Royal Antwerp: de terugkeer van ‘The Great Old’

Europa League Royal Antwerp, de oudste club van België, voetbalde lang op het tweede niveau. Donderdagavond wacht AZ in de Europa League.

In de vorige kwalificatieronde schakelde Royal Antwerp het Tsjechische Viktoria Plzen uit. In Plzen zagen 600 Antwerp-supporters hoe spits Dieumerci Mbokani hun club naar de volgende ronde schoot.
In de vorige kwalificatieronde schakelde Royal Antwerp het Tsjechische Viktoria Plzen uit. In Plzen zagen 600 Antwerp-supporters hoe spits Dieumerci Mbokani hun club naar de volgende ronde schoot. foto Belga/HH

Waar in een groot deel van Antwerpen de rust heerst die hoort bij de laatste dag van de week, komt in het meest oostelijke deel van de stad een volksverhuizing op gang. Het is zondagmiddag vier uur en in de door sociale woningbouw gedomineerde arbeiderswijk Deurne-Noord vullen de straten zich met rood-wit uitgedoste supporters. Royal Antwerp speelt vanavond, de club van ’t stad. Hier en daar wordt al gezongen. „Antwerp rules the city like we’ve always done before”, weerklinkt het tegen de stenen gevels van de woningen.

Voordat het echte vocale geweld losbarst, moeten de kelen gesmeerd worden. Bij Café The Royal bijvoorbeeld, een supporterskroeg in de schaduw van het legendarische Bosuilstadion. Ze hangen er met de benen buiten. Zo ook de Antwerpse vrienden Ivan en Johnny. Verstopt achter grote bekers Maes-pils hangen de twee vijftigers aan de toog van de bar.

Beiden zijn al decennia lang fan van ‘The Great Old’, zoals de bijnaam van de club luidt, en sinds vijftien jaar „vaste abonnees” [seizoenkaarthouders]. „Antwerp heeft iets magisch”, vertelt Ivan voor hij een grote slok bier neemt. „Dat is lastig in woorden uit te leggen. Het feit dat we na jaren in de tweede klasse zo opgeleefd zijn, zegt genoeg. We zijn weer terug.”

Lees ook: De hoop is gevestigd op één man: Kompany, de teruggekeerde, verloren zoon

Het verhaal van Royal Antwerp Football Club is er een met vele hoofdstukken. De club werd opgericht in 1880, en is daarmee de oudste professionele voetbalclub van België. Om die reden kreeg het in 1926 stamnummer 1 toebedeeld door de Koninklijke Belgische Voetbalbond. Iets wat door de supporters nog altijd wordt gekoesterd als de belangrijkste bouwsteen van de club, die in haar lange historie zeven hoofdprijzen pakte in België.

In 1993 stond Antwerp als laatste Belgische club in een Europese finale. Het Italiaanse Parma was in de eindstrijd van de Europa Cup II te sterk. De kans op een nieuw hoofdstuk dient zich donderdagavond aan, met AZ als tegenstander in de play-offs van de Europa League. Het is voor Antwerp de eerste Europese campagne sinds 1997.

Wederopstanding

Niet zo lang geleden vreesden veel Antwerpenaren nog voor het voortbestaan van de club, en daarmee voor het verlies van het heilige stamnummer. De degradatie naar het tweede niveau in 2004 was het begin van een periode van dertien jaar zonder topvoetbal. Na de degradatie zorgden sportief en financieel wanbeleid ervoor dat Antwerp halverwege dit decennium aan de rand van de afgrond stond. Een fusie met stadgenoot en aartsvijand Beerschot leek een laatste redmiddel, maar de supporters wilden daar niets van weten. Dan liever failliet, dachten ze in Deurne-Noord.

Maar een financiële injectie van Ghelamco-baas en vastgoedmagnaat Paul Gheysens hielp Royal Antwerp in 2015 uit de schulden en twee jaar later volgde promotie. Slim beleid van sportief directeur Luciano D’Onofrio en trainer László Bölöni, een duo dat eerder succesvol was bij Standard Luik, bracht de club naar waar het gezien de historie hoort: de top van het Belgische voetbal.

Aan de basis van de wederopstanding ligt volgens secretaris-generaal Sven Jaecques „het potentieel van de stad en de club”. Jaecques is sinds 2016 betrokken bij Royal Antwerp. „We borduren voort op wat ons de afgelopen jaren succes heeft gebracht", vertelt hij. „De club groeit stap voor stap en wordt daarin gestuwd door de enorm loyale supporters.”

Hondstrouwe aanhang

De supporters vormen het fundament van de club. Hoewel door de jaren heen niet vrij van onbesproken gedrag, staat de Antwerpse aanhang bekend als uitbundig en hondstrouw. „Zelfs in de tweede klasse bleven we met duizenden komen, ook bij uitwedstrijden”, vertelt Antwerp-supporter Chris vanuit zijn hamburgerkraam naast het stadion. „Royal Antwerp speelde altijd een thuiswedstrijd.”

Het Bosuilstadion, sinds 1923 thuishaven van Royal Antwerp. Foto David Pintens

Hoe belangrijk de supporters zijn, blijkt zondagmiddag tijdens de wedstrijd tegen Sint-Truiden. ‘Rechtstaan en zingen’ is te lezen op een spandoek dat aan het hek is geknoopt van Tribune 2, het vak waar de fanatiekste fans staan. Er wordt massaal gehoor aan gegeven. Negentig minuten lang zingen de 15.000 toeschouwers op de Bosuil de elf rood-witten op het veld toe. Die belonen dat met een eenvoudige 2-0 overwinning.

Voormalig spits en cultheld Patrick ‘Patje Boem Boem’ Goots slaat het tevreden gade vanaf de hoofdtribune. „Ik heb op elk veld in België gespeeld, maar nergens is de sfeer zo goed als bij Antwerp. Als het Bosuilstadion begint te daveren, dan ga je als speler harder lopen.”

Vanwege angst voor ongeregeldheden zijn uitsupporters donderdagavond niet welkom bij de eerste Europa League confrontatie met AZ, die wordt gespeeld in het stadion van FC Twente. Royal Antwerp zal het in Enschede dus moeten doen zonder de trouwe fans. Maar AZ kan een getergde tegenstander verwachten. The Great Old is terug van weggeweest, en is erop gebrand opnieuw Europa te veroveren.