Recensie

Recensie Film

De naweeën van de Argentijnse dictatuur

Drama Er wordt over veel gezwegen in het Argentijnse ‘La Quietud’. Onder die stilte zit de erfenis van de geschiedenis, van de dictatuur die ieder personage in tweeën splijt.

Martina Gusman (links) en Bérénice Bejo als de zussen Mia en Eugenia in ‘La Quietud’.
Martina Gusman (links) en Bérénice Bejo als de zussen Mia en Eugenia in ‘La Quietud’.

La Quietud is een film als een ui”, vertelt de Argentijnse filmmaker Pablo Trapero (1971) aan de telefoon uit Buenos Aires. „Laag na laag pel je de complexe geschiedenis van deze familie af, maar in plaats van dat je aan het einde op een lege kern stuit, zit er een baby in.”

Trapero is een van de meest vooraanstaande Argentijnse filmmakers, wiens films grotendeels ook in Nederland zijn gedistribueerd. Ooit was hij een van de gezichten van de Argentijnse ‘nieuwe golf’, die vanaf eind jaren negentig de camera op de jonge generatie richtte, die het meeste te lijden had onder de economische crisis en de naweeën van de dictatuur. La Quietud ging vorig jaar op het filmfestival van Venetië in première. Een onverwacht tweeluik met zijn vorige film El Clan (2015), een duistere, masculiene film over de Puccio-familie die voor het Videla-regime mensen ontvoerde en liet verdwijnen.

La Quietud speelt in het heden en focust op de vrouwelijke leden van een welgestelde familie waarin alle verhoudingen door intriges worden geperverteerd. Dat blijkt dan nog maar het begin van veel dieper gelegen geheimen en trauma’s die terugvoeren naar de misdaden van de dictatuur.

Trapero: „La Quietud is ook een film over dubbelgangers, over spiegelbeelden, nachtschaduwen. Een van de uitgangspunten was om een film te maken over twee zussen, gespeeld door mijn echtgenote Martina Gusman en de in Frankrijk woonachtige Bérénice Bejo, die uiterlijk extreem veel op elkaar lijken. Ze zouden tweelingzussen kunnen zijn, in een symbiotische, soms bijna incestueuze relatie. Maar er zou ook voldoende ruimte moeten zijn om te denken dat er eigenlijk maar één dochter is. Herinner je je het surrealistische meesterwerk Cet obscur objet du désir (1977) van Luis Buñuel, waarin hij twee actrices dezelfde rol laat spelen? Daaraan moest ik meteen denken toen ik Martina en Bérénice ooit naast elkaar zag. Van daaruit is de film ontrold. Maar alle personages zijn op een bepaalde manier gespleten: de moeder met haar geheimen, de minnaars van de zusters. Waarheid en leugen zijn op een bepaalde manier ook zo’n tweelingpaar.”

Zwijgcultuur

Dat filmmakers van zijn generatie steeds maar terugkeren op de erfenis van de dictatuur en de zwijgcultuur daaromheen komt volgens Trapero omdat „wij de laatste generatie zijn die een of andere vorm van directe herinnering aan die tijd heeft”.

Maar dat zijn films soms overvol en onevenwichtig overkomen heeft ook te maken met de vele elementen die hij erin heeft willen verwerken. „De film is een melodrama, vandaar ook de vele muziek die soms als een versterker voor de emoties, en soms als een flashback werkt. Maar ik heb ook willen laten zien wat het betekent als mensen koste wat het kost de schone schijn ophouden. Alles op de ranch ziet er perfect uit, de natuur is romantisch, het huis ziet eruit als een Instagram-plaatje, deze mensen leven in een schijnwereld. Alleen ’s nachts worden ze met hun eenzaamheid en hun schuld geconfronteerd.”