Centrale bankiers: wij kunnen de wereldeconomie niet redden

Symposium Jackson Hole Terwijl de handelsoorlog escaleerde, waren centrale bankiers bijeen in het Amerikaanse Jackson Hole. Het monetair beleid kan geen antwoord bieden, was de weinig geruststellende boodschap.

De Amerikaanse bestuurder en bankier Jerome Powell en de Britse econoom en bankier Mark Carney bij de jaarlijkse brainstorm over monetair beleid in Jackson Hole.
De Amerikaanse bestuurder en bankier Jerome Powell en de Britse econoom en bankier Mark Carney bij de jaarlijkse brainstorm over monetair beleid in Jackson Hole. Foto Jonathan Crosby/Reuters

Jullie, politici, veroorzaken enorme problemen voor de wereldeconomie. En wij, centrale bankiers, kunnen die niet zomaar oplossen. Dat was het sentiment in Jackson Hole in de Amerikaanse staat Wyoming, waar internationale centrale bankiers en academici de afgelopen dagen hun jaarlijkse brainstormsessie hielden. Jackson Hole is dé plek waar de grote thema’s in het monetair beleid worden besproken. Dit jaar was dat, onvermijdelijk, de handelsoorlog, die rap escaleerde terwijl het symposium gaande was.

De voorzitter van de Amerikaanse Federal Reserve, Jerome Powell, had de conferentie nog niet geopend of China kondigde nieuwe invoerheffingen op Amerikaanse producten aan ter waarde van 75 miljard dollar. Vlak nadat Powell was uitgesproken, sloeg president Donald Trump terug met extra heffingen op 550 miljard dollar aan Chinese waar. Tegelijk viel Trump Powell harder aan dan ooit. Op Twitter vroeg hij zich af wie „onze grootste vijand” is: Powell of president Xi van China?

Trump vindt dat ‘vijand’ Powell de rente veel te hoog houdt en zo de Amerikaanse economie afremt: hoe hoger de rente, hoe moeilijker burgers en bedrijven geld kunnen lenen. Dit terwijl de huidige grote economische onzekerheid – er heerst angst voor een recessie – goeddeels komt door de handelsoorlog die Trump zelf begon. Het huidige Fed-tarief van tussen de 2 en 2,25 procent ligt historisch gezien al heel laag. Hoewel de Fed de rente in juli met een kwart procentpunt verlaagde, meent Trump dat er nog minstens een procentpunt vanaf moet. In feite wil Trump dat Powell de effecten van zijn handelspolitiek verzacht.

Powell weerstaat druk

Powell kaatste de bal in zijn speech op subtiele wijze terug. Hij stelde geen renteverlaging in het vooruitzicht, ondanks de politieke druk vanuit het Witte Huis. Wel wees hij Trump op diens verantwoordelijkheid voor de handelsoorlog. „Het bepalen van het handelsbeleid is iets van het Congres en van de regering, niet van de Fed”, zei hij. De Fed voert monetair beleid, zei Powell, en dat gaat over werkgelegenheid en de inflatie. Rekening houden met onzekerheden over de handelspolitiek „kan daarbij horen”, zei Powell. Maar voor „de huidige situatie” zijn er „geen recente precedenten”. Voor de goede verstaander luidde de boodschap van Powell: op de puinhopen van Trump hebben wij geen pasklaar antwoord.

Lees ook: Centrale bankiers zijn gevangenen van beleggers geworden

Dat is geen geruststellende boodschap voor wie hoopt dat centrale banken de wereldeconomie toch wel gaan redden, zoals ze na de financiële crisis van ruim tien jaar geleden deden. Powells waarschuwing was in Jackson Hole vaker te horen. Centrale bankiers lijken steeds meer met hun handen in het haar te zitten. Hun instrumentarium is na jaren van crisisbeleid uitgeput geraakt. In Europa en in Japan liggen de rentes nog lager dan in de VS: rond de nul. Onorthodoxe maatregelen als de massale aankoop van staatsschuld hebben de inflatie niet duurzaam op het gewenste niveau van rond de 2 procent gekregen.

Stanley Fischer, oud-vicevoorzitter van de Fed, was het felst. „Het probleem ligt bij de president van de Verenigde Staten”, zei hij volgens persbureau Reuters. Dit is een president die „probeert het mondiale handelssysteem te vernietigen (...) Ik heb geen idee hoe we hiermee moeten omgaan.”

Politieke schokken

Mark Carney, de baas van de Bank of England, stelde dat de economische groeivertraging die nu wereldwijd optreedt „niet door het Fed-beleid” komt. Die komt door „een handelsoorlog” waarbij de VS „zeker betrokken zijn”, aldus Carney in een interview in Jackson Hole met The Wall Street Journal. De onzekerheid over de handelsoorlog kan een soortgelijk effect gaan hebben op de wereldeconomie als de onzekerheid over de Brexit op de economie van het Verenigd Koninkrijk, zei Carney. In het VK zijn bedrijfsinvesteringen scherp teruggevallen, de Britse economie kromp in het tweede kwartaal.

De voorzitter van de centrale bank van Australië, Philip Lowe, noemde behalve de handelsoorlog andere vormen van politieke onzekerheid: Brexit, Hongkong, Italië. „Politieke schokken worden economische schokken.” Eigenlijk zouden regeringen iets aan de onzekerheid moeten doen én zelf meer moeten investeren, bijvoorbeeld in infrastructuur. Maar dat gebeurt allemaal niet. „De last die het monetair beleid draagt, dreigt te groot te worden”, zo citeert persbureau Bloomberg Lowe.

Het liefst, staat in een academisch paper dat in Jackson Hole besproken werd, werken centrale bankiers op afstand van de politiek, systematisch, op basis van economische wetten en data. In de praktijk doorkruist onzekerheid voortdurend al hun plannen. Dat is nu nog meer dan ooit het geval. Met dank aan de politiek.