‘De grootste brand woedde 72 dagen’

Niels Andela Hoe ontwikkelen bosbranden zich? Niels Andela maakte een digitale encyclopedie van miljoenen natuurbranden.

Niels Andela in Washington DC. Wetenschappers „hadden geen idee hoelang natuurbranden duurden!”
Niels Andela in Washington DC. Wetenschappers „hadden geen idee hoelang natuurbranden duurden!” Foto Stephen Voss

Het zijn drukke weken voor natuurbrandenonderzoeker Niels Andela. Hij en zijn collega’s bij de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA werden bestookt met mediavragen over de opvallende toename van branden in de Braziliaanse Amazone. Maar voor hen is die situatie geen verrassing. „Het is een relatief droog jaar, de ontbossing zit al een paar jaar in de lift, en de verwachting was al dat het dit jaar een vlucht zou nemen”, zegt hij via Skype vanuit Greenbelt, Maryland. „Daar hadden we ons wel beter op kunnen voorbereiden.”

De 35-jarige Nederlandse onderzoeker kijkt naar natuurbranden met behulp van beelden afkomstig van satellieten die tussen de 700 en 850 kilometer hoog vliegen. Na zijn promotie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam werd hij gevraagd om een postdoc te doen bij NASA, waardoor hij inmiddels in Washington DC woont. Hij werkte de afgelopen jaren aan de Global Fire Atlas – een digitale encyclopedie met satellietbeelden van miljoenen natuurbranden over de hele wereld. In de atlas staat waar de branden zijn begonnen, hun grootte, duur en de snelheid waarmee ze zich verplaatsen en in welke richting.

In een artikel liet Andela zien hoe een model dat berekende voor 13,3 miljoen branden tussen 2003 en 2016. Hij schreef het samen met collega’s uit de VS, Frankrijk en zijn oude PhD-begeleider aan de VU, Guido van der Werf. Eind april verscheen het in Earth System Data Science.

Waar komt je interesse voor natuurbranden vandaan?

„Wat me interesseert is de interactie tussen mensen en de aarde, en dan met name hoe we omgaan met de grotere, natuurlijke ecosystemen. Met een master hydrologie wilde ik praktische oplossingen voor hedendaagse problemen vinden. Via een vak environmental remote sensing ben ik stage gaan lopen in Australië.”

Als student keek hij daar op satellietbeelden naar veranderende vegetatiepatronen in droge gebieden op de hele wereld. Welke rol branden hierin speelden, onderzocht hij tijdens zijn PhD en bij de NASA. Tijdens dat onderzoek zag hij ook dat door de bouw van wegen of akkers, de grootte en frequentie van seizoensbranden in savannes en graslanden wereldwijd in twintig jaar met zo’n 25 procent was afgenomen.

Was die natuurbrandenatlas al in de maak toen jij naar NASA ging voor een postdoc?

„Nee, dat is een idee dat ik al een aantal jaar geleden had. Het is begonnen met dagelijkse satellietbeelden van de grootste brand die we hebben gevonden, in het midden van Australië. Er woont helemaal niemand in die uitgestrekte binnenlanden. Deze brand uit 2007 heeft er 72 dagen over gedaan om een gebied ter grootte van Nederland te verbranden... Nou goed, ik zat dus naar deze beelden te kijken, en ik dacht: hé, je kunt naast het totaal verbrande gebied of de hoeveelheid vrijgekomen energie, ook zien hoe een brand zich ontwikkelt. Dat gaf me inspiratie om een algoritme te ontwikkelen dat de dynamiek van branden volgt.”

Dus hiervoor keken onderzoekers alleen maar naar beelden van voor en na de branden?

„Ja, eigenlijk wel. Terwijl het interessant is om te weten of het brandgebied uit veel kleine brandjes bestaat, zoals mensen die zouden aansteken, of dat het een grote brand is. Een natuurbrand begint vaak op één punt, breidt uit en blijft dan maandenlang doorgaan tot het gaat regenen – of, zoals in Australië, de brandstof op is... En de duur, mensen hadden geen idee hoelang ze duurden! Interessant genoeg zien we de langst aanhoudende branden in de savannes, die kunnen twee, drie maanden aan blijven. We dachten altijd dat dit vooral in de boreale [Arctische] gebieden voorkwam.”

Wat heeft jullie tot nu toe verrast?

„Het duurt altijd even voor echte publicaties van start gaan... Maar waar we nu mee bezig zijn is het verbeteren van bijvoorbeeld klimaatmodellen. Die branden spelen een belangrijke rol in ecosystemen, dus als je wil modelleren hoe die er in de toekomst uitzien, moeten die branden daar ook goed in worden meegenomen. Veel huidige modellen kunnen bijvoorbeeld niet omgaan met branden van meerdere dagen.”

Kan een student uit, zeg, Zambia, waar ook veel branden voorkomen, ook in de atlas spitten?

„Ja, ik heb erg mijn best gedaan om de data toegankelijk te maken. Je kunt de bestanden zo openen dat je er niet voor hoeft te kunnen programmeren. Iedereen die met standaard cartografische software kan werken, kan de data downloaden en zien hoe de branden zich in het gebied van je interesse hebben gedragen.”

Heb je zelf weleens bij een grote brand gestaan?

„De laatste tijd, moet ik eerlijk toegeven, niet. Daarvoor ben ik vooral achteraf bij branden geweest, zowel op savannes als in bossen. Toen ik in Spanje woonde ben ik weleens erg dicht bij een brand geweest in een dennenbos. Wat opvalt is de kracht die daarachter zit, de enorme hoeveelheid energie die er vrijkomt.”

Nu zijn de natuurbranden in de Braziliaanse Amazone wereldnieuws. Hoe is dat voor jullie, want het vereist heel veel antwoorden in een heel korte tijd?

„We zijn er als groep erg mee bezig, we breiden onze website nu uit. Heb je onze analysis tools gezien? Je kunt er zelf een gebied selecteren en een analyse doen op bijvoorbeeld de fire counts, waar iedereen het over had. Ik werk nu ook aan een tool om de dagelijkse emissies van branden in te schatten. Gedeeltelijk is dit ook om onszelf te ontlasten, want normaliter moest ik met een Python-code aan de slag voor elke vraag die ik kreeg. Zo proberen we een beetje aan de vraag te voldoen.”

De cijfers en het onderzoek van het Braziliaanse instituut INPE werden ook meteen politiek. Brazilië is sterk gepolariseerd over president Jair Bolsonaro. En mensen wijzen ook op de sojateelt, een belangrijke factor bij boskap...

„Als wetenschapper is het nadrukkelijk je taak om objectief te blijven, en te zorgen voor objectieve data. Maar ja... uiteindelijk werkt het niet helemaal zo. Als organisatie ben je toch afhankelijk van de financiering van een overheid waar je misschien niet helemaal achter staat. Ook voor mensen van NASA is dat soms lastig. Ze laten zich nog steeds uit hoor, maar ik heb het gevoel dat ze onder de huidige regering toch wel iets voorzichtiger zijn geworden. De strategie van de populist is om alles te polariseren, of dat nou gaat over wetenschap of andere kwesties.”

Wat merk je daarvan?

„Mensen vinden dat heel frustrerend, maar dat geldt voor iedereen die zich met wetenschap bezighoudt. Sommige politici gaan ermee aan de haal of zeggen direct dat het niet waar is. Daar kun je als wetenschapper niet zoveel aan doen, behalve je verhaal herhalen en herhalen.”