Recensie

Recensie Beeldende kunst

Jonge kunstenaars in de voetsporen van Krijn Giezen

Tentoonstelling Het Gem in Den Haag presenteert een groepstentoonstelling rond conceptueel kunstenaar Krijn Giezen. Geen gek idee, want ecokunst en natuurbewustzijn zijn belangrijke trends onder jonge kunstenaars.

Krijn Giezen (1939-2011), 4.7.2004 gebarentaal, uit: mailorder catalogus, 2004, Stroom Den Haag
Krijn Giezen (1939-2011), 4.7.2004 gebarentaal, uit: mailorder catalogus, 2004, Stroom Den Haag

Zijn materiaal is alledaags: een varken, een vis, hout, een verrafelde mat, een stuk papier, potlood. Met de vis legt hij vast hoe die te roken. Met het varken laat hij zien hoe die compleet te braden in een oven die hij zelf maakt. Met het hout bouwt hij een uitkijkpost in de ontoegankelijke rietbossen in Flevoland, en een trap in de tuinen van het Kröller-Müller die leidt naar het mooiste uitzicht ter wereld: de hemel en de bomen daaronder.

Krijn Giezen, Het schoonmaken van gerookte sprot, 1976-1977

De conceptuele kunstenaar Krijn Giezen (1939-2011) wandelde rond in Den Haag, de kustlijn van Katwijk en Noordwijk en later ook in de omgeving van zijn primitieve landgoed in Normandië. Hij documenteerde wat hij zag en waarvan hij dacht dat het belangrijk was om te bewaren. Dankzij Giezen weten we hoe een bakker zijn muur stut (met een extreem oudbakken brood), hoe een boswachter een boomstronk in een hamer omtovert, een metaalbewerker een stuk metaal in een prothese. Giezen was ook kritisch en had wat je nu noemt, een groot ecologisch bewustzijn: hij bouwde een geluidswal van puin voor Rhoon en amfibische verblijfplaatsen die zich aanpasten aan de stijging van de zeespiegel.

Oog voor het alledaags

Daarom is het niet raar om een groepstentoonstelling te organiseren met Giezen als uitgangspunt, want ecokunst en natuurbewustzijn zijn belangrijke trends onder jonge kunstenaars. In het GEM in Den Haag doet conservator Yasmijn Jarram een poging. Op Een ongewone wandeling. Sporen van Krijn Giezen brengt zij werk van vier, op zichzelf interessante kunstenaars samen met dat van Giezen. Semâ Bekirovic, Paul Geelen, Chaim van Luit en Bram de Jonghe delen volgens Jarram Giezens liefde voor de natuur en diens oog voor het alledaagse. Dat is erg ruim genomen – en dat is ook meteen het belangrijkste manco van deze tentoonstelling.

Chaim van Luits precieus samengestelde vloercirkel (Waste of Time, 2019) is weliswaar gemaakt van jarenlang verzameld afval, maar is net als zijn andere werk in het GEM te esthetisch, te zorgvuldig bedacht om iets van de vrije geest van Giezen te ademen. Als Van Luit ergens naar verwijst, dan is het naar Richard Long of de acties van Marinus Boezem.

Chaim van Luit, Left, Right, Right, Right, 2013-2019 (still)

Hetzelfde geldt voor Paul Geelen, die al jarenlang prachtige, poëtische installaties maakt rondom de vijand van iedere moestuinbezitter: de slak. In het GEM toont hij onder andere een uitvergrote liefdespijl in brons die de ene slak op de andere afschiet voor het paren (Z.t. Love Dart, 2019), slakkenslijm op koperplaat en een prachtige laboratoriumkolf met goudgeel slakkenslijm. Geelen is veel wetenschappelijker georiënteerd en systematischer dan Giezen ooit was.

Semâ Bekirović werkt al jaren met het idee van spontaniteit dat aan natuur wordt toegedicht. Zo werd ze bekend met haar foto’s van nesten, die Amsterdamse waterhoentjes bouwden van afval dat de kunstenaar ze ‘gaf’. In het GEM toont ze hoe bijen een handdoekhaak van de Ikea transformeren tot een botergeel kleinood van bijenwas. Beecomb (2018) is vrijmoedig en beslist mooi: een door mensen gemaakt gebruiksvoorwerp en een natuurlijk product vormen samen een kunstwerk. Veel twijfelachtiger is haar serie The International Forest (vanaf 2014). De tien in bubbeltjesplastic ingepakte, dode boomtakken nam de kunstenaar met het vliegtuig mee of liet ze opsturen vanuit allerlei delen van de wereld. Je kunt hierin, zoals de tentoonstellingstekst zegt, een ‘subtiel commentaar zien op de huidige milieuproblematiek’. Maar Krijn Giezen zou zich bij zoveel ecologisch onbewustzijn in zijn graf omdraaien.

De kunstenaar die het esprit van Giezen wel weet te vangen, is de Belgische Bram de Jonghe. De Jonghe laat via een kunstig parcours van ijzer en kogellagers net onder het plafond van het GEM een vis vliegen door de ruimte. De vis is ongrijpbaar, een tikje absurdistisch en – heel praktisch – ze droogt in de lucht. Dit visdrogen bezit een kwaliteit waar Giezen altijd naar op zoek was: die van het vergeten ambacht. Met Oostende. Voor alles wat beweegt, verstrijkt de tijd (2019) maakt De Jonghe niet alleen een ragfijn monument voor zijn Oostendse jeugd en de visdrogers van toen, maar ook voor Krijn Giezen.

Correctie (3-9-2019): Eerder stond als geboortejaar van Krijn Giezen 1934 vermeld, dat moest zijn 1939. Dat is gecorrigeerd.