Opinie

Liefde en horror in de Age of Aquarius

Joyce Roodnat Joyce Roodnat ziet op één dag twee films die in 1969 spelen: de documentaire ‘Woodstock’ en de nieuwe Tarantino ‘Once Upon a Time in… Hollywood’. En beseft dan dat het nergens op sloeg, de ‘peace’ en ‘love’ van die Woodstockhippies.

Joyce Roodnat

‘Woodstock’ was precies 50 jaar geleden, vandaar dat de documentaire over die Three Days of Peace and Music in zijn volle glorie van 3 uur en 4 minuten werd vertoond in de Nederlandse bioscopen. Ik zag die film lang geleden. Oftewel: ik ga.

Natuurlijk duik ik kopje-onder in de nostalgie. Het is een rommelige film, maar alles zit erin. Ik zie de Woodstockhippies rondsjokken en herinner me het gevoel van de warme klinkers onder mijn blote voeten (als hippie droeg je geen schoenen; althans, in de zomer). Stem en performance van Joe Cocker benemen me als vanouds de adem. En net als toen denk ik bij de monoloog over de ongelukkige liefde van Janis Joplin: Ja! Zo is het!, ook al vind ik het nu oeverloos geklets.

Maar de film komt anders aan dan toen. Toen nam ik de Age of Aquarius nog serieus. Toen had ik niet door hoe verbeten er werd gewerkt aan een mythe. O, wat zijn we vredig, o wat zijn we lief. Elke popster begint zijn concert ermee, iedereen herhaalt het. En het sloeg nergens op. Peace en Love waren al weggevaagd voor het festival goed en wel begonnen was.

Tien dagen eerder om precies te zijn. Toen werden in Los Angeles de Manson-moorden begaan. Actrice Sharon Tate, hoogzwanger, en haar vrienden Jay Sebring, Abigail Folger, Voytek Frykowski en Steve Parent werden in de nacht van 8 op 9 augustus beestachtig vermoord en sindsdien stond het land op zijn kop.

Margot Robbie als Sharon Tate in ‘Once Upon a Time in… Hollywood’.

Met hun dood kwam er een einde aan de vrije, losbandige, revolutionaire jaren zestig en hun speelse beautiful people. Woodstock ‘vergeet’ de moorden en ook de film negeert ze, afgezien van een krantenkop op de achtergrond die een cameraman bij toeval vastlegde.

Toevallig was ik de ochtend vóór de Woodstock-film naar Once Upon a Time in… Hollywood, de nieuwe Quentin Tarantino. Daarin neemt hij theatraal wraak op Manson en zijn clan, die de jaren 60 vermoordden, maar óók een einde maakten aan zijn lievelings-Hollywood – zie de hartstochtelijke reconstructies, met als hoogtepunt een re-enactment van een ‘pool party’ in de Playboy Mansion. Ik zie dat Tarantino meesterlijk filmt, hij kan alles wat hij wil. Maar de film zit me niet lekker.

Ik google het politierapport en dwing mezelf te lezen hoe het lichaam van Sharon Tate eraan toe was.

Ik lees dat een van de moordenaressen eigenlijk de baby uit Tates buik had willen snijden als trofee voor Charlie. Ik word misselijk. Die mensen zijn afgeslacht, en Tarantino biedt zijn publiek een uitweg uit de horror. Maar er is geen uitweg. Dat is juist het punt. Daar moeten we mee leven.

Lekkere muziek, lekkere horror, lekkere alles – maar zo lekker was het niet.