Opinie

Pas op met ‘moet kunnen’ bij nazi-glamourtentoonstelling

Nazi-design De tentoonstelling over nazi-design in Den Bosch dreigt de aandacht af te leiden van de gruwelen die het regime beging, schrijft
Leden van de Bund deutscher Mädel dansen op het Reichsparteitaggelände in Neurenberg tijdens de partijdagen van de NSDAP, 1938.
Leden van de Bund deutscher Mädel dansen op het Reichsparteitaggelände in Neurenberg tijdens de partijdagen van de NSDAP, 1938. Foto Hugo Jaeger/Getty Images)

Het is precies een jaar geleden dat de Nederlandse vertaling van Mein Kampf verscheen. Echt iets voor specialisten, wist Trouw. Voor academische lezers, berichtte de Volkskrant. Het verboden boek voerde al snel de lijst met bestsellers aan en heeft intussen de zevende druk bereikt.

Lees ook: Design van het Derde Rijk geeft een beeld van de ongekende misdadigheid van het nazi-regime

Er is nieuwe belangstelling voor het fascisme, en dus was een opvolger van het boek te verwachten.

Op 8 september opende in Den Bosch de tentoonstelling Design van het Derde Rijk. De tentoonstelling werd met brede interesse ontvangen. Opmerkelijk, want deze expositie is een borderliner.

Nazi-design is „schitterend” en „efficiënt”, zei samensteller Timo de Rijk. We zijn gewend het „goede van kunst te tonen in musea”, en de fascistische ontwerpen worden ten onrechte miskend. „Alles is design”, ook het fascistische ontwerp voor de totalitaire wereld. Collega Almar Seinen vertelde dat hij een hakenkruis aan de muur had gehangen, om te zien hoe hem dat zou bevallen.

De eerlijkheid moet je ze nageven. Hier is hartstocht. De Rijk en Seinen vertellen dat zij de verleiding van de nazi-vormgeving voelen, en ze willen die extase ervaren. Zij vallen voor de esthetiek van het vergif. De Rijk en Seinen spelen een spel van overgave. En die verleiding willen ze iedereen laten ervaren.

De laatste maanden is het doel van de tentoonstelling geherformuleerd: dat is nu waarschuwen tegen het gevaar van het fascisme. Maar eerst was het doel de verleiding te tonen.

Deze tentoonstelling wordt een succes dankzij twee trends. De eerste is de libertaire trend van de jaren zeventig, toen taboes werden weggelachen. Sindsdien wil geen commentator overkomen als handhaver van een taboe, als moralist. ‘Moet kunnen’ dus. Voeg toe het triomferende liberalisme van de jaren negentig. Tegenstanders zijn ongevaarlijk en mogen dus de ruimte krijgen. Ten slotte de trend van het anti-liberalisme, dat helemaal niet verslagen is en veel nieuwsgierigheid en enthousiasme wekt. Door de libertaire trend wordt deze tentoonstelling toegelaten, door het liberalisme wordt ze een kassucces.

De tentoonstelling verleidt en waarschuwt de bezoeker. Maar is de waarschuwing echt?

Lees ook: Gelieve in deze zaal geen nazi-selfie te maken

Wie kwetsbare meisjes wil waarschuwen tegen loverboys, toont hun geen film van charmante ventjes met dure auto’s om dan onder ieder shot te schrijven: „Pas op, gevaarlijk!” Dat werkt averechts. De expositie in Den Bosch vertoont de meest indrukwekkende posters, verleidelijke films, en levert dan de bijsluiter in de vorm van tekst. Maar tekst verliest van een ‘experience’. Dat was juist de innovatie van Adolf Hitler, beschreven in het boek uit 1925: de aanstaande dictator vermeed iedere argumentatie. Want argumentatie werkte niet. De nazi's mobiliseerden de emotie.

De nijptang van het nazisme

Dus op grond van deze inzichten, die onderdeel zijn van de expositie, gaat de door het museum gekozen methode van waarschuwen niet werken.

Als verleiding en intimidatie de twee poten waren van wat we maar even de nijptang van de nazi’s noemen, dan laat Den Bosch wél de ene poot (verleiding) ervaren en noemt die prachtig bovendien, maar de andere poot (het geweld) kan ze niet laten ervaren.

Het is onmogelijk het nazi-vertoon te laten zien zonder er opnieuw indruk mee te maken, en dat is precies waarom we er al die decennia een taboe op nahielden.

De waarschuwing is niet oprecht, en de kritiek op de tentoonstelling moet dat gewoon benoemen.

Dus niet verbieden, ook niet omhelzen. Maar naar de details kijken. En naar het effect van zo’n expositie.

Politieke makelaars als Steve Bannon, Matteo Salvini, Marion Marechal-Le Pen (het nichtje) en Bjorn Höcke (AfD) bouwen aan een brug: een brug die gematigd rechts moet verbinden met anti-democratisch rechts. Het moet weer mogelijk worden om te zeggen: rechts verenigt meerdere stromingen, waaronder het fascisme.

Het moet volgens hen weer mogelijk worden om te zeggen: het fascisme had prima kanten.

Om dit te bereiken is een splitsing nodig van het historische fascisme: een te verwerpen deel (‘de fouten’) en een te herwaarderen deel (‘het bruikbare gedeelte’). De tentoonstelling in Den Bosch doet onbedoeld iets dat in het verlengde ervan ligt: het splitst het nazisme in een ‘prachtig’ deel , ‘het design, de efficiëntie, de schoonheid’; en een verwerpelijk gedeelte: het geweld en de misdaden.

Het belang van deze expo is haar actualiteit: niet door te waarschuwen maar door onbedoeld bij te dragen aan de herwaardering van een deel van de erfenis van het fascisme. Hoeveel tekstjes met waarschuwingen er ook rond iedere poster worden geplakt.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.