Opinie

Geen geluk zonder schaamte

Toekomst Het is 2076. Bij vliegschaamte of vleesschaamte, kunnen we ons nauwelijks meer iets voorstellen, maar de resterende ‘gewone’ schaamte geldt nu officieel als gedragsstoornis, schrijft .

Illustratie Lotte Dijkstra

‘Honderd jaar na het zogenaamd vrijblijvend gebabbel van een radicale feministe uit de Amsterdamse grachtengordel is het niet langer een wensdroom maar een evidence-based realiteit: we zijn de schaamte voorbij.”

Sanne Kort, hoogleraar gedragseconomie en klinische neuropsychologie aan de Eemshaven University Groningen, sprak de woorden maandag, tijdens opening van het academisch jaar 2076 in de Martinikerk. Rectrix magnifica Hóng Wang kreeg daarbij de Nederlandse vertaling overhandigd van de DSM-X, de tiende editie van het diagnostisch en statistisch handboek voor psychische stoornissen.

Hoewel het de dunste DSM-editie is sinds de invoering van het classificatiesysteem in 1952, is er geen enkele reden voor de „gepaste trots” waarmee professor Kort deze presenteerde. Het aantal psychische stoornissen is de afgelopen vijftig jaar weliswaar meer dan gehalveerd, maar aan de pathologisering van wat ooit gold als normaal menselijke gedrag lijkt nog lang geen einde gekomen nu ook schaamte als een officiële gedragsstoornis wordt gekenmerkt: „disfunctioneel onderwerpingsgedrag waarbij het lichaam voor langere tijd in de positie van expliciete inactiviteit verkeert”.

De discussie over de medische behandeling van schaamte met een lichte dosis methylfenidaat heeft de aandacht afgeleid van het echte probleem. De directe chemische bijwerkingen van het medicijn mogen dan verwaarloosbaar klein zijn, de psychologische en maatschappelijke gevolgen van een maatschappij zonder schaamte zijn des te groter. Want een mens is onmogelijk in staat om gelukkig te worden zonder enig gevoel van schaamte.

Er was natuurlijk al niet veel meer over van wat de socioloog Joop Goudsblom eind vorige eeuw „sociale pijn” noemde. En de juridische en technologische ontwikkelingen die daartoe hebben bijgedragen, zie ook ik in vele opzichten als maatschappelijke vooruitgang. Het succes van nudging, in de jaren nul van onze eeuw op de kaart gezet door gedragswetenschappers Thaler en Sunstein, heeft het menselijke gedrag in hoge mate in moreel gewenste banen weten te leiden zonder het geweten te overvragen.

Lees ook: Verhalen vertellen om het klimaat te redden

Meer-dan-twee-kinderenschaamte

Samen met de datarevolutie van het web 4.0, dat steeds meer van onze gedragingen onmiddellijk kan koppelen aan bijvoorbeeld de toekomstige klimaatschade of andere ongunstige maatschappelijke gevolgen, heeft dat vele vormen van schaamte laten verdwijnen. Zo kunnen we ons nauwelijks nog iets voorstellen bij wat eind jaren tien van deze eeuw werd aangeduid met vliegschaamte, dataschaamte, vleesschaamte, doucheschaamte, meer-dan-twee-kinderenschaamte, kledingschaamte, tabakschaamte, singleschaamte, en downschaamte.

En de recente goedkeuring door de Eerste Kamer van de Wet Morelificatie van het Verzekeringstelsel, waarbij iedereen vanaf volgend jaar verzekerd is tegen onderverzekering van moreel laakbaar gedrag, is een laatste stap in het proces tegen de verlammende gevolgen van een exponentiële toename aan kennis en steeds grotere afname van de menselijke autonomie. Maar de crisis van ‘de paradox van de Verlichting – waarbij het individu alle verantwoordelijkheid kreeg voor zijn gedrag, maar door de overdaad aan kennis het nooit goed kon doen – is slechts schijnbaar afgewend.

Lees ook: Vliegen is een zondig genoegen

Het is dit jaar niet alleen honderd jaar geleden dat Anja Meulenbelts feministische klassieker De schaamte voorbij werd gepubliceerd, maar ook dat de laatste herziene editie van Het civilisatieproces van Norbert Elias (1897-1990) verscheen. Elias beschrijft daarin, naast het proces van informalisering, waarbij gewoontes steeds individueler worden, ook het voortdurend opschuiven van de schaamtegrens. „Speciale nachtkleding raakte ongeveer in dezelfde tijd in zwang als de vork en de zakdoek; net als het overige ‘beschavingsgerei’ vond ook de nachtkleding in Europa maar heel geleidelijk ingang. En net als vork en zakdoek is ook de nachtkleding een symptoom van de beslissende verandering die zich in die tijd bij de mensen voltrok. Hun gevoeligheid voor alles wat met hun lichaam te maken had nam toe. Het schaamtegevoel hechtte zich aan gedragingen die tot dan toe niet met zulke gevoelens waren beladen. Ook hier herhaalt zich [...] het psychische proces dat reeds in de Bijbel wordt beschreven – „en ze zagen dat ze naakt waren en schaamden zich”; de schaamtegrens schuift op, het driftleven wordt verder beteugeld.”

Schaamtegrensverschuiving

Het proces dat Elias hier beschrijft betreft het eind van de Middeleeuwen, toch zijn de sociologische gevolgen van deze voortdurende schaamtegrensverschuiving allerminst middeleeuws te noemen. Schaamte is sinds mensheugenis de motor achter onze cultuur. Schaamte is de grootste producent van ‘beschavingsgerei’ geweest.

Met het wegnemen van de invloed van deze emotie door genoemde ontwikkelingen van de afgelopen vijftig jaar is cultuurproductie getransformeerd tot wat de filosoof C. Simon in 2019 al „cultuurexecutie” heeft genoemd.

Niet in de laatste plaats door de psychiater Louis Tas (1920-2011) is schaamte steeds vaker geïdentificeerd met een gebrek aan empathie voor jezelf. Het wordt tijd om Aristoteles (384-322) weer eens serieus te nemen, die schreef dat schaamte „wel geen voortreffelijkheid” is, „maar toch wordt ook een mens met schaamtegevoel geprezen”. Want „wie hierin tekortschiet of helemaal nergens voor terugdeinst is schaamteloos, wie het midden houdt schroomvallig.” De schaamteloosheid voorbij.

Deze serie is geïnspireerd op een soortgelijk idee in The New York Times.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.