In het corrupte Nairobi betaal je de politie voor je eigen veiligheid

Je moet wel gek zijn om in Kenia de overheid te vertrouwen. Correspondent Koert Lindijer betaalt daarom maandelijks voor extra politiepatrouilles.

Een Keniaanse activist schopt tegen een banner met het hoofd van president Kenyatta.
Een Keniaanse activist schopt tegen een banner met het hoofd van president Kenyatta. Foto Daniel Irungu/EPA

Njoroge is de politiecommissaris van mijn weelderige woonwijk in hoofdstad Nairobi. Toch heeft hij een tekort aan politieauto’s en heb ik hem dus opgehaald voor een akkefietje bij mij thuis. Verbaasd kijkt hij naar mijn boekenkast en bromt: „Jullie witten houden alleen van boeken en bomen.”

Njoroge zou liever gestationeerd zijn in een verwaarloosde arme wijk of in een middenstandbuurt, daar is het makkelijker om bewoners geld af te troggelen. Beter dan in een beboste wijk met uitstervende witte kolonialen, opkomende zwarte rijken en een verdwaalde journalist. „Niemand komt hier arrestanten vrijkopen, onze cel is vaak leeg. Jullie maken je vooral druk over het illegaal omhakken van bomen.”

Mijn wijk behoort tot de veiligste van Nairobi. Dat is in grote mate te danken aan de bewoners. Enkele jaren geleden voerden we een inzamelingsactie voor de politie, voor de opwaardering van de status van hun politiepost naar die van politiebureau. We betalen maandelijks voor extra politiepatrouilles. Sindsdien is de politie onze beste vriend.

Geven buurt en politie hiermee het slechte voorbeeld? Of laat dit juist zien hoe men zich in Kenia door slim netwerken staande houdt, en is dit de veelgeprezen overlevingskunst op het continent? Is wat we in mijn wijk doen noodzakelijk kwaad, onvermijdelijk om te kunnen overleven in sociale wanorde?

Veel Keniaanse gezinnen, vooral die in de middenklasse, hebben tegenwoordig een fixer bij de overheid – alleen dán krijg je iets voor elkaar. Als er iets duurzaam is in Kenia dan is het corruptie – en de talrijke beloftes van de overheid om daar een einde aan te maken.

Corruptie bestaat hier op alle niveaus. Ambtenaren zijn corrupt, professoren, leraren en dokters zijn het. Ja en zelfs geestelijken die maar al te graag op zondag politici ontvangen die een koffertje met bankbiljetten schenken „voor God”.

„We zijn een zielloos volk geworden dat corruptie als het grootste probleem is gaan ervaren”, schrijft commentator Darius Okolla van de website The Elephant. „Maar in werkelijkheid gaat het om het verdwijnende vertrouwen in het publieke leven. We raken de gedachte kwijt dat een dokter de juiste diagnose stelt en de monteur je de juiste reserveonderdelen levert.”

Alleen een gek vertrouwt de overheid in Kenia. „Waarom is mijn elektriciteitsrekening opeens zo hoog?”, klaagde een vriend. Toen de gehele leiding van het staatsbedrijf werd gearresteerd wegens corruptie, kwam het antwoord. „Zit er geen lood en kwikzilver in de suiker”, vroeg een andere vriend die ik een kop thee aanbood. Door corruptie bij belastingvrije invoer kwamen tonnen vergiftigde suiker op de markt, dreigden Kenianen die werkzaam zijn in de suikerindustrie hun banen te verliezen en verdienden enkele zakenlui en politici in korte tijd een heleboel.

Politiek en macht zijn hier business. Politici bouwen snel na hun verkiezing dure villa’s. Er wordt nauwelijks verantwoording afgelegd voor overheidsuitgaven.

Maar volgens opiniepeilingen zien Kenianen de politie als de meest corrupte overheidsinstelling. Tref je een verkeersagent op een rotonde, dan weet je dat hij in een slecht blaadje staat bij zijn baas. Op een rotonde valt moeilijk geld af te persen. De agent moet het smeergeld dan ook nog tot bovenaan de piramide aan invloedrijke collega’s afstaan. „Het is een goed ontwikkeld afpersingsnetwerk, van hoog tot laag”, vertelde een voormalige opperrechter me eens die het verderf onderzocht.

Het lichaam van een arme jongen in mijn buurt, betrapt op het roken van marihuana, hing onlangs na zijn arrestatie aan een touw in zijn cel in het door ons gefinancierde politiebureau. Maak van de politie nooit je vijand.

„Uw buurt is saai en rustig”, zucht politiecommissaris Njoroge als hij zonder een gevulde handdruk van mij afscheid neemt. In de sloppen valt geld te verdienen. „Ik hoop op een snelle overplaatsing.”