Hulp bij seksverslaving drukt ook de zorgkosten

Preventie De hiv-kliniek van het Radboudumc zag steeds patiënten terugkomen met soa’s. Dat leidde tot een therapie die straks voor alle seksverslaafden beschikbaar wordt.

Illustratie Tom Wientjes

Op de hiv-kliniek van het Radboudumc in Nijmegen wekte het nogal wat verontrusting. Een klein deel van de patiënten die door virusremmers hun hiv onder controle hadden, bleek bij controles herhaaldelijk seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s) opgelopen te hebben. En daarvoor hadden ze weer andere medicijnen nodig.

„Hiv is tegenwoordig uitstekend behandelbaar. Door de virusremmers kunnen mensen met hiv gewoon 80 worden”, zegt André van der Ven, internist van de hiv-kliniek. „Door onveilige seks komt een deel van hen echter terug met soa’s als chlamydia of met hepatitis C.”

Behandeling is soms duur, zeker van hepatitis C, een aandoening die de lever ernstig kan aantasten. Behandelkosten van deze ziekte: gemiddeld 50.000 tot 75.000 euro per patiënt.

In Nederland hebben naar schatting 23.000 mensen het aids-virus hiv. Onderzoek in 2017 wees uit dat zo’n 12 procent van hen ook in aanraking is geweest met hepatitis C. Een simpel rekensommetje leert dan dat, ruw geschat, de behandelkosten daarvan 138 miljoen tot 207 miljoen euro hebben bedragen.

Van der Ven en zijn staf konden ook vaststellen dat lang niet al deze patiënten altijd gelukkig waren met hun seksleven, dat een hoger risico op deze besmettelijke ziekte gaf. Maar seks was soms een vluchtmiddel geworden, of had zich ontwikkeld tot een verslaving. „Bij een deel van de patiënten zagen we veel psychische klachten, zoals een lager zelfbeeld, depressiviteit of drugsmisbruik.”

De medici van de hiv-kliniek zijn echter geen psychiaters. Zij wisten niet hoe ze hun patiënten van die psychische klachten af konden helpen.

Van der Ven zocht contact met Arnt Schellekens, hoofd verslavingszorg van het Radboudumc. Ze hadden acht jaar geleden samengewerkt in Indonesië, in een project met drugsverslaafde hiv-patiënten. Als ze zo ver van huis met succes konden samenwerken, waarom zouden twee afdelingen van hetzelfde ziekenhuis dat niet in Nederland kunnen? Samen zou het wellicht lukken deze groep patiënten met hiv en psychische klachten te helpen.

Gedragsstoornis

Bij seksverslaving gaat het niet om zomaar overmatig plezier in seks, maar volgens de gangbare definitie om „een dwangmatige seksuele gedragsstoornis, gekenmerkt door een aanhoudend onvermogen om hevige, herhaalde seksuele impulsen of driften te beheersen”.

Bovendien kan die seksverslaving gepaard gaan met stevig gebruik van drugs als crystal meth, ketamine en GHB tijdens de seks, ook wel chemsex genoemd. Een recente publicatie van Soa Aids Nederland constateert dat „door het sterk ontremmende karakter van drugs” voornemens om seks veilig te houden en risico’s te beperken plaats kunnen maken voor seksueel risicogedrag. „Tal van onderzoeken hebben een relatie tussen chemsex en seksueel risicogedrag vastgesteld, en aangetoond dat er in seksuele netwerken waar drugs worden gebruikt meer soa’s als hiv en hepatitis C voorkomen”, zo meldt het rapport, Tina en slammen,

Schellekens: „We wisten uit dat onderzoek ook dat mensen vaak wel anders willen. Hun seks- en drugsverslaving gaat ten koste van hun werk, hun gezin en psychisch welzijn. Maar ze weten niet waar ze terechtkunnen. Bij de hiv-kliniek hebben ze beperkte expertise in het behandelen van verslavingen. De huisarts is er ook niet op toegerust.”

Schellekens en Van der Ven besloten onderzoek op te zetten naar een gedragstherapie voor mannen met hiv en terugkerend seksueel risicogedrag. Doel: hen helpen impulsen te reguleren en met negatieve emoties om te gaan.

Alleen, hoe kom je aan geld voor zo’n project? Zorgverzekeraars zouden de kosten van deze behandeling niet zomaar vergoeden, en fondsen zijn er niet makkelijk voor aan te boren. Uitkomst bood uiteindelijk de projectgroep Betaalbaar Beter, ingesteld door het eigen ziekenhuis en verzekeraar VGZ om vernieuwende initiatieven te steunen, die beter zijn voor de patiënt en zorgkosten kunnen besparen. Van der Ven en Schellekens stelden er hun idee voor als preventieproject.

Van der Ven: „De insteek was dat je door onze interventie de kwaliteit van leven van deze patiënten verbetert en hepatitis C-infecties voorkomt. Daardoor zouden de kosten van het onderzoek snel kunnen worden terugverdiend.”

Uit de 700 patiënten van de hiv-kliniek in Nijmegen identificeerden Van der Ven en zijn collega’s 70 mannen als doelgroep. Maar velen wezen de uitnodiging voor de groepssessies af.

„Ze waren bang voor hun privacy, vonden het moeilijk over hun problemen te praten of stelden dat ze geen probleem hadden”, verklaart Schellekens. „Sommigen hebben een belangrijke baan en vreesden dat hun naam zou uitlekken. De angst voor stigmatisering onder patiënten met een hiv-infectie is groot.”

Impulsregulatie

Twee groepen van zeven man volgden in 2017 en 2018 in tien sessies de therapie. Die is gebaseerd op groepsbehandelingen voor impulsregulatie en verslavingsproblematiek, vertelt promovendus Rachel Arends, die het project uitvoerde. „Uit ons eerder onderzoek bleek dat deze groep patiënten vaak impulsiever is en meer gericht op beloning op de korte termijn. De bedoeling is dat de patiënten na de therapie minder de seks en drugs gebruiken om met stress en negatieve emoties om te gaan.”

Arends moet haar promotie-onderzoek nog voltooien en is dus voorzichtig met het delen van resultaten. Ongeveer 80 procent van de deelnemers geeft aan dat ze baat hebben gehad bij de sessies en anders zijn gaan handelen, zegt ze.

Een succes dus? Ja, zo lijkt het. Hoewel er geen nieuwe sessies bij de kliniek komen – de groep potentiële deelnemers is te klein – zijn de ambities van de aanbieders juist groter geworden. Het Radboudumc wil met de lessen van de twee groepen een veel grotere en bredere doelgroep gaan bedienen.

Ze waren bang voor hun privacy. Sommigen hebben een belangrijke baan

Arnt Schellekens hoofd verslavingszorg

Schellekens: „Seksverslaving en de samenhang met drugsgebruik zijn een breder maatschappelijk probleem. Seksueel risicogedrag en gebruik van alcohol en drugs voor of tijdens seks komen onder de algemene bevolking vaker voor dan bij homoseksuele mannen, blijkt uit onderzoeken van de soa-poli’s bij GGD’en.”

Arends heeft daarom op basis van de opgedane ervaringen een online-therapie ontworpen, die op dit moment wordt getest. Dat gebeurt samen met Tactus, een zorginstelling voor verslavingszorg, die al sinds 2004 veel ervaring heeft met onlinetherapie voor alcohol- , cannabis-, gok- en gameverslaving en eetstoornissen. „Ook die therapieën zijn op wetenschappelijke basis ontwikkeld”, licht Hans Keizer toe, manager ontwikkeling en advies van Tactus.

Bij de onlinetherapie heeft de patiënt contact met één vaste behandelaar. Die behandelaar is niet tegelijkertijd online, maar geeft de patiënt wel steeds snel antwoord. Het contact is zo anoniem mogelijk.

Keizer: „Bij deze doelgroep is dat heel belangrijk. Juist ook omdat het vaak gaat om mensen met goede maatschappelijke posities. Als het anoniem is, zijn ze eerder geneigd een verslavingstherapie te volgen.”

Anonimiteit heeft een prijs. De cursus zal ongeveer 2.000 euro gaan kosten per verslaafde patiënt, en mogelijk kan die bij de zorgverzekeraar worden gedeclareerd. Daarover voert Tactus gesprekken. „Maar als zij gaan vergoeden, wordt anonimiteit lastig”, zegt Keizer. De verzekeraar wil immers wel weten voor wie hij betaalt.

Of het overleg met de verzekeraars succesvol afloopt, weet hij niet. „Zorgverzekeraars denken nog vaak dat internetbehandeling vooral een besparing oplevert. Maar het traject is intensief. Het duurt snel drie, vier maanden en vergt veel behandeltijd van een therapeut.”

Keizer verwacht dat de therapie voor seksverslaving vanaf volgend voorjaar te volgen is. Ook hij ziet een grotere doelgroep dan alleen mannen met hiv. „Er zijn ook veel heteroseksuelen die kampen met een seksverslaving.”