Opinie

Handelsdeal kan Amazone helpen tegen ontbossing

Mercosur De exportindustrie kan in de bescherming van het regenwoud een bondgenoot in plaats van een vijand worden, schrijft .

Runderen grazen in de resten van platgebrand regenwoud in de Braziliaanse deelstaat Para
Runderen grazen in de resten van platgebrand regenwoud in de Braziliaanse deelstaat Para Foto Dado Galdieri/Bloomberg

Zal het nieuwe, omstreden handelsakkoord tussen de EU en het Latijns-Amerikaanse handelsblok Mercosur de tropische ontbossing doen toe- of afnemen? Het antwoord is aan de EU.

De huidige versnelling van de ontbossing in het Amazonegebied is om twee redenen het meest urgente wereldprobleem: niet alleen moeten we het bos behouden om enige hoop te mogen hebben op een beperking van de opwarming van de aarde tot 2 graden Celsius, maar het regenwoud bevat ook de grootste biodiversiteit ter wereld en is het domein van de inheemse bevolking.

Als het tot onder een kritieke grens krimpt, wordt het mogelijk te klein om zijn eigen wolken voort te brengen en zijn rivieren te behouden. Als dat omslagpunt wordt bereikt, kan het ecosysteem het begeven en verwordt het bos tot een savanne, waarschuwen wetenschappers.

Handelsakkoorden dienen ter verruiming en verdieping van de toegang tot markten. In dit geval zijn de gevolgen misschien wel negatief. Bij een grotere markt voor rundvlees en andere landbouwproducten profiteert een land als Brazilië van een hogere productie.

Lees ook: De Amazone brandt – maar hoe fel?

Logica achter de onwil

Daarom heeft de Braziliaanse president Jair Bolsonaro de toename aan ontbossing vergemakkelijkt. De directeur die verantwoordelijk was voor de rapportage over de ontbossing via satellietgegevens is ontslagen. Het toezicht op de inheemse gebieden is onder het ministerie van Landbouw gebracht en het handhavingsbudget is teruggeschroefd. Hierdoor was de ontbossing in juli driemaal zo hoog als een jaar geleden. Boeren organiseren ‘branddagen’ om land vrij te maken, terwijl Bolsonaro de ngo’s de schuld geeft.

Liberalisering van de handel maakt het ook voordelig om marktaandeel te veroveren door concurrenten te ontmoedigen. Zo profiteert de Braziliaanse agrosector dan ook alleen al door blijk te geven van de intentie om de Amazone te ontwikkelen. Dit is de logica achter de Braziliaanse onwil om de akkoorden met Duitsland en Noorwegen voort te zetten waarin betaald wordt voor natuurbehoud. Als deze akkoorden mislukken, worden eventuele andere donoren ontmoedigd om in natuurbehoud te investeren.

Samen met Torben Mideksa heb ik onderzoek verricht dat niet alleen deze bewegingen verklaart, maar ook mogelijke oplossingen probeert te vinden.

Reportage: Alle ruimte voor de indringers van het regenwoud

Noodzakelijke bondgenoten

Ten eerste: als landelijke autoriteiten zich tegen pogingen tot natuurbehoud verzetten, kunnen de autoriteiten van deelstaten niet alleen betere, maar ook noodzakelijke bondgenoten in de strijd tegen ontbossing zijn. Het toezicht en de wetshandhaving vinden deels plaats op deelstaatsniveau. Het deelstaatsbeleid inzake de handhaving kan fijner worden afgestemd omdat de meeste ontbossing wordt ingegeven door de lokale behoeften van mijnwerkers, boeren en houthakkers. De Braziliaanse deelstaten, en vooral Acre, hebben een lange staat van dienst op het gebied van internationale samenwerking inzake natuurbehoud.

Ons onderzoek wijst zelfs uit dat milieufinanciering daar waar ontbossing voornamelijk illegaal is – zoals nu in Brazilië – gericht moet zijn op regionale autoriteiten. Een landelijke overheid houdt er rekening mee dat natuurbehoud in de ene streek leidt tot ‘lekkage’ en meer illegale ontbossing in andere gebieden. Dit vermindert de bereidheid van de landelijke overheid om gelden aan natuurbehoud te besteden. Een regionale instantie kan bereid zijn om per dollar of euro aan aanmoediging meer aan behoud te doen.

Ten tweede moeten nieuwe westerse bondgenoten zich committeren aan veel ruimere fondsen en kredieten voor het bosbehoud. Zo kan natuurbehoud een levensvatbaar alternatief voor de ontwikkeling van de Amazone worden. De huidige beslissingen hangen af van de vraag of de eigenaren verwachten dat behouden bossen in de toekomst waardevol zullen zijn. Een geloofwaardig akkoord over compensatie voor behoud kan onmiddellijk effect hebben, ook als de gelden zelf pas later worden vrijgemaakt.

Lees ook: Is EU-akkoord Bolsonaro-bestendig?

Disciplinerende werking

Ten slotte kan het handelsakkoord tussen de EU en Mercosur een wortel en een stok tegelijk worden. Als het afhankelijk wordt gesteld van gegarandeerde duurzame praktijken, kan er een disciplinerende werking van uitgaan. Het verdrag bevat weliswaar al een hoofdstuk over duurzaamheid waarin partijen worden verplicht het Akkoord van Parijs over de klimaatverandering uit te voeren, maar uit de jongste ontwikkelingen blijkt dat deze voorwaarden onvoldoende zijn.

Het is onvoldoende dat de EU een ‘schone’ productieketen en gecertificeerde producten verlangt, want dan wordt de niet-gecertificeerde waar gewoon in eigen land geconsumeerd of aan kopers geleverd die minder kieskeurig zijn.

De handelspartners moeten daarentegen zo snel mogelijk de waarborg vastleggen dat het akkoord met de Mercosur-landen – Brazilië, Argentinië, Uruguay, Paraguay en Venezuela – alleen geratificeerd of voortgezet zal worden als het beleid tot natuurbehoud wordt hersteld, de wet wordt gehandhaafd en de rechten van de inheemse bevolking worden geëerbiedigd, met een transparante en betrouwbare monitoring.

Een geloofwaardige en hechte relatie tussen natuurbehoud en markttoegang zal gelet op het huidige pro-businessbewind in Brazilië vermoedelijk niet alleen doeltreffend zijn, maar brengt ook met zich mee dat grote exporteurs het in hun belang zullen vinden om bij de regering-Bolsonaro te lobbyen voor het herstel van een doeltreffend natuurbehoud.

Zo kan de Braziliaanse exportindustrie een bondgenoot in plaats van een vijand worden in de strijd tegen de ontbossing.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.