Opinie

Politici, het terugdringen van het roken is nu aan jullie

Sinds de presentatie van het Preventieakkoord zijn alweer vijftienduizend Nederlanders overleden aan roken, schrijven . Hoog tijd voor wetgeving.
Illustratie NRC

Dinsdag is de Tweede Kamer terug van het zomerreces. Eén van de eerste punten op de agenda: het Nationaal Preventieakkoord, dat roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik moet aanpakken. Driekwart jaar geleden werd dit akkoord van overheid en zeventig organisaties gepresenteerd, en het Kamerdebat wordt dan ook hoog tijd. Sinds de presentatie zijn in ons land zo’n vijftienduizend bekende en minder bekende Nederlanders onnodig overleden aan de gevolgen van roken en circa 45 baby’s aan de gevolgen van meeroken tijdens de zwangerschap. Ook zijn weer ruim twintigduizend tieners met roken begonnen. Zij vervangen de overleden rokers en verzekeren niet alleen de tabaksindustrie, maar ook de Rijksoverheid én medici de komende jaren van forse inkomsten.

Jaarlijks levert de verkoop van tabak de Rijksoverheid ongeveer drieënhalf miljard euro per jaar aan inkomsten op. Rokers genereren tegelijkertijd ook zo’n drieënhalf miljard hogere zorgkosten per jaar, hetgeen een flinke inkomstenbron voor de zorg en dus voor ons artsen is. Maar willen wij nog langer geld verdienen aan rokers?

Lees ook: Stapjes op weg naar gezond gedrag

Als artsen zien wij iedere dag de dramatische effecten van tabaksverslaving, en wij weten uit ervaring wat een groot deel van de rokende tieners later te wachten staat. Denk hierbij aan het amputeren van hun onderbenen, acute ziekenhuisopnames van bijna stikkende patiënten met longemfyseem of het plaatsen van stents bij patiënten die net gereanimeerd zijn vanwege een acuut hartinfarct.

De bijna zestigduizend Nederlandse artsen proberen ongeveer een miljoen patiënten met ziekten die door het roken zijn ontstaan wat op te lappen, maar als er niets verandert, blijft het dweilen met de kraan open. Ieder half uur verricht namelijk ergens in ons land een arts een lijkschouwing van iemand die te vroeg is overleden aan de vernietigende effecten van het roken.

Het is waardevol om zieke mensen te helpen, maar liever voorkomen wij artsen onnodig leed. En dat is ons het missen van drieënhalf miljard euro per jaar voor de zorg meer dan waard. En als dat betekent dat er dan minder longartsen, vaatchirurgen, oncologen, cardiologen, kinderlongartsen, neonatologen, gynaecologen, intensivisten, radiotherapeuten, huisartsen en verslavingsartsen in ons land nodig zijn, nemen we dat ook voor lief. Als we een vitaler Nederland willen, horen ziekten ten gevolge van het roken daar niet meer bij.

Artsen: politici zijn aan zet

Artsen kwamen vlak voor het politieke reces massaal in actie met hun campagne #ArtsenSlaanAlarm. Gesteund door artsenorganisatie KNMG stroopten zij de mouwen van hun witte jassen op om in de politieke arena te strijden tegen roken. Want waar artsen in hun spreekkamer doen wat ze kunnen, en dagelijks leren om het nog beter te doen, hebben politici dé sleutel in handen voor een veel betere bescherming van onze samenleving tegen roken. De zichtbaarheid en beschikbaarheid van tabaksproducten moeten omlaag en de prijs moet omhoog. Overtuigende wetenschappelijke studies en jarenlange ervaring in andere landen hebben bewezen dat daarmee het aantal rokers, en alle gevolgen van dien, sterk afnemen. De campagne #ArtsenSlaanAlarm vraagt alle Tweede Kamerleden om het Preventieakkoord te steunen, waarmee tabak duurder wordt en minder beschikbaar en zichtbaar, vooral ook voor onze kinderen.

Lees ook dit Twistgesprek: Voor het realiseren van effectief anti-rookbeleid is activisme nodig

Maar moeten we ons niet zorgen maken om de Nederlandse schatkist? Vorige maand zaten drie van onze alarm slaande collega’s aan tafel bij Pauw, samen met minister van Financiën Wopke Hoekstra. Op de vraag of dit voor de schatkist niet zonde zou zijn, gaf hij aan dat dalende accijnsopbrengsten als gevolg van minder rokers wat hem betreft „een goed probleem om te hebben” zou zijn. Maar van de tabaksindustrie kunnen we niet verwachten dat ze staat te springen om miljarden euro’s mis te lopen.

Financieel profiteren van roken?

De grote vraag is: wat besluiten de leden van de Tweede Kamer? Gaan ze echt met ons op weg naar een Rookvrije Generatie of maken ze toch nog de keuze om financieel te blijven profiteren van al die honderden tieners die wekelijks verslaafd raken aan het roken? Niet alleen artsen wachten in spanning af, maar ook veel ouders met opgroeiende kinderen.

De kwestie leeft onder kiezers. Zo bleek bijvoorbeeld uit een onderzoek van Maurice de Hond uit 2018 dat bijna tweederde van de VVD- en CDA-kiezers voor sterke verhoging van de accijnzen op tabak is, terwijl die partijen tot op heden niet graag antirookmaatregelen steunden. Er is dus een overtuigend draagvlak voor een flinke ommezwaai! Overigens liet de maatschappelijke kosten- en batenanalyse van tabaksontmoediging al in 2016 zien dat de maatschappij als geheel profiteert van de genoemde bewezen effectieve tabaksontmoediging maatregelen. Berekend is dat de totale kosten van roken ongeveer 33 miljard per jaar zijn. Een simpele rekensom leert dat dit neerkomt op een indrukwekkende tweeduizend euro per persoon in ons land per jaar. Wij kunnen ons niet voorstellen dat kiezers dit nog langer willen. Niemand wil bovendien dat kinderen verslaafd raken aan roken. Daarom vragen wij de Tweede Kamerleden om ons te volgen en te doen wat werkt én wat bovendien de ruime meerderheid van hun kiezers wil: steun het Preventieakkoord, breng de verkoop van tabak omlaag, en de prijs ervan omhoog.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.