimineel werd is de schuld van de buurt waarin hij opgroeide, bij Hollands Spoor. „Zo zijn we allemaal daar.” Heeft iedereen in uw familie dan ook zo’n strafblad vraagt een rechter. Nee, dat toch weer niet, erkent Fikri. Buiten Den Haag begeleid wonen en stoppen met gokken, dat zou zijn perspectief moeten zijn. En werken? Hij knikt gewillig, maar grijnst er ook bij. Wie zou hem willen?

Twee weken later veroordeelt de rechtbank hem tot 18 maanden cel, waarvan 6 voorwaardelijk. En alle maatregelen die de officier eiste.