ProRail: het Nederlandse spoor komt stroom tekort

Om de last van de nieuwe dienstregeling te kunnen dragen, is er volgens de spoorbeheerder ernstig behoefte aan meer elektriciteit op het spoor.

Op zestig plekken moeten urgent aanpassingen worden gedaan om de stroomvoorziening op orde te krijgen, zegt ProRail.
Op zestig plekken moeten urgent aanpassingen worden gedaan om de stroomvoorziening op orde te krijgen, zegt ProRail. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Het Nederlandse spoornetwerk komt stroom tekort om nieuwere en lange treinen te kunnen laten rijden. Die noodkreet doet ProRail donderdag. De spoorbeheerder inventariseerde de toevoer van elektriciteit en heeft zestig knelpunten aangewezen waar „kritisch moet worden gekeken naar de energiehuishouding”.

Zonder extra maatregelen zijn die knelpunten volgens ProRail niet klaar voor uitbreiding of vernieuwing. De spoorbeheerder stelt onder meer extra kabels en transformatoren voor. De standaard bovenspanning op het spoornet, nu nog 1.500 volt, wil ProRail bovendien graag laten verdubbelen. „De 1.500 volt dateert uit de jaren 20 van de vorige eeuw”, zei vertrekkend ProRail-topman Pier Eringa donderdag in het AD.

Als voorbeeld noemt ProRail het traject tussen Haarlem en Zandvoort, dat in het eerste weekend van mei volgend jaar meer dan 300.000 reizigers te verwerken krijgt, als de Grand Prix van Nederland daar verreden wordt. Dat kan alleen met de inzet van meer treinen, en daar is dat netwerk volgens ProRail op dit moment niet op toegerust.

Dienstregeling

ProRail en de NS voeren op 15 december een nieuwe dienstregeling in, waarbij op meerdere trajecten het aantal treinen per uur wordt opgevoerd. Bovendien worden treinen dan niet meer per minuut, maar per zes seconden ingeroosterd. Dat biedt ruimte voor meer treinen op een traject, nodig omdat de capaciteit „sneller haar grenzen nadert dan gedacht”.

Ook de NS trok recent aan de bel, nadat het aantal treinreizigers in de eerste helft van dit jaar met 4,6 procent toenam. Zonder grote investeringen loopt het spoor vast, waarschuwde bestuursvoorzitter Roger van Boxtel.