Recensie

Recensie Film

Addergebroed of slachtoffer?

Arthouse ‘Monos’ is van een wrede, vervreemdende, surrealistische schoonheid en gaat over een bende kindsoldaten die ronddoolt in de bergen.

De kinderen in ‘Monos’ doden de tijd onder meer met naar de radio luisteren.
De kinderen in ‘Monos’ doden de tijd onder meer met naar de radio luisteren.

Over de bergen van het naamloze Latijns-Amerikaanse land waaien wolken die soms wel golven lijken. Ze stromen en woelen over de toppen. De bende kindsoldaten uit Monos leeft tussen de wolken. Contouren: Rambo, Boom Boom, Lady, Smurf. Het is alsof ze hun namen aan een game hebben ontleend, maar er komen echte kogels uit hun wapens.

De derde film van de Colombiaans-Ecuadoriaanse regisseur Alejandro Landes (1980) kan niet méér afwijken van zijn vorige twee: documentaire Cocalero, over de strijd van Colombiaanse boeren en het semi-documentaire Porfirio. Die laatste film was ook in Nederland te zien: een waargebeurd maar door de echte hoofdpersonen nagespeeld verhaal over een invalide man die in een rolstoel zit en met een granaat in zijn incontinentieluier een vliegtuig kaapt om zijn uitkering op te eisen.

Monos golft weg van het realisme van die eerdere films en is van een wrede, vervreemdende, surrealistische schoonheid. Hier zijn het de beelden die het verhaal opeisen, dat zich ergens in het duistere niemandsland tussen Lord of the Flies and Francis Ford Coppola’s Apocalypse Now afspeelt.

De groep kinderen en jongvolwassenen die de film opvoert zijn al heel lang aan hun lot overgelaten. Komen de berichten die ze via de radio verwachten van hun krankzinnige ‘Kolonel Kurtz’, zoals Marlon Brando in Coppola’s film vanuit zijn jungle angst en wanorde zaaide? Of zijn ze zijn gedegenereerde addergebroed?

Behalve met naar de radio luisteren doden de kinderen hun tijd met bizarre drills en (seksuele) rituelen, het bewaken van een Amerikaanse gijzelaarster, het in leven houden van melkkoe Shakira en het leegschieten van hun machinegeweren. Dat gaat dus fout.

Lees ook een interview met regisseur Alejandro Landes over ‘Monos’

Behalve het verslag van hun paranoia en collectieve breakdown is Monos ook een film vol van een vreemde tederheid. Om te beginnen geeft de film je voldoende tijd om de kinderen in al hun honger, hun onrust, hun trauma en complexiteit te bekijken. Nee, niet bekijken, want de camera filmt weliswaar hun buitenkant, maar we ervaren ook wat ze voelen als we naar ze kijken. Naast ontreddering ook sprankelingen van iets wat je oorspronkelijkheid of onbevangenheid zou kunnen noemen.

Fenomenaal is een scène waarin drie van hen hallucinogene paddestoelen in de modder vinden. Die ze eten. Misschien weten ze wat ze doen. Misschien grabbelen ze ook zomaar alles wat op hun pad komt bij elkaar. Want dat is de eerste wet van overleven.

De mysterieuze trip die volgt verbeeldt subtiel de wanhoop van het paradijs, waar zwartgeblakerde engelen al de hitte van de hel voelen die de wereld opslokt. Wat dat betreft is deze film ook een portret van een generatie.