Amsterdam gaat boetes uitdelen aan lachgasverkopers op straat

Volgens burgemeester Femke Halsema valt lachgasverkoop onder het ventverbod. Andere gemeenten pakten de handel van het gas eerder ook op deze manier aan.

Een ballon wordt gevuld met lachgas.
Een ballon wordt gevuld met lachgas. Foto Niels Wenstedt/ANP

De gemeente Amsterdam gaat boetes uitdelen aan lachgasverkopers op straat. Burgemeester Femke Halsema kondigde dat dinsdag aan in een brief aan de gemeenteraad. De verkoop van lachgas in de openbare ruimte kan volgens Halsema beboet worden onder het ventverbod.

De burgemeester schrijft dat de overlast van lachgasverkoop „met name in de binnenstad sinds een aantal maanden een enorme vlucht heeft genomen”. De verkopers zouden zich schuldig maken aan intimiderend gedrag, gebruikers aan hinderlijk gedrag. Verder hekelt Halsema de vervuiling op straat, mensen rondom verkooppunten die de weg blokkeren en het geluid van het vullen van ballonnen.

Lachgas is sinds 2016 vrij verkoopbaar. Sindsdien worstelen gemeentes met bestrijding van de toenemende overlast. Maar, schrijft Halsema dinsdag, de verkoop op straat valt onder het ventverbod en kan daardoor bestraft worden met een boete. Bovenop de boete kan een dwangsom komen. In andere Nederlandse gemeentes is eerder ook al het ventverbod ingezet tegen lachgasverkoop.

Online transacties

In de brief schrijft Halsema expliciet dat „ook als de bestelling en de geldtransactie online plaatsvindt”, dit onder het ventverbod valt. Sommige straatverkopers van lachgas handelen de geldtransactie online af. Maar, zegt een woordvoerder van Halsema: „Hoe je ook afrekent, verkoop is verkoop.”

Naast het uitdelen van boetes gaat de gemeente in vergunningen voor evenementen laten opnemen dat lachgasverkoop verboden is. Ook schrijft Halsema dat meer nadruk wordt gelegd op preventie. Zo wil de gemeente zich meer gaan richten op het voorlichten van jongeren over de risico’s van lachgasgebruik. Bij extreem gebruik kunnen bijvoorbeeld verlammingsverschijnselen optreden.

Halsema schrijft in de brief dat er ook signalen zijn dat lachgas vanuit winkels wordt verkocht. Daar kan de gemeente voorlopig niets aan doen. „Het college bekijkt welke (juridische) mogelijkheden er zijn om hier eventueel tegen op te treden.”

Lees ook: De lachgaskoning van Amsterdam