Zwerven door Europa – betaald door de EU

Gratis Interrail Sinds vorig jaar verstrekt de EU twee keer per jaar gratis Interrail-kaartjes aan Europese jongeren. Op reis met een generatie die is geboren in de EU, maar het eigen continent nog moet ontdekken. ‘We zitten ook in een grote pr-stunt.’

Illustratie Roland Blokhuizen

Het is een feestje tussen de ruïnes – je zou vergeten dat hier ooit werd gewoond. Door de brokkelige muren van een appartementencomplex dwarrelen elektrobeats, op de binnenplaats drinkt en danst backpackend Europa de avond in. Ruïnepubs heten ze, Boedapest zit er vol mee. Het is zo’n augustusdag waarop het tot laat broeierig heet blijft, ook als de zon al achter de stenen façades is weggezakt.

„Was ik niet op reis gegaan,” zegt de achttienjarige James Marcus Colley, nippend aan een biertje, „dan was ik de hele zomer in bed blijven hangen”. In een dollemansrit van één maand reist hij per trein half Europa af. Van Nice, aan de Franse kust, naar Salzburg, via Ljubljana naar hier. Volgende haltes: Berlijn, München, Amsterdam, Stockholm. Zijn hele reis is al geboekt.

Lees ook: Hoe bereid je een kind voor op alleen reizen?

Én betaald – door de Europese Unie.

Sinds vorig jaar trakteert de EU twee keer per jaar twintigduizend jonge Europeanen op een verjaardagscadeau: een gratis Interrailkaartje om een maand lang door de lidstaten van de EU en haar buurlanden te treinen. Een kennismaking met het eigen continent voor de generatie 2000, geboren in het nieuwe millennium en nu achttien jaar, net iets ouder dan de euro. Doel: ongeïnteresseerde jongeren omvormen tot betrokken EU-burgers.

De procedure is eenvoudig. Wie op reis wil, geeft zich op en beantwoordt een paar simpele vragen. De EU organiseert een loting, bezorgt de kaartjes bij de winnaars en onderhoudt een Facebookpagina om de winnende interrailers met elkaar in contact te brengen.

En zo kan het dat James vanavond in de klamme hitte van een ruïnepub in Boedapest zijn biertje drinkt met Lucrèce Roussel. Hij Brits, zij Frans, allebei achttien en voor één avond elkaars reisgezelschap – na vanavond zullen hun wegen weer scheiden.

James stuitte op de gratis treintickets via een promotievideo op Instagram, hij meldde zich direct aan. Lucrèce wilde al langer interrailen, zegt ze, maar het kwam er nooit van. Niet dat ze thuis bleef, ze reisde volop. Toen ze eens terugkeerde in Frankrijk na een paar maanden in Australië via een uitwisseling, kreeg ze te horen: „Waarom reis je zo ver weg? Ken je je eigen continent eigenlijk wel?”

Bij toeval zag ze een advertentie op YouTube voor de EU-treinkaartjes. „Te mooi om waar te zijn, leek me. Ik dacht dat het een grap was.” Ze neemt een slok bier. „Maar toen won ik.”

‘Wie wil er shots doen in Venetië?’

Illustratie Roland Blokhuizen

Een spoedcursus Europa voor jonge Europeanen: zo moet de Duitse eurparlementariër Manfred Weber het voor zich gezien hebben toen hij met het idee op de proppen kwam. Zelf was hij op jonge leeftijd per trein door Europa getrokken, dat was hij nooit vergeten. Hoe kun je de Europese jeugd beter enthousiasmeren voor de Europese gedachte dan met een gratis reiskaartje?

Het is een kans, zoals dat heet in de ronkende taal van de Brusselse persberichten, „om eindelijk eens aan de Europeanen te laten zien dat de Europese Unie meer is dan een machine die wetten produceert”.

Weber („wie?” is de eensluidende reactie van de reizigers die hun ticket aan hem danken) wilde eigenlijk elke jonge Europeaan een kaartje geven. Dat was het Europees Parlement te duur. In plaats van anderhalf miljard euro – een interrailkaartje kost 255 euro per stuk – werd dit jaar 16 miljoen vrijgemaakt.

En dus kwam er een loting, wat een extra dimensie gaf. Je kunt jezelf aanmelden met een vriendengroep, maar de kans dat iedereen mee kan, is klein. Het leeuwendeel van de winnende interrailers gaat alleen op pad.

Het resultaat is een kruising tussen de vluchtigheid van een speeddate en de snelle verbroedering tussen vreemden die je ziet op Koningsdag en bij voetbalkampioenschappen. Op de officiële Facebookpagina, beheerd door een EU-helpdesk, regent het vragen en voorstellen.

„Iemand in Bratislava vandaag/morgen??”

„Wat kun je gratis doen in Amsterdam, iemand? Heb geen geld.”

„Wie wil er shots doen en dronken worden in Venetië?”

Met elke foto en gedeelde ervaring wordt het ongewone gewoner. Zo plaveien de interrailers elkaars wegen.

Lees ook: Kan dat nog, lekker boemelend op treinreis door Europa?

De promotie voor de gratis treintickets – vooral via sociale media – is beperkt. Toch meldden 90 duizend jonge Europeanen zich voor de nieuwste ronde aan. De tickets worden volgens een landenquotum verdeeld. Pech voor de dertigduizend Italianen die zich inschreven, van wie slechts 2.300 op reis konden. Gunstig voor Nederlanders: hier gaven zich minder dan 1.300 jongeren op, meer dan de helft had prijs. Een nieuwe ronde volgt in november – dan alleen voor wie in 2001 is geboren.

Wie het gratis ticket binnen heeft, mag doen wat hij of zij wil. Er is geen verantwoordingsplicht, geen verplichting om foto’s te maken of een verslag bij te houden. Niks.

Met hun verhalen verzorgen de interrailers de mond-tot-mondreclame zelf. Het beste van de reis, zal de Britse interrailster Lila Penn zeggen, is de onvoorspelbaarheid. „Je loopt naar het station, je kijkt naar het bord met vertrektijden en je denkt: waar zal ik heengaan?”

Lila, met een pony die net niet over haar ogen valt, is dan al eens met een fles absint en een stuk pizza op schoot tussen de surrealistische kunst beland op het landgoed van de Zwitserse kunstenaar H.R. Giger (1940-2014) in Gruyères. „Ik heb een tentje en een slaapzak en ben voor de wereld niet bang.” En een Zwitsers zakmes, voegt ze eraan toe, „voor het geval dat”.

Instagram-landschappen

„Zijn we eigenlijk al in Slowakije?” vraagt Lucrèce zich af. Het treinstel dokkert voort, buiten stroomt sinds Boedapest de Donau, we hebben geen grenswacht of douanier gezien.

Heel anders ging het een paar dagen eerder bij de grens tussen Hongarije en Kroatië – wel EU-lid maar geen deel van de grensvrije Schengenzone. De trein van Lucrèce stond er uren stil en ze kreeg vuile blikken van een grenswacht die eindeloos haar paspoort stond te vergelijken. Gedoe, kortom.

Ze pakt haar telefoon erbij, opent Google Maps en ziet een bewegend stipje oplichten op Slowaaks grondgebied. „O, we zijn al lang de grens over”, zegt ze opgelucht. „Dáárom houd ik van Europa.”

Lucrèce reist zoals ze spreekt: doelbewust en zelfverzekerd. Haar treinritten heeft ze vooraf uitgestippeld en online gereserveerd, net als haar hostels. Zo zit je altijd goed, al zat ze in Boedapest twintig minuten van het centrum. „Ver, maar wel goedkoop”, zegt ze, en met Google Maps en gratis roaming in alle EU-landen heb je ook die route zo gevonden.

Twee ochtenden na de avond in de ruïnebar, die eindigde in een kroegentocht, is ze eerder die dag op de vroege trein naar Bratislava gestapt, een rit van twee uur. De bistro aan boord was gesloten, het ontbijt bestaat uit een taaie hamkaascroissant van de stationskiosk.

Ze knoopt een praatje aan met een jongen die halverwege de rit de coupé binnenvalt. Ook een interrailer – Lucrèce vist ze er zo uit – al kreeg hij zijn ticket niet gratis. Zijn naam is Paul en hij komt uit Zwitserland, maar dat zijn gegevens waar je een medereiziger als laatste naar vraagt. Eerst komt: waar ben je opgestapt, waar ga je heen? Hij heeft er al veel steden op zitten, zegt Paul, zijn laatste bestemming is Berlijn. En waar hij nu vandaan komt? „Praag”, mompelt hij. Zijn ogen knipperen. „Nee, wacht. Ook uit Boedapest! Praag was daarvoor.”

Lees ook: Dood door selfie-stick

Het zijn de routes die de meeste Interrail-reizigers volgen. Een ingesleten pad langs Instagram-landschappen en steden die met de komst van meer en meer toeristen en de toestroom van EU-geld en West-Europees kapitaal steeds sterker op elkaar gaan lijken.

Vaste prik: de Brandenburger Tor in Berlijn en het Louvre in Parijs. Maar ook: badderen in Boedapest, naar de kiezelstranden van Kroatië, varen op het meer van Bled in Slovenië, een uitstap naar Krakau – overdag een tour naar Auschwitz, ’s avonds de kroeg in.

Bratislava was ooit een gewilde filmlocatie voor horrorfilms in het pulpgenre, met lelijke nieuwbouwflats en mannen als kleerkasten met rasperige accenten. Tien, vijftien jaar later is het een gunstige tussenstop voor wie per trein reist tussen Boedapest, Wenen en Praag, een stad met een foodtruckfestival en volgeboekte hostels.

„Bratislava voelt een beetje als thuiskomen”, merkt een Vlaamse interrailster op vanaf het dak van een skybar, uitkijkend over de rode daken en witte kerken van de Slowaakse hoofdstad. „Met dat autovrije centrum is het net Gent.”

Gelezen in Varoufakis

Illustratie Roland Blokhuizen

We zijn in Wenen, een dag later. Lucrèce is met de nachttrein naar Krakau vertrokken, James zit inmiddels in Berlijn, en de Facebookpagina stroomt vol met nieuwe verzoeken. Iemand in Boekarest? Tips voor een hostel in Valencia?

Ryan Sammut, een Maltees die met zijn zwarte lokken en snor wel iets weg heeft van The Beatles-drummer Ringo Starr, is half-Australisch. Toen hij een kaartje won, besloot hij uit een licht plichtsbesef in Brussel langs te gaan bij het Europees Parlement („kleiner dan ik het me had voorgesteld”). „Ik miste altijd het unie-gedeelte van de Europese Unie”, zegt hij. „Nu kan ik Europa ook zien als iets van mensen, niet alleen van politici.”

„Dat geloof ik best,” zegt medereiziger Lila Penn, „maar dat neemt niet weg dat we hier ook in een grote pr-stunt zitten.”

De EU, daar valt volgens beiden wel een en ander op af te dingen. De omgang met de vluchtelingencrisis bijvoorbeeld, zegt Ryan. „Dan denk ik: geef mij de EU maar zoals die een decennium geleden was.”

„En wat dacht je van de manier waarop ze de Grieken met zoveel schulden hebben opgezadeld”, vult Lila aan.

Ze is kort voor vertrek begonnen in Adults in the Room, de memoires van Yanis Varoufakis, in 2015 enkele maanden de Griekse minister van Financiën. Wat ze leest heeft haar kijk op de beleidmakers in Brussel weinig goed gedaan. Nee, ze ziet meer in de verhalen die ze hoorde in Zwitserland – geen EU-lid, maar ook deel van het Interrailgebied. Directe democratie, referenda, zelfbestuur. „Dát vond ik pas inspirerend.”

Hun kritiek maakt hen niet anti-Europees. Ze zien het liever andersom: een kritische Europeaan is bij uitstek een betrokken Europeaan.

„Ik heb in Malta gezien hoe corrupte politici kunnen wegkomen met de moord op een journalist, en hoe de EU hen ermee weg laat komen”, zegt Ryan, verwijzend naar de in 2017 door een autobom om het leven gekomen Daphne Caruana Galizia, die een blog schreef over corrupte politici. „Toen ik in Bratislava was, hoorde ik dat ze in Slowakije óók zo’n politieke moord hebben meegemaakt [op onderzoeksjournalist Ján Kuciak, vorig jaar, red.].” Het maakt hem kritisch over Europa, cynisch zelfs, maar dat betekent niet dat hij van de EU af wil. „In zulke gevallen moet de EU juist meer macht krijgen om in te kunnen grijpen.”

Natuurlijk, gemopperd wordt er ook. Je bent eindeloos YouTube-filmpjes aan het kijken, zegt Lucrèce Roussel, voor je iets van het boekingssyteem begrijpt. „Geen wonder dat die Facebookpagina vol staat met klachten en vragen.”

Maxime Diaz uit Montpellier kan na twee reisweken vol passie vertellen over de tijd en moeite – vijf onbeantwoorde mails, een onbeantwoord hulpverzoek op Instagram en een Facebookchat – die het hem kostte om te weten te komen of hij de boemel naar Triëst moest reserveren of niet (het antwoord was ja). „Zéro communication”, zucht hij. „Vraiment nul.”

Het is „ronduit onverantwoord”, vindt Ryan uit Malta, dat er geen helpdesk 24 uur per dag voor je klaar staat. Stel dat je beroofd wordt, of dat je kaart door een overijverige conducteur in beslag wordt genomen omdat je een verplichte reservering hebt gemist. „Wie in Europa moet ik bellen als ik een probleem heb?”

Een enkeling vraagt zich af of dit echt het juiste moment is om het massatoerisme nog eens extra te stimuleren.

En: reizen door Europa is al snel duur, ook als je treinkaartje gratis is. „Ik ben de enige interrailer uit de arbeidersklasse die ik tot nu toe ben tegengekomen”, zegt Lila Penn. En dat komt ook, zegt ze, omdat de organisatie veel te weinig haar best doet om een doelgroep te bereiken die niet al het beste met de EU voor heeft. „Logisch dat het dan een eliteproject wordt.”

Afscheidstournee

Niet dat ze ondankbaar zijn, haasten ze zich te zeggen. Het idee blijft fantastisch. Dat de praktijk soms te wensen over laat, begrijpen ze best: het zijn de imperfecties van een project dat pas net bestaat. Lees daar een metafoor in, als je wilt.

Meer dan iets waar je voor of tegen bent, is de EU voor de jongste generatie Europeanen een geografische realiteit geworden. Je kunt er van alles op aanmerken, hoogstaand over filosoferen, maar het is er nu eenmaal, een vanzelfsprekendheid.

Lees ook: ‘Wij zien de Britten als een vriend van wie we afscheid nemen’

Behalve, natuurlijk, als je Brits bent.

„Dat is eh, ja, een raar gevoel”, zegt James. „Een afscheidstournee, noemde ik het grappend tegen mijn vader voor ik vertrok.” In Leominster, zijn thuisstad, brengt een blauw plakkaat met gele sterren in herinnering wie de renovatie van het stationsgebouw meefinancierde. Al ligt de stad in Herefordshire, zo’n streek in hartje Engeland met een forse meerderheid pro-Brexitstemmers, James hoef je niet te overtuigen van het nut van de EU, „helemaal als die je gratis kaartjes geeft”.

„Ik kan hier vast nog wel terecht”, zegt hij later op een Amsterdams terras, bijna aan het eind van zijn reis. Hij is toegelaten tot Oxford, wiskunde, banen zat voor hem in de EU. „Maar ik sta er tijdens deze reis pas echt bij stil dat ik me ook echt overal welkom voel. Thuis. En ik weet niet of dat in de toekomst nog steeds zo zal voelen.”