Zonder afscheid slaat verdriet naar binnen

Bij het graf Voor wie bent u hier? spreekt mensen op een begraafplaats. Een korte serie. Deel 4: Rogier.

Illustratie NRC

Rogier (46) loopt over begraafplaats Heidehof in Ugchelen, een groen dorp nabij Apeldoorn. Zijn vriend heeft net afscheid genomen van een collega: jonge man, hartaanval. Rogier haalt hem op.

Hij komt graag op begraafplaatsen, ze geven hem bezinning. En het verschil tussen de stenen vindt hij interessant: die daar, langwerpig vol foto’s, lijkt wel een Instagrampagina.

De dood speelt een grote rol in zijn leven, vertelt hij later bij hem thuis. Toen hij 25 was, kreeg zijn vader slokdarmkanker. Drie maanden gaven de dokters hem, maar het werden er dertien, waarvan elf redelijk goed. Het was een mooi jaar. „We hadden alle tijd en hebben veel plezier gemaakt, mijn vader, moeder en ik. Er was ook narigheid, maar het was heel intiem.” Je perspectief verandert als zoiets gebeurt, zegt hij, de wereld lijkt rustiger. „Iemand gaat dood. Daar kun je heel pathetisch over doen, maar dat was wat er was.”

Hij stortte zich op de uitvaart. Geen cake en koffie in een crematorium, maar lekker eten op een mooie plek. Het cateringbedrijf had zijn vader zelf nog gebeld: ‘Zeg, ik geef maar één keer in mijn leven een begrafenis, dan wil ik het wel goed doen.’

Er werd gelachen en geproost. Een feestje voor zijn vader, zonder zijn vader. De leegte kwam de dag erna. „Je realiseert je dat ‘nooit meer’ wel heel lang is; je kunt daar niet overheen kijken.”

„En toen”, zegt hij, „ben ik uitvaarleider geworden.” Hij was net afgestudeerd als psycholoog, werkte op een afdeling P&O. Maar het had hem voldoening gegeven, een mooi afscheid neerzetten.

Culturele verschillen

Hij leerde veel: voor grote groepen praten, hoe verschillend er in culturen met de dood wordt omgegaan. Dat rijkdom niet betekent dat er voor de overledene wordt uitgepakt – eerder andersom.

In 2006 verongelukte de zoon van de eigenaar van het familiebedrijf waar hij werkte. Samen hadden ze een soort Ronald McDonald Huis willen opzetten, voor stervenden en rouwenden. „Toen dacht ik: nou moet ik stoppen. Ze wilden het bedrijf op de oude manier voortzetten.” Een jaar later pleegde een ex-geliefde zelfmoord. ‘Dan hoeft het voor mij niet meer’, had hij gezegd, toen Rogier het uitmaakte.

Rogier kreeg de schuld van zijn dood. Hij mocht niet op de begrafenis komen. Zeven jaar waren ze samen geweest, hun hele leven hadden ze elkaar gekend. Op zijn werk, waar hij had gezegd dat zijn beste vriend was overleden, zeiden dat die de volgende week nog net zo dood zou zijn als nu.

„Dan kom je erachter hoe belangrijk het is dat je afscheid kunt nemen”, zegt hij na een korte stilte. „Al heb je maar een klein detail, een bevestiging dat iemand er niet meer is. Zonder afscheid slaat verdriet naar binnen.”

Zuid-Spanje

Hij was op vakantie met zijn vriend, ze stonden op een berg in Zuid-Spanje, hij dacht dat hij alles voor elkaar had, en ineens, tats, hij wist niet meer wie hij was. „Een klassieke vorm van een burn-out. Dat fixen we in twee weken, dacht ik, maar ik ben er een goed jaar mee bezig geweest.”

Tijdens zijn herstel ging zijn oma achteruit. Tot haar dood zorgde hij voor haar. Kwart over zeven in het verpleeghuis, wassen, ontbijten. De uitvaart deed hij zelf. „Toen wist ik: ik wil weer dieper met mensen werken.” Als arbeidspsycholoog ging hij mensen coachen bij hun loopbaan – en niet zelden stuit hij daarbij op onverwerkt verlies. Omdat het niet handig is als cliënten zijn levensverhaal kunnen opzoeken, wil hij niet met achternaam in de krant.

Begin dit jaar ging het mis met Claire, een goede vriendin. Dertig jaar, een hersentumor. Ze was al langer ziek maar ging plots hard achteruit. Ze spraken veel, hij verzorgde haar wekelijks. Eind juni overleed ze.

Als je weet dat het einde nadert, zegt hij, voelt de verbinding dieper. „Net als bij papa. Maar daarna komt de klap. Je moet daar dwars doorheen. Anders wordt rouw somatisch.”

Lees ook: deel 3 over Yvonne die haar zoon verloor