Aandeel Nederlandse export naar EU-landen neemt iets af

Het percentage van de goederenuitvoer dat naar EU-landen gaat neemt wel toe, maar de export naar andere continenten groeit nog harder.

Containers in de haven va Rotterdam.
Containers in de haven va Rotterdam. Foto Koen van Weel/ANP

Het aandeel van de Nederlandse export dat naar landen van de Europese Unie gaat, is sinds 2010 afgenomen. Dat jaar ging nog bijna driekwart van alle Nederlandse aardappelen, tulpen en chipmachines naar EU-partners. In 2018 was dit 71 procent. De EU is wel nog steeds veruit de belangrijkste afzetmarkt voor Nederlandse producten.

Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) maandag. Dat het aandeel van de uitvoer naar Duitsland, Italië en andere EU-landen minder is geworden, komt vooral doordat de export naar onder meer Azië en Noord-Amerika nóg harder is gegroeid. In absolute zin groeide de EU-export met 74 miljard euro. Procentueel is die toename lager (27 procent) dan bij de export naar Noord-Amerika (50 procent), Azië (67 procent), Afrika (42 procent) en Oceanië (30 procent)

Belangrijkste exportbestemmingen

De totale Nederlandse goederenuitvoer nam toe van 371,5 miljard euro in 2010 tot 496 miljard euro in 2018. Daarvan ging bijna 11 procent naar Azië en 8 procent naar Noord-Amerika. De belangrijkste exportbestemmingen voor Nederland zijn Duitsland (23 procent), België (10 procent) en het Verenigd Koninkrijk (8 procent).

Het CBS keek ook naar hoe belangrijk Nederland is als handelspartner voor andere landen. Dat deed het statistiekbureau door per land waar Nederland handel mee drijft de in- en uitvoerstromen samen te voegen. België heeft met 14,5 procent het grootste aandeel Nederland in zijn goederenhandel. Daarna volgen IJsland, Aruba en Mozambique. Het CBS berekende dat gemiddeld 3 procent van de wereldwijde goederenhandel met Nederland is.

Correctie (9 september 2019): In een eerdere versie van dit bericht stond abusievelijk vermeld dat het ging om 496 miljoen euro, hierboven is dat aangepast.