Hezbollah slaat terug tegen Israël, maar nog niet hard

Een grote wraakactie voor een aan Israël toegeschreven drone-aanval bleef uit, maar Hezbollah nam Israël wel voor het eerst in jaren onder vuur. Ook hield de beweging de mogelijkheid open van meer geweld.

Israëliërs zondag uitkijkend over het grensgebied met Libanon.
Israëliërs zondag uitkijkend over het grensgebied met Libanon. Foto Rami Shlush/Reuters

De Libanese gewapende groepering Hezbollah heeft zondag een Israëlisch militair voertuig vernietigd nabij de legerbasis Avifim, net over de Libanese grens. Daarbij zijn volgens Hezbollah doden en gewonden gevallen. Israël bevestigt het incident maar zegt dat er geen Israëlische slachtoffers zijn gevallen.

Volgens Hezbollah was de actie het werk van de ‘Hasan Zabeeb en Yasser Daher-martelaarsbrigade’. Die namen verwijzen naar de twee Libanese Hezbollahstrijders die op 24 augustus werden gedood bij een Israëlische luchtaanval op een Iraanse basis nabij de Syrische hoofdstad Damascus. Volgens Israël werd van daaruit een Iraanse drone-aanval tegen Israël voorbereid.

Het gaat om de eerste militaire actie die Hezbollah in Israël heeft opgeëist sinds de oorlog van 2006. Toen lanceerde Israël een 34-dagen durende oorlog tegen Libanon als antwoord op het kidnappen van twee Israëlische soldaten door Hezbollah. Maar het is niet duidelijk of deze actie de vergelding is waarover Hezbollah-leider Hassan Nasrallah het had in de twee toespraken die hij de afgelopen week heeft gehouden.

‘Drones worden neergeschoten’

Nasrallah zei zaterdag in een toespraak ter gelegenheid van het shi’itische ashura-feest dat zijn groepering zich het recht voorbehoudt om ‘waar dan ook, wanneer dan ook’ terug te slaan voor de aan Israël toegeschreven drone-aanval, vorige week tegen het Hezbollah-hoofdkwartier in Zuid-Beiroet. Ook beloofde Nasrallah dat Israëlische drones die in de toekomst het Libanese luchtruim schenden, zullen worden neergeschoten.

Hezbollah lijkt zwaarder te tillen aan de aanval in Zuid-Beiroet dan aan die in Syrië, waar Israël de voorbije jaren geregeld luchtaanvallen uitvoert tegen Iraanse en Hezbollah-doelwitten. Hezbollah vecht in Syrië mee aan de kant van het regime.

Bij de aanval in Beiroet vielen geen slachtoffers. Maar hij wordt gezien als een schending van de ongeschreven spelregels die sinds de oorlog van 2006 een gewapende vrede garanderen tussen Israël en Hezbollah.

Vorige week had Nasrallah nog gewaarschuwd dat Hezbollah binnen vier dagen zou terugslaan voor de aanval in Beiroet. In die zin kan zijn toespraak van zaterdag ook gezien worden als een poging om de situatie op de korte termijn te de-escaleren.

Nasrallah vond het nodig om een uitspraak in zijn speech van vorige week te nuanceren. Hij zei toen dat de vergelding niet in Sheba’a zou plaatsvinden. Dat werd geïnterpreteerd als een dreigement dat een vergeldingsaanval tegen Israël zelf zou worden gericht. Zaterdag zei Nasrallah dat hij alleen bedoelde dat een aanval overal kan plaatsvinden, inclusief in Sheba’a.

Betwist stuk grond

De zogeheten Sheba’a-boerderijen zijn een betwist stuk grond van 22 vierkante kilometer dat nog altijd door Israël wordt bezet. Sinds in 2000 een einde kwam aan de bezetting van Zuid-Libanon door Israël zijn de Sheba’a-boerderijen voor Hezbollah hét argument waarom het zijn wapens niet kan inleveren. Maar Sheba’a is ook een plek waar Israël en Hezbollah op elkaar kunnen schieten zonder dat dat verregaande gevolgen heeft voor de status quo.

Israël heeft de drone-aanval van vorige week in Beiroet niet officieel geclaimd. Maar Israëlische media hebben sindsdien wel gezegd dat de drones een installatie hebben uitgeschakeld waarmee Hezbollah, met Iraanse hulp, precisie-geleide raketten zou kunnen fabriceren.

Nasrallah deed dat zaterdag af als een leugen. Maar hij zei er ook bij dat Hezbollah zo’n programma niet nodig heeft omdat het over meer dan genoeg raketten beschikt, waaronder ook precisie-geleide.

Op Twitter heeft het Israëlische leger inmiddels wel de namen vrijgegeven van drie Iraanse militairen die volgens Israël belast zijn met het Iraanse raketprogramma in Libanon. Het deed dat middels een spelletje: voor elke vijftig retweets werd één naam vrijgegeven.

Volgens de Israëlische premier Netanyahu zijn deze onthullingen een ‘signaal’ aan Israëls vijanden. „Wij gaan niet toekijken terwijl onze vijanden dodelijke wapens verkrijgen om tegen ons te gebruiken”, aldus Netanyahu.