Brieven

Brieven

foto anp roos koole

Toegegeven: ik kan er niet over oordelen, ik heb nooit bij het OM gewerkt en ben ook nooit voor het hekje verschenen. Dus neem ik zonder meer aan dat Charles van der Voort een competente (hoofd)officier van justitie is geweest. Wat me tegen de borst stuit in zijn afscheidsinterview (30 jaar boevenvanger, nu strafrechtadvocaat, 31/9), is hoe bij het ministerie van Justitie en Veiligheid wordt omgesprongen met een fin de carrière, oftewel: ‘Daar is het gat van de deur’. Van der Voort moest, terecht of niet, weg na rumoer over zijn personeelsbeleid en wordt – met een administratief leugentje, schrijft de krant – toegevoegd aan het Parket-Generaal in Den Haag, waar hij geen dag werkt, en krijgt wat functies aangeboden. Dat leidt niet tot een akkoord – maar verhindert doorbetaling niet, neem ik aan – en mondt, cynisch verwoord, uit in eindeloze sessies op de sportschool en een verbetering van zijn handicap op een Brabantse golfclub, om zijn „buikje” weg te werken. Alsof het niet genoeg is om de lezer te verbazen, lezen we dat Van der Voort met een partner en zonder noemenswaardige overgangs- of afkoelingsperiode een advocatenkantoor begint en „een heel prettige regeling” meekrijgt, waarvan de details (gemeenschapsgeld, ach wat maakt het uit) ons worden onthouden. Er is veel mis op het departement. Maar dit slaat alles.