‘Amsterdam is centrum van Europese cocaïnehandel’

De invloed van de onderwereld is in de hoofdstad op allerlei plekken groot en de autoriteiten grijpen onvoldoende in, blijkt uit onderzoek.

De Amsterdamse Wallen, een populair uitgaansgebied.
De Amsterdamse Wallen, een populair uitgaansgebied. Foto Olaf Kraak/ANP

Drugscriminelen hebben grote invloed op het openbare leven in Amsterdam, maar het lukt de autoriteiten niet om een goed beeld te krijgen van de omvang van het probleem. Dat stellen hoogleraar Pieter Tops en onderzoeksjournalist Jan Tromp in een rapport over ondermijning in de hoofdstad dat vrijdag zou worden gepresenteerd maar dat woensdag via De Telegraaf uitlekte. Het gemeentebestuur kondigde woensdagmiddag extra maatregelen aan naar aanleiding van het rapport.

Tops en Tromp deden een half jaar onderzoek naar de drugscriminaliteit in de hoofdstad. Amsterdam is het centrum van de Europese cocaïnehandel, concluderen de onderzoekers op basis van vijftig gesprekken met betrokkenen uit relevante sectoren en uit bestaand onderzoek. Misdadigers en zwart verdiend geld spelen in de stad een belangrijke rol. Ze zijn actief op de woningmarkt, steken hun geld in dubieuze winkels, gebruiken grof geweld en zetten jongeren en kinderen in voor hun zaken, vernamen de onderzoekers uit diverse bronnen. „Er is een wassend leger van jonge criminelen die leven in een omvangrijke en gewelddadige schaduweconomie”, aldus het rapport. Over de precieze omvang van de problemen ontbreken data.

Cocaïne

In het rapport De achterkant van Amsterdam worden enkele cijfers genoemd die een beeld geven van de vermenging van de onder- en bovenwereld in de hoofdstad, zogenoemde ondermijning. Onder meer bleek bij bestudering van het rioolwater in Amsterdam dat er jaarlijks voor ten minste 75 miljoen euro aan cocaïne wordt gebruikt. Dit onderzoek heeft wel beperkingen, stellen de onderzoekers. Uit gemeentelijk onderzoek dit voorjaar, waarin 337 horecavergunningaanvragen werden bestudeerd, bleek dat bij de aanvraag van nieuwe horecavergunningen in meer dan de helft van de gevallen gebruik werd gemaakt van onderhandse financieringen. Van die financiers heeft 35 procent een strafblad. In de periode 2016-2018 zijn landelijk 1 miljoen ongebruikelijke transacties gemeld. 32 procent kwam uit Amsterdam. Daarvan werden 21.000 als verdacht aangemerkt. Het bedrag dat hiermee gemoeid was, is 8,3 miljard euro. De cocaïnemarkt is in handen van ongeveer twintig groepen met hooguit vijf hoogste bazen, van wie sommigen miljardair zouden zijn.

Lees ook dit interview Pieter-Jaap Aalbersberg, toenmalige chef van de Amsterdamse politie: ‘Cocaïnehandel Amsterdam levert wekelijks miljoenen op’

Drugscriminelen doen ook zaken met jongeren. Die worden ingezet als handelaars of koeriers met bezorgauto’s, -brommers en -taxi’s, en knappen klusjes op voor hun baas. Vooral sociaal zwakke jongeren en jongeren met een geestelijke beperking uit zogenoemde zwijgwijken in Amsterdam-Oost, Nieuw-West en de Bijlmer worden vaak in de handel betrokken. Er zouden zelfs kinderen van negen of tien jaar oud gebruikt worden om op de uitkijk te staan en te waarschuwen als er politie aan komt. Onder middelbarescholieren wordt de handel in drugs steeds normaler, is gebleken, ook bij jongeren uit hogere sociale klassen.

Geen grip

De gemeente Amsterdam erkent dat er „geen sprake is van greep op de drugsgerelateerde criminaliteit” in de stad. „De negatieve effecten ervan zijn niet beheersbaar gemaakt.” Misdadigers hun geld afpakken lukt justitie nauwelijks, omdat illegaal verdiend vermogen snel wordt weggesluisd naar het buitenland via netwerken van ondergrondse transactiediensten. Coffeeshophouders staan onder invloed van grote spelers op de wietmarkt die handgranaten bij elkaar achterlaten. Wie die grote spelers zijn, is nog altijd niet duidelijk.

Politie, justitie, gemeente en instanties moeten de omvang van de problematiek beter en consequenter in kaart brengen, adviseren de onderzoekers. Er moet vanuit de Rijksoverheid extra geld beschikbaar komen, de handhaving moet versterkt worden en de autoriteiten moeten meer informatie verzamelen over de werkwijze van de misdadigers. Al met al is een „massief beleid van repressie” nodig, aldus het rapport, maar repressie alleen is onvoldoende. „Van ambtenaren en hulpverleners krijgen wij te horen dat tal van gezinnen en gemeenschappen in Amsterdam de aansluiting met de geordende samenleving zijn kwijtgeraakt.”

‘Indringend’

Volgens burgemeester Femke Halsema maakt het rapport „indringend” duidelijk welke gevaren ondermijning oplevert voor de veiligheid, woningmarkt en de economie. Ze zegt in een brief aan de gemeenteraad de kritiek op de „gefragmenteerde en projectmatige inzet” van de gemeente te herkennen, en kondigde aan „met grote prioriteit” nauwer samen te werken met onder meer het Rijk en andere grote steden. De burgemeester sprak in de brief mede namens politie en justitie.

Hoe de gemeente haar beleid precies zal aanpassen, werd woensdag niet direct duidelijk. Er gaat meer geld naar het Amsterdams Programma Drugs, dat de drugsproblematiek moet aanpassen. Details worden later duidelijk, maar de bevindingen van Tops en Tromp zullen in het programma worden verwerkt, aldus Halsema. Ook komt de gemeente met een plan voor de aanpak van wapengeweld in Amsterdam, en lopen er projecten en samenwerkingsverbanden om handgranaatincidenten en ondermijning te bestrijden.