Wachten op de heli terwijl Siberië fikt

Bosbranden Rusland kampt met de grootste bosbranden sinds mensenheugenis. De vliegende blusdienst ontbreekt het aan materieel. „We hebben alles te gronde gericht.”

Een Mi-8 landt in de taiga om mannen van de Russische blusdienst Avialesoochrana op te halen.
Een Mi-8 landt in de taiga om mannen van de Russische blusdienst Avialesoochrana op te halen. Foto Konstantin Salomatin

Deze week heeft het eindelijk geregend – de eerste echte regenbuien van deze kurkdroge zomer. Op de zandpaden in Kirensk staan plassen. De verstikkende smog, die soms zo dicht was dat je het houten huis van de buren amper kon zien, is voor even verwaaid.

Maar de taiga brandt nog.

Aan het einde van de middag zijn we opgestegen, nadat technici de stokoude Mi-8 helikopter eindelijk aan de praat hadden gekregen. Nu vliegen we over het Siberische woud, dat zich in alle richtingen uitstrekt tot aan de horizon. Onder ons stijgen witte rookpluimen op tussen de dennen. Naarmate we verder de taiga in vliegen, neemt het zicht af. Een scherpe brandlucht waait door de open patrijspoort.

Eerste vlieger-waarnemer Andrej Michejev is onze kapitein boven deze zee van groen, waar het moeilijk is je te oriënteren. Geconcentreerd kijkt hij naar buiten, checkt zijn gps-ontvanger, maakt snel een aantekening op de geprinte kaart op zijn knieën. Dan meldt hij zich in de cockpit om de laatste aanwijzingen te geven. De brandweermannen achterin de heli maken zich gereed, hun gezichten strak van de spanning. Langzaam daalt de Mi-8, tot hij met een oorverdovend geraas vlak boven de boomtoppen hangt. Michejev schuift de deur open, in een hoog tempo laat hij de mannen zakken aan de stalen kabel: húp, húp. De commandant steekt zijn duim op: langzaam zwenkt de helikopter naar voren. Verderop in de taiga wachten andere brandweermannen op aflossing en proviand.

Ver van de bewoonde wereld kan het blussen van de Siberische taiga alleen met de hand, met kleine tanks die brandweermannen op de rug meenemen. Foto Konstantin Salomatin

Rusland heeft een eigen vliegende blusdienst, maar de brandweermannen van Avialesoochrana ontbreekt het aan alles – vooral aan vliegend materieel. De helikopter moet commandant Michejev huren bij de lokale vliegmaatschappij Angara. Soms gaan andere klanten voor. Onacceptabel, zegt commandant Michejev. „Terwijl de taiga in fik staat, staan wij hier te wachten op de heli.”

Siberië wordt geconfronteerd met de grootste bosbranden sinds mensenheugenis. Begin augustus was ruim tien miljoen hectare bos, een gebied ter grootte van IJsland, in vlammen opgegaan – een absoluut record. In vijf regio’s staat de taiga in brand. De afgelopen maand dreef de rook over de Oeral, tot in het hart van Rusland en over de Beringstraat naar Alaska. Grote steden als Krasnojarsk en Novosibirsk (een miljoen inwoners) stonden blauw van de rook.

De bosbranden van dit jaar zijn uitzonderlijk, maar ze passen in een trend.

Uit gegevens van het Russische Staatsbosbeheer blijkt dat tussen 2015 en 2018 het oppervlakte afgebrand bosperceel toenam van 2,7 miljoen hectare (het oppervlak van Haïti) tot 8,5 miljoen (Oostenrijk).

Dit jaar gaat de schade vele malen groter zijn. Infrarood-opnamen, gemaakt door weersatellieten, laten zien dat het aantal ‘hotspots’ in de taiga eind juli twee keer boven het langjarige gemiddelde lag. Hoe meer hotspots, hoe intensiever de brand. „De hoeveelheid thermopunten laat zien dat we dit jaar te maken hadden met een catastrofe”, zei Anton Beneslavski van Greenpeace tegen de Russische site Projekt. De belangrijkste oorzaak van het groeiend aantal bosbranden is de opwarming van de aarde, waardoor de zomers langer en droger worden. De enorme hoeveelheid CO2 die in Siberië in de lucht geslingerd wordt, versnelt dat proces alleen maar.

De helikopter heeft ons afgezet in een open plek in het bos en is vertrokken. Nu valt ineens op hoe stil het is in de taiga. Het stroompje aan onze voeten zoekt murmelend zijn weg, een zacht windje doet de berkenbladeren even ritselen. De steekmuggen doen geruisloos hun vampierenwerk.

Aleksandr Vilkov is neergehurkt bij het water om te drinken. Zestig zou je hem zeker niet geven: met de witte bandera op het hoofd en zijn kaki-legertenue lijkt de brandweerman-parachutist zo te zijn weggelopen uit een Russische oorlogsfilm. Vijfhonderd sprongen maakte Vilkov, waarvan driehonderd boven de taiga. Twee keer bleef hij hangen in een boom. Een keer ging het scherm niet open en werd hij gered door zijn reserve-parachute.

De brandweermannen achterin de heli maken zich gereed.Foto Konstantin Salomatin

Onmisbaar in een gebied zonder wegen

De parachutisten-brandweermannen zijn onmisbaar in de taiga, waar geen wegen zijn. In de jaren tachtig patrouilleerden de dubbeldekkers van Avialesoochrana elke dag. Alleen al in de regio Kirensk vlogen er twee AN-2’s, vertelt Vilkov. Bij het eerste zicht van rook sprongen de parachutisten om de brand in de kiem te smoren. Op honderden kilometers van de bewoonde wereld is het de enige manier om de branden effectief te bestrijden. Maar de Sovjet-Unie viel uit elkaar en de toestellen van Avialesoochrana verdwenen naar de schroothoop. Het aantal brandweermannen daalt met het jaar, want een startsalaris van 18.000 roebel per maand (250 euro) is zelfs hier, in de diepste diepten van de Russische provincie, een miserabel salaris. „We hadden de beste dienst ter wereld,” zegt Vilkov, „maar we hebben alles te gronde gericht.”

Hier, op tientallen kilometers van de bewoonde wereld, begint het vuur vaak met onweer. Als de bliksem inslaat en een boom vat vlam, wordt het vuur meestal gedoofd door de regen die daarop volgt. Maar dit jaar is er veel ‘droog onweer’, vertelt Vilkov, waarbij het wel bliksemt, maar er nauwelijks neerslag valt.

Vroeger waren er nauwelijks grote bosbranden, zegt Vilkov. Maar tegenwoordig laat men de branden voor wat ze zijn – bewust. Met de invoering van een nieuwe wet op het bosbeheer in 2006 werd de taiga opgedeeld in verschillende zones. In het zuiden, waar de bewoonde wereld begint en het bos intensief wordt geëxploiteerd, moeten branden meteen worden geblust. Buiten deze ‘bewakingszones’ liggen de ‘controlezones’, waar alleen wordt ingegrepen als de economische schade groter is dan de kosten. Uit rapporten van de regio’s Irkoetsk en Krasnojarsk blijkt dat de afgelopen maanden telkens weer het besluit viel om niet te blussen. Nu zijn de branden zo groot geworden dat ook de burgerbrandweer is ingevlogen naar deze open plek in het woud. Vilkov en zijn collega-brandweermannen moeten de branden proberen te isoleren door een brandgang te kappen rond de vuurhaard. Als de wind aanwakkert, en het vuur zich met een moordend tempo door de boomtoppen verspreidt, raken de mannen soms ingesloten. In dat geval trekken de brandweermannen zich terug in een laatste verdedigingsring en steken ze de bomen daarbuiten zelf in brand – zodat de aanstormende vlammenzee geen brandstof heeft. Bang is Vilkov niet meer. Hij rookt nog steeds, terwijl hij weet dat het slecht voor hem is. De sigaretten helpen hem de giftige dampen te verdragen.

Bekijk hieronder beelden van de Siberische bosbranden die onze correspondent maakte:

Op zevenhonderd kilometer ten noorden van de Siberische stad Irkoetsk vloeit de Kirenga in de Lena. De nederzetting Kirensk, met tienduizend inwoners, ligt op de landtong tussen de twee rivieren. Een aantrekkelijke nederzetting van traditionele houten huizen die je van de bewoners geen dorp mag noemen – Kirensk is een ‘stad’.

Kirensk heeft een klein vliegveldje, en de aftandse AN-24’s van Angara zijn de beste manier om hier te komen. Maar nu de taiga brandt en de vliegstrip vaak gesloten is, rest de reiziger niets anders dan de laatste 250 kilometer met slakkengang af te leggen over het ongelijke zandpad, dat intensief wordt gebruikt door de bosbedrijven die de taiga exploiteren. Zelfs in het holst van de nacht denderen de trucks, zwaar geladen met boomstammen, naar het zuiden. Links en rechts van de weg is de schade van de bosbranden duidelijk te zien.

Kirensk is niet het einde van de bewoonde wereld. Langs de oevers van de Lena, bijna tweeduizend kilometer naar het noorden, liggen kleine nederzettingen en gehuchten. Nu de veerpont deze morgen niet meer vaart, maken we de overtocht met een van de motorbootjes die fungeren als watertaxi.

Vroeger was Aleksejevsk een belangrijke rivierhaven, maar nu liggen de stalen schuiten weg te roesten op het scheepskerkhof. Het bosbedrijf dat een belangrijke werkgever was voor de regio heeft zijn poorten gesloten. Aleksejevsk loopt langzaam leeg: jonge mensen vertrekken naar de stad.

Overal vind je afgebrande stukken bos. Het aantal bosbranden in Siberië is de afgelopen jaren sterk toegenomen.Foto Konstantin Salomatin

‘U komt niet in aanmerking voor evacuatie’

Op het centrale plein heeft zich een groepje inwoners verzameld om met de buitenlandse verslaggever te praten. Na weken van bosbranden is de bevolking van Aleksejevsk ten einde raad, vertelt Marina Safrona. „In het ziekenhuis was geen zuurstof. In de apotheek waren geen maskers meer te krijgen. En zonder maskers kunnen we hier niet ademhalen.”

Af en toe leek het dorp zelf te worden bedreigd door de vlammen. Veel inwoners hebben hun koffers gepakt om zo snel mogelijk te kunnen vertrekken, zegt Safrona. „We hebben de autoriteiten gevraagd om dan tenminste de kinderen en zieken te evacueren. ‘U komt niet in aanmerking’, kregen we dan te horen.”

Bij de inwoners van Aleksejevsk moet je niet aankomen met verhalen over klimaatverandering en ‘droog onweer’. Dat kan misschien een enkele brand verklaren, zegt Oleg Minkov. „Maar kijkt u eens hoe het hier brandt.” Volgens de bewoners worden de branden aangestoken door de grote bosbedrijven. Bosbouw is big business en corruptie in de sector is schering en inslag. Vorige maand werd de minister van Bosbouw van de regio Irkoetsk aangehouden vanwege fraude met kapvergunningen. De voorzitter van de rekenkamer van Krasnojarsk moest aftreden nadat ze rapporteerde over grootschalige houtkap in de regio. Om de sporen van de kap uit te wissen, wordt het naburige bos niet zelden in de brand gestoken, zo schreef rekenkamervoorzitter Tatjana Davydenko in haar rapport.

Aleksejevsk ziet niets terug van de economische bedrijvigheid in de taiga. De grote bosbedrijven staan geregistreerd in Moskou, en dragen belasting af aan de hoofdstad. De Moskouse bedrijven nemen geen lokaal personeel in dienst, vertelt gepensioneerde Andrej Verchotov – platte pet boven een bril met sovjetmontuur – op het plein.

Oost-Siberië is een wingewest, dat wordt leeggeroofd door rijke zakenmannen in de Russische hoofdstad. „Het grootste probleem van Siberië is Moskou.”

Vandaag is er bezoek uit de hoofdstad. Moskouse tv-journalisten zijn ingevlogen met de Mi-8-helikopter die gisteren nog werd ingezet voor de brandweermannen van Avialesoochrana. Commandant Andrej Michejev heeft vandaag geen luchttransport – de Russische staatstelevisie gaat voor.

De journalisten zijn niet gekomen om met de bewoners te praten. In de afgelopen weken hebben de Kremlingezinde media geprobeerd het probleem van de bosbranden te bagatelliseren, maar de verontwaardiging onder de bevolking groeit. De tv-verslaggevers komen een positieve reportage maken: jonge vrijwilligers van het ‘Russische Volksfront’ – een maatschappelijke organisatie die banden heeft met regeringspartij ‘Verenigd Rusland’ – leggen een brandgang aan die Aleksejevsk moet beschermen tegen het vuur. Cameraploegen filmen hoe de studenten bezig zijn met het kappen van het kreupelhout. Het echte werk wordt intussen gedaan door een bulldozer van de gemeente, die voor de gelegenheid is voorzien van stickers met het logo van het Volksfront.

Andrej Verchotov is komen aanrijden in zijn Lada om met de journalisten te spreken. Een zwaar opgemaakte verslaggeefster heeft beloofd de dorpsbewoners te interviewen, maar nadat de crews hun camera’s hebben opgeborgen, is ze haastig in de bus gestapt.

Verchotov wijst naar de vrijwilligers, die zitten uit te blazen op een boomstronk. „Dit is allemaal slechts voor de show.”