‘Nederland niet betrokken bij dodelijke luchtaanval Irak’

Juridische procedure De staat is niet betrokken geweest bij de luchtaanval op 26 januari 2015, schrijft de landsadvocaat in een verweerschrift.

Mosul in Noord-Irak
Mosul in Noord-Irak

Nederland ontkent betrokkenheid bij twee luchtaanvallen in 2015, op een konvooi in Irak waarbij vijf Iraakse burgers werden gedood en twee Irakezen zwaargewond raakten. Dat blijkt uit een verweerschrift van de staat in een juridische procedure die de twee gewonde Irakezen tegen Nederland zijn begonnen. Zij willen daarmee duidelijkheid krijgen over mogelijke Nederlandse betrokkenheid bij de bewuste luchtaanval.

Het is voor het eerst dat Nederland expliciet informatie geeft over mogelijke betrokkenheid bij een luchtaanval in Irak waarbij burgerslachtoffers vielen. Tot nu toe hulde Nederland zich in stilzwijgen. Dit onder meer om geen details te hoeven prijsgeven over de luchtoperaties tegen IS.

Lees ook: Burgerslachtoffers Mosul treffen juridische hobbels bij zaak tegen Nederlandse staat

„De staat is niet betrokken geweest bij de luchtaanval op 26 januari 2015 (...)”, schrijft de landsadvocaat. „Nederland heeft die dag wel gevlogen en daarbij ook wapens ingezet, maar niet op de plek waar Ahmed en Yosef [de twee Irakezen die de staat hebben aangeklaagd] stellen te zijn gebombardeerd. De inzet van de Nederlandse F-16’s die dag heeft plaatsgevonden op een grote afstand van de door Ahmed en Yosef genoemde plekken.”

Omdat Nederland geen partij is, hoeft de staat ook niet de door de twee Irakezen gevraagde documenten te overleggen, aldus de landsadvocaat. Het verweerschrift is geschreven ten bate van een procedure die 3 september dient bij de rechtbank in Den Haag. Voorafgaand aan de zitting wil het ministerie van Defensie niet ingaan op de inhoud.

De twee Iraakse eisers, een man en een vrouw, hadden de procedure aangespannen tegen Nederland als deelnemer aan de coalitie die tegen IS vocht. Nederland draagt medeverantwoordelijkheid voor de schade die burgers hebben opgelopen bij de westerse luchtaanvallen op IS-doelen, aldus advocaat Liesbeth Zegveld, raadsvrouw van beide Irakezen.

Wat Zegveld betreft gaat de zaak gewoon door. „Ondanks de ontkenning zie ik voldoende ruimte om te vermoeden dat Nederland het wel was. Wat bedoelt Nederland met ‘grote afstand’? We hebben de bevestiging dat Nederland op die dag vloog. Bovendien moet er meer informatie komen over de samenwerking tussen Nederland en de andere landen die op die dag actief waren, terwijl er maar een handjevol doelen was.”

Ebtehal Yosef, één van de klagers, reageert per WhatsApp teleurgesteld op de Nederlandse ontkenning. „Ik heb mijn hoop verloren op rechtvaardigheid in de Nederlandse rechtbank, die geen oog heeft voor de menselijke levens die zijn vernietigd”, schrijft zij.

In twijfel trekken

De landsadvocaat trekt in het verweerschrift in twijfel of de zeven gedode en gewonde Irakezen daadwerkelijk het slachtoffer zijn geworden van een luchtaanval van de coalitie. Bovendien is niet uitgesloten dat het konvooi aan taxi’s waarin de Irakezen zich bevonden, toch dienst deed voor IS in de strijd tegen Irak en zijn bondgenoten. De staat wijst erop dat het Amerikaanse opperbevel over de bewuste dag heeft gemeld dat er diverse „voertuigen van IS” in het gebied tussen Mosul en Bagdad zijn vernietigd. Volgens de Iraakse slachtoffers waren zij juist op de vlucht voor IS.

Het verweerschrift gaat ook in op de rol die Nederland in de coalitie speelde (de zes F-16’s werden eind vorig jaar teruggehaald naar Nederland). Aan de ene kant was Nederland daarbij zeer afhankelijk van de VS, zo blijkt. „De Verenigde Staten verzamelen de inlichtingen. Daarover beschikt het coalitieland dat de luchtaanval uitvoert niet”, aldus de landsadvocaat.

Anderzijds heeft Nederland als lid van de coalitie een eigen verantwoordelijkheid, schrijft de landsadvocaat. „Ook tijdens de wapeninzet doet Nederland er alles aan om burgerslachtoffers en nevenschade te voorkomen. Diverse checks and balances zijn in de procedures opgenomen voordat tot wapeninzet wordt overgegaan.”