Profvoetbal overvallen: Rabo had best even kunnen bellen

Rabobank Het betaald voetbal is overvallen door maatregelen van de Rabobank. Toch streven ook de clubs en de KNVB naar scherpe controle van particuliere financiers.

Rabobank is zeer actief als sponsor in het betaalde voetbal, waaronder bij ADO Den Haag.
Rabobank is zeer actief als sponsor in het betaalde voetbal, waaronder bij ADO Den Haag. Foto Leo Vogelzang/HH

Waarom heeft de Rabobank zich niet éérst tot hen gewend? Dat gevoel overheerst in het betaalde voetbal nu bekend is geworden dat de bank per direct geen profclubs meer als klant accepteert. „Wij hadden misschien wel zorgen kunnen wegnemen”, zegt directeur Serge Rossmeisl van werkgeversorganisatie Federaties Betaald Voetbal (FBO). „Blijkbaar is de Rabo niet goed op de hoogte van wat wij al doen om buitenlandse investeerders te controleren.”

Dinsdag meldde NRC dat de Rabobank betaald voetbalclubs (BVO’s) weert als klant. De bank, waar tachtig procent van de BVO’s bankiert, staat ook niet meer toe dat medewerkers bestuurs- of toezichthoudende functies in het profvoetbal vervullen. Volgens de bank brengen profclubs „verhoogde tot onacceptabele risico’s op witwassen, corruptie en fraude met zich mee”, aldus een intern bericht.

Met name eerstedivisieclubs FC Den Bosch en Roda JC hebben hinder van het nieuwe beleid, vanwege hun banden met buitenlandse investeerders. Zo kreeg Den Bosch te horen dat het een nieuwe bank moest zoeken als gevolg van de perikelen rond de beoogde clubovername door Georgiër Kakhi Jordania. Roda mag van de Rabobank geen geld ontvangen van de Mexicaan Mauricio de la Vega, die de club wil kopen. Stort hij wel geld, dan blokkeert de bank de rekening.

„Met deze maatregel scheert de Rabo onterecht alle BVO’s over één kam”, zegt FBO-directeur Rossmeisl. „Nu krijgt het imago van het voetbal een knauw, terwijl we juist op dit vlak veel stappen hebben gemaakt. We zijn qua regels veel verder dan menig ander land, waar buitenlandse financiers met minder moeite een club kunnen kopen.”

Een belangrijke stap is het verscherpte licentiereglement, waarmee alle clubs in juni 2018 instemden. Hiermee wil voetbalbond KNVB voorkomen dat clubs in verkeerde (buitenlandse) handen terechtkomen. Investeerders moeten nu open kaart spelen als ze 25 procent of meer van de aandelen bij een club kopen. Waar komt hun geld vandaan? Hebben ze elders aandelen? Vastgoed? Bezitten familieleden een club?

Wie vaag is over zijn achtergrond, komt niet door de keuring, zoals oliehandelaar Jordania ondervond bij FC Den Bosch. „Die verscherping van de regels werpt dus haar vruchten af”, aldus Rossmeisl. De Russische eigenaar van Vitesse, Valeri Ojf, kwam vorig jaar wel door de keuring. De Chinese aandeelhouders van ADO Den Haag arriveerden vóór de nieuwe regels ingingen, net als Isitan Gün, de Turkse eigenaar van Fortuna Sittard.

Dat clubs meer openstaan voor vreemd geld, is indirect een gevolg van een gebrek aan alternatieven die ze hebben om hun inkomsten te vergroten en sportief te groeien. Leningen voor een voetbalclub? Banken peinzen er niet over. „Als je geld in een voetbalclub stopt, moet je denken aan een waterval in de Sahara”, zegt een insider. „Je bent het kwijt.”

Al heeft Ajax nog zulke nauwe banden met ABN Amro, krediet heeft de bank de club nooit willen verstrekken. Voormalig profclub Achilles ’29 ging in 2017 zelfs een lening aan van vijf miljoen euro in Brazilië. Later ging de proftak van de Groesbeekse club alsnog failliet.

KNVB is overvallen

Voetbalbestuurders vinden het begrijpelijk dat de Rabobank argwanender is. Van hen mag de bank gerust als een waakhond van zich af bijten als clubs zich inlaten met duister geld. Maar om meteen elke voetbalclub als klant te weigeren? Dat gaat ver, en leidt tot onbegrip. „Wij worden overvallen door de berichten in de media”, reageerde de KNVB dinsdag. „Wij hadden de zorg van de Rabobank graag op een andere wijze vernomen, zodat we hen onze activiteiten en vorderingen eerder konden toelichten.”

Tegelijk verandert er voor de meeste clubs niets. De Rabobank heft geen rekeningen op, tenzij clubs het daar zelf naar maken. „Wij hebben te horen gekregen dat de bank ons geen andere producten kan aanbieden”, zegt directeur Ivo Pfennings van Fortuna Sittard. „Maar meer dan onze betaalrekening hebben we ook niet nodig.”

Pieter de Waard, algemeen directeur van Telstar, dat speelt in het Rabobank IJmond Stadion, juicht het toe dat Rabobank harder optreedt. Hij heeft gezien hoe in Europa (Manchester City, Paris Saint-Germain) buitenlandse investeringen de sportieve verhoudingen ernstig hebben verstoord en heeft altijd de vrees gehad dat dit ook in Nederland kan gebeuren. Nu de bank transacties blokkeert, zoals die van de Mexicaanse investeerder bij Roda, zouden clubs minder gelegenheid hebben om te profiteren van externe geldbronnen die andere clubs niet hebben. Dat helpt om een gelijk speelveld te creëren.

De Waard: „Elk halfjaar staat iemand op de stoep die Telstar wil kopen. We hebben hier al Arabieren, Polen, Japanners gehad. Als sector kunnen wij de hulp van de Rabobank goed gebruiken ter bescherming van onszelf.”