Brieven

Geen stressgeneratie maar zeurgeneratie

Illustratie
Illustratie Cyprian Koscielniak

Wat is dat toch voor feitenvrij gepraat over een ‘stressgeneratie’ (Jongere voelt van alle kanten druk, 29/8). De feiten zijn de volgende.

1. Het nationaal inkomen per hoofd van de bevolking is vanaf 1945 vrijwel onafgebroken gestegen. Elke volgende jaargang heeft het beter dan de voorgaande.

2. De twintigers, dertigers en veertigers van nu zijn bijna allemaal tweeverdieners. Dat betekent een hoger inkomen nu en een veel hoger pensioeninkomen straks.

3. Een groot deel van diezelfde groep erft te zijner tijd het huis van hun ouders. Hun vermogensperspectief is gunstig.

4 In de jaren vijftig, zestig en zeventig van de vorige eeuw bestond de studiebeurs voor studenten aan de universiteit (alleen zij kregen een studiebeurs) uit een renteloze lening. Ja, dan had je aan het einde van je studie een schuld. Vond je dat vervelend? Neen, je voelde je al bevoorrecht dat je een studiebeurs kreeg.

5 Na het afstuderen volgde voor jongens eerst de militaire dienstplicht, 16 maanden. Daarna werken. Tot diep in de jaren zeventig kreeg je eerst vier jaar een tijdelijk contract aangeboden, pas daarna volgde een vast contract.

Het is dat ik in een zeer goede bui ben (Feyenoord heeft al twee keer achter elkaar gewonnen), anders zou ik zeggen: Stressgeneratie? Neen, een zeurgeneratie.