Opinie

Het voorrecht om de Nederlandse identiteit te hebben

Clarice Gargard

Voor sommigen is klimaatverandering het grootste probleem van deze tijd, of de groeiende kloof tussen arm en rijk. Voor anderen is het misschien de terugkeer van witte supremacisten in de mainstream van het publieke debat. Maar niets is zo erg als de zogenoemde teloorgang van de Nederlandse identiteit. Althans, als we minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) in zijn H.J. Schoo-lezing moeten geloven.

Afgelopen week mocht de minister deze lezing geven, door Elsevier georganiseerd en vernoemd naar wijlen H.J. Schoo, journalist en columnist. Hoekstra betreurde daarin het verval van de middenklasse. Dat zou onder andere door baanonzekerheid en hoge studiekosten komen. Dat afbraak van sociale zekerheden door rechts-conservatieve politieke partijen – waaronder het CDA – aan economische onzekerheid bijdraagt, liet hij maar even achterwege.

Maar vooral migranten moesten het weer eens ontgelden. De niet-westerse migrant die zich niet aanpast aan de Nederlandse cultuur, zou eigenhandig bijdragen aan de ondergang ervan. Best knap voor hoogstens 13 procent van de bevolking.

Toch moest het gezegd worden. Alsof we dezelfde politieke retoriek over de integratie van minderheden niet al sinds de jaren negentig – onder andere geïnitieerd door voormalig VVD-leider Frits Bolkestein – onophoudelijk hebben moeten aanhoren. Opdat we te midden van een klimaatcrisis niet vergeten wat – of beter gezegd wie – het echte gevaar is, voor het leven zoals we dat kennen.

De minister nam ons via de fictieve zeventiende-eeuwse tijdreiziger Anna bij de hand, om het Nederland van zijn dromen te tonen.

We reisden met Anna van de zeventiende eeuw naar de wederopbouwtijd na de Tweede Wereldoorlog en maakten in een paar eeuwen de verankering van de vrijheid van meningsuiting en religie in de Grondwet mee.

We reisden niet naar de Goudkust, waar zwarte mannen en vrouwen vanuit bijvoorbeeld het fort Elmina hun lichamen door piepkleine gaatjes moesten persen, en tot slaaf gemaakt naar Curaçao of Suriname verscheept werden. We reisden ook niet naar Nederlands-Indië, waar oorspronkelijke bewoners door koloniale overheersers onderdrukt werden.

De lezing draaide voornamelijk om de superieure handelsgeest en innovatie van Nederland, die ervoor gezorgd heeft dat het leven hier gemakkelijker werd. Zonder te benoemen wier levens erdoor bemoeilijkt werden.

De Nederlandse vernieuwing heeft ertoe geleid dat Nederlander zijn een voorrecht is, volgens Hoekstra. Waardoor iedereen die hier over de drempel komt verteld mag worden dat ze hier mogen blijven, onder „heldere voorwaarden”. Zoals verdraagzaamheid, het betalen van belasting en de taal spreken.

Lees ook: Onze nationale identiteit: van opblaaskroon tot vrijheid

Behalve als je een multinational bent natuurlijk. Dan hoeven je internationale medewerkers niet altijd Nederlands te leren en word je soms gematst met belasting betalen. De voorwaarden zijn dan iets troebeler.

Het klopt uiteraard dat Nederland een relatief prettig land is om in te wonen. Daar verandert de komst van migranten weinig aan. Integendeel, ik denk dat alleen al het avondeten er smakelijker van wordt. Als wie je denkt te zijn als land echter afhangt van hoe superieur je je kunt opstellen ten opzichte van anderen die niet zijn zoals jij, is het misschien inderdaad tijd om de Nederlandse identiteit opnieuw te definiëren.

Wat ik eigenlijk tegen Hoekstra zou willen zeggen, en ik vermoed dat Anna – die inmiddels veel van dezelfde retoriek gehoord heeft – het met me eens zou zijn: was het met al uw Nederlandse innovatie nou echt zo moeilijk om iets nieuws te bedenken?

Clarice Gargard is programmamaker en freelance journalist.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.