Opinie

Te land, ter zee

Tommy Wieringa

Twaalf uur deed de trein over de duizend kilometer tussen Amsterdam en Edinburgh. Al die tijd was het onzeker of ik op tijd zou zijn voor het optreden op het Edinburgh Book Festival om zeven uur ’s avonds. Het laatste stuk tussen Londen en Edinburgh was het traject van de legendarische Flying Scotsman, die er in 1938 zeven uur en twintig minuten over deed om de afstand tussen beide hoofdsteden te overbruggen. Dat is anno 2019 teruggebracht tot viereneenhalf uur, maar de kappersservice aan boord is helaas verdwenen – een verlies. (Het moet iets heel aangenaams zijn om je te laten scheren aan boord van een trein.) Het rijtuigpersoneel in de eerste klas deed zijn best om iets van de luister te herstellen. Een paar keer per uur bezorgden ze frisdrank, wijn, broodjes en snacks, ruimden je tafeltje leeg en informeerden naar je algemene gesteldheid. Zo onaangenaam hoefde het niet te zijn om je koolstofvoetafdruk te reduceren.

Laat in de middag verscheen in Northumberland de Noordzee in beeld. Dramatische vergezichten. De kustplaatsjes met getijdenrivieren en kastelen in de diepte heetten Alnmouth en Bamburgh en riepen een groot verlangen op om daar te zijn.

Ergens op de Atlantische Oceaan bevond zich op dat moment Greta Thunberg op een racezeilboot. Onderweg naar een klimaattop in New York waren de omstandigheden waaronder zij reisde een stuk minder gerieflijk. Een verslaggever van het Duitse weekblad Stern was in Plymouth aangemonsterd voor een proefvaart en al meteen hondsmisselijk geworden door het bokken en stoten op de golven. Anderhalve week was Thunberg nu onderweg. Er was geen wc aan boord en de maaltijden bestonden uitsluitend uit ingeblikt veganistisch voedsel. Zij was kortom bereid om te lijden voor haar overtuigingen, kenmerk van heiligen en martelaren. Niet een volwassene gaf hier het goede voorbeeld, zoals het hoort, maar een tiener. In NRC schreef Caroline de Gruyter een paar weken geleden een essay over de huidige generatie activisten, die wordt aangevoerd door jonge vrouwen.

De lezersreacties eronder waren al even interessant. Een bloemlezing: Thunberg is gek, schrijft haar eigen teksten niet, wordt gesponsord door multinationals, is een eng, gehersenspoeld kind met Asperger, een geïndoctrineerd draakje, een gestoord psychopaatje en een kindsoldaat van links. Deze vuiligheid gaat verder dan berichten op sociale platforms, ook iemand als de Australische Herald Sun-commentator Andrew Bolt noemde Thunberg ‘ernstig gestoord’.

Veel agressie rond een zestienjarig meisje dat aandacht vraagt voor de klimaatcrisis. Het syndroom van Asperger wordt opvallend vaak genoemd als verdacht element. In haar onschuld wordt in die kringen duidelijk niet geloofd, noch aan haar goede bedoelingen. Ze moet worden gecorrumpeerd, bevuild, beklad. Het is niet moeilijk te begrijpen waarom. Het accepteren van een mate van onschuld doet pijn. Onschuld confronteert je met je eigen verdorvenheid. In plaats van je over je eigen morsige ziel te buigen, is het comfortabeler om het vertrouwen in goede trouw en zuivere intenties in zijn geheel op te zeggen. Wat overblijft is doods cynisme. Daar valt goed mee te leven, alleen zou je je moeten onthouden van sociale media – de wind die ziektekiemen verspreidt.

Waar geloven ze dan nog wel in, de illusielozen? Ik probeerde me een held van de andere kant voor te stellen, een anti-Thunberg – moreel bedorven, gecompromitteerd, narcistisch, egocentrisch en wraakzuchtig, maar al wat mijn beperkte verbeelding tevoorschijn bracht was Donald Trump, het kind van 73 dat alle kwalen van deze tijd in zich verenigt.

Door vertragingen liep de reistijd tussen Londen en Edinburgh gestaag op naar vijfeneenhalf uur, zodat de tijdwinst ten opzichte van tachtig jaar geleden nog maar een kleine twee uur bedroeg. Om vijf over zeven wandelde ik het zaaltje op het festivalterrein binnen, gaf de interviewer een hand en beantwoordde geduldig zijn vragen over literatuur en migratie.

Tommy Wieringa schrijft elke week een column op deze plaats.