Gratieverzoek schutter Delfts café ’t Koetsiertje afgewezen

Cevdet Y. schoot begin jaren tachtig zes mensen dood, onder wie een 12-jarig meisje. Het is nog niet duidelijk waarom zijn gratieverzoek is afgewezen.

Naast de zes doden, onder wie een meisje van 12 jaar oud, vielen er ook vier gewonden.
Naast de zes doden, onder wie een meisje van 12 jaar oud, vielen er ook vier gewonden. Foto ANP

De man die in 1983 zes mensen doodschoot in café ’t Koetsiertje in Delft, krijgt toch geen gratie. Dat bevestigt de advocaat van de tot levenslang veroordeelde Cevdet Y. donderdag aan NRC naar aanleiding van berichtgeving door het AD. De raadsman wil niet zeggen waarom het verzoek is afgewezen. Hij beraadt zich nog op vervolgstappen.

Het in 2017 ingediende verzoek werd in februari al afgewezen door minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD). Een rechter verwierp dat besluit afgelopen april, omdat het gerechtshof in Den Haag eerder juist de vrijlating van Y. had geadviseerd. Van zo’n advies kan de staat alleen in bijzondere omstandigheden afwijken. Daarvan was geen sprake, aldus het hof.

De in Turkije geboren Y. schoot zes mensen dood nadat hij in ’t Koetsiertje ruzie had gekregen met een andere bezoeker. Onder de doden was ook een 12-jarig meisje. Waarom Y. besloot te schieten, is nooit duidelijk geworden. Zelf zei Y. dat een racistische opmerking van de cafébezoeker de aanleiding was.

Zelden ingewilligd

In 1984 werd Y., ook wel bekend als ‘Ted de Turk’, veroordeeld tot levenslang. In hoger beroep werd hij schuldig bevonden aan moord en vijfmaal doodslag. In 2001 werd Y. opgenomen in een tbs-kliniek, sinds 2014 woont hij als onderdeel van een reïntegratietraject onder toezicht buiten de gevangenis.

Levenslanggestraften kunnen alleen vrijkomen als ze een gratieverzoek indienen. Gratieverlening gebeurt uiteindelijk per koninklijk besluit, op advies van de minister van Rechtsbescherming.

Gratieverzoeken worden de voorbije decennia nog maar zeer zelden ingewilligd. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) waarschuwde in 2013 dat levenslange opsluiting zonder perspectief op vrijlating onmenselijk is. Rechters zijn sindsdien terughoudender geworden met het opleggen van de straf. Eind 2017 bepaalde de Hoge Raad echter dat levenslang wel degelijk een geoorloofde straf is, omdat veroordeelden voldoende zicht op gratie hebben.