FARC-afsplitsing legt bom onder vrede

Colombia Drie jaar nadat regering en guerrilla de vrede tekenden, dreigt de oorlog in Colombia op te laaien nu dissidenten van de FARC weer actief zijn.

Een krantenverkoper toont de krant Q hubo met het nieuws van de FARC-kopstukken die hebben aangekondigd de wapens weer op te nemen
Een krantenverkoper toont de krant Q hubo met het nieuws van de FARC-kopstukken die hebben aangekondigd de wapens weer op te nemen FOTO: AP/JOAQUIN SARMIENTO

Het toch al wankele vredesakkoord tussen de Colombiaanse regering en de FARC staat onder grote druk nu een deel van de voormalige guerrillabeweging de strijd hervat. In een eind vorige week verspreide video van 32 minuten meldden enkele prominente guerrillero’s zich niet langer gebonden te voelen aan het drie jaar geleden gesloten vredespact. Dit maakte op papier een einde aan 52 jaar van burgeroorlog: een conflict dat 200.000 levens kostte en zeker 6 miljoen mensen op de vlucht deed slaan.

Leider van de dissidente FARC-factie is Iván Márquez, de voormalig nr.2 van de strijdgroep. De 64-jarige Márquez (nom de guerre van Luciano Marín) klaagt in de video dat „de Staat de vredesakkoorden verraden heeft”. „De juridische onzekerheid dwingt ons terug de jungle in”, stelt hij, geflankeerd door enkele andere verklaarde FARC-haviken, onder wie Jesús Santrich en Hernán Darío Velásquez.

In het verdrag werd afgesproken dat de guerrillero’s moesten demobiliseren, ontwapenen en terechtstaan voor speciale rechters. In ruil mochten ze bovengronds gaan opereren, als legale politieke partij. Een deel van Colombia vond dat de van oorsprong marxistische strijdgroep hiermee veel te makkelijk wegkwam na decennia van aanslagen, ontvoeringen, afpersingen en drugshandel.

Tegen het verdrag werd intensief campagne gevoerd door rechtse politici, vooral door de invloedrijke ex-president Álvaro Uribe. Een week nadat FARC-leider Timosjenko en toenmalig president Juan Manuel Santos het eind september 2016 tekenden, werd het bij een referendum weggestemd door een nipte meerderheid van de Colombianen. Vier dagen later kreeg Santos echter de Nobelprijs voor de Vrede toegekend, waarna het pact werd heronderhandeld en eind november in nieuwe vorm alsnog kon worden getekend.

Politieke leerling

De vrede leek zo gered, maar implementatie van het verdrag liep de afgelopen jaren vast. Zeker nadat vorig jaar de rechtse Iván Duque president werd. Deze politieke leerling van Uribe had campagne gevoerd met de belofte het vredesverdrag open te breken en af te zwakken. Daarin slaagde hij weliswaar niet, maar hij staakte wel het uitkeren van de beloofde grond, geld en garanties. Ook laaide het (para)militaire geweld tegen maatschappelijke activisten op het platteland op.

Lees ook hoe Colombia de strijd tegen de cocaplant en guerrilla’s fors heeft opgevoerd

Het leidde tot verdeeldheid onder circa 7.000 FARC-manschappen: doorgaan met deze gemankeerde vrede of weer vechten? Naast kleine facties die vanaf begin af aan al niet meededen, heeft nu ook de groep van Iván Márquez voor die laatste optie gekozen.

Márquez was leider van de FARC-delegatie bij de vier jaar durende vredesonderhandelingen met de Colombiaanse regering. Tegelijkertijd geldt hij als een man van de sceptische lijn. Zo nam hij nooit de senaatszetel in die hem onder het verdrag is toegekend.

In de video zegt hij zich nu te verschuilen in de jungle nabij het drielandenpunt met Brazilië en Venezuela. Maar in Colombiaanse regeringskringen gaat men er van uit dat hij zich aan de andere kant van de grens in Venezuela schuilhoudt. De linkse Venezolaanse leider Nicolás Maduro is een tegenstander van de regering-Duque en biedt al langer onderdak aan het ELN, een andere linkse Colombiaanse guerrillabeweging.

Márquez hint er in zijn boodschap op dat hij met het ELN een strategisch verbond kan sluiten. Maar zulke samenwerking is in het verleden altijd problematisch gebleken en in de video valt geen ELN’er te ontwaren. De komende tijd moet blijken hoe omvangrijk Márquez’ groep precies is. Volgens sommige experts gaat het om slechts enkele tientallen strijders, maar het leger zegt uit te gaan van minstens tweeduizend.

Vrijdag sloeg de regering al meteen terug door een kamp van FARC-dissidenten te bombarderen, waarbij twaalf doden vielen. Ook is een speciale eenheid opgericht om de nieuwe „criminele bende van narcoterroristen gesteund door de Maduro-dictatuur” te bestrijden. Daarnaast is 3 miljard peso (bijna 8 ton in euro’s) tipgeld gezet op het hoofd van elke van de 19 herkenbare strijders in de video.

In het verleden kondigde de FARC (en andere guerrillagroepen) een terugkeer naar de gewapende strijd nog wel eens aan via een grote (bom)aanslag. Daar heeft de Márquez-groep niet voor gekozen. Veiligheidsexperts gaan er wel vanuit dat zij eerder met aanslagen een stadsguerrilla zal gaan voeren – en niet net als vroeger grote stukken platteland of jungle zal proberen te veroveren.

Hoewel de guerrillero’s minder territorium controleren dan voorheen, zouden de opstandige FARC-kopstukken nog wel volop handelen in cocaïne: al decennia dé brandstof van het Colombiaans conflict. Zo kunnen ze zich snel herbewapenen. De drugs verkopen ze rechtstreeks aan Mexicaanse kartels. Die betalen niet in geld maar in (Amerikaans) wapentuig.