Recensie

Recensie Muziek

Deze Tristan en Isolde zijn het haast perfecte liefdespaar

Opera Het Concertgebouworkest bracht een concertante Tristan und Isolde (tweede akte) met een sterrencast om van te smullen (Christine Goerke als Isolde en Stuart Skelton als Tristan). Orkestraal ontbrak de extase.

Dirigent Daniel Harding.
Dirigent Daniel Harding. Foto Julian Hargreaves

Een kleine serie is het al, de concertante Wagner-opera’s van het Concertgebouworkest. Eerdere uitvoeringen waren soms legendarisch, mede dankzij de steun van mecenas Melvyn Krauss en de sterrencasts vol zangers van wereldtopallure.

Ook voor de tweede akte uit Tristan und Isolde, zaterdag eenmalig in het Concertgebouw en woensdag herhaald in Luzern, werden de hooggespannen verwachtingen op vocaal gebied volledig ingelost.

Van een semi-scènische aanpak was nu geen sprake: de zangers stonden goeddeels keurig achter het orkest - niet de gebruikelijkste akoestische keuze, maar verdedigbaar voor dragende Wagner-stemmen. En wát een stemmen. Een idealer liefdespaar dan sopraan Christine Goerke en tenor Stuart Skelton (Tristan) laat zich lastig fantaseren. En in de sonore, diepe Koning Marke van Matthias Goerne rook je de schuimkoppen van eenzaam Cornwall.

Orkestraal bleef er wel iets te wensen over. Daniel Harding is een Wagner-dirigent van het exacte type. Hij munt opwinding door snelle tempi en een hoekige klank, minder door differentiatie binnen de instrumentgroepen of het elastisch uitrekken en opbouwen van spanning. Gevolg was dat de zwellende onrust in de ouverture meer virtuoos dan omineus klonk, en je tijdens Wagners tsunami’s van liefdesversmelting bleef hopen op een extase die net niet kwam. Als het Liebesverklärungs-motif aan Vivaldi doet denken, dan mist er iets.

Gloedvolle momenten waren er ook, vooral waar Harding het prachtig spelende orkest zacht liet klinken. Of Harding nog kandidaat is voor het chef-schap, is de vraag: volgend seizoen neemt hij vrijaf om als piloot voor Air France te werken.