Opinie

China put Hongkong langzaam uit

China zou de onrust in Hongkong met geweld kunnen beteugelen, maar kiest vooralsnog een subtielere aanpak, schrijft .

Leden van de Chinese Gewapende Volkspolitie in een stadion in Shenzhen, slechts 25 kilometer van de grens met Hongkong.
Leden van de Chinese Gewapende Volkspolitie in een stadion in Shenzhen, slechts 25 kilometer van de grens met Hongkong. Foto Alex Plavevski/EPA, Bewerking NRC

De Chinese wijsgeer Lao Tze schreef dat doeltreffende macht zich gedraagt als water. Zacht en ongrijpbaar gaat zij op zoek naar zwakke plekken, verzadigt de tegenstander en maakt hem immobiel. De voorbije maanden namen de betogers in Hongkong hun toevlucht tot die filosofie. Zoals dit weekend weer: druk zetten en het toch nét niet laten komen tot gewelddadige botsingen, laverend door de straten van de megapolis, de grenzen aftastend van de tolerantie, zoekend naar de zwakke plekken van de door Beijing aangestuurde overheid.

Beijing geeft de betogers lik op stuk: water tegen water. Want ook al kookt het bloed bij de Chinese leiders, zij willen hun rivalen geen tweede Tiananmen gunnen, de opstand die in 1989 bloedig werd neergeslagen. Dat is uiteindelijk wat velen verwachten: een massale inzet van brute militaire macht, op ‘uitnodiging’ van de overheid van Hongkong. Waarom zou een imperium van 1,4 miljard inwoners de provocaties van enkele miljoenen onrustzaaiers immers gedogen? Waarom zou China anders ook enkele duizenden agenten van de Gewapende Volkspolitie met honderden voertuigen ostentatief aan de grens met Hongkong samenbrengen? Waarom zouden Chinese leiders anders verwijzen naar het protest als ‘terrorisme’, als een aanval aangewakkerd door de Verenigde Staten en andere buitenlandse rivalen?

En toch, ondanks weken van onrust, zijn de pakweg vierduizend in Hongkong gestationeerde Chinese soldaten niet ingezet. Vanuit de centrale barakken in het hart van de stad heeft dat Chinese garnizoen de opstand vooral geobserveerd en af en toe wat geroepen. Ook de Gewapende Volkspolitie in de naburige Chinese provincie Shenzhen is de grens niet overgestoken. Beijing lijkt er vooralsnog de voorkeur aan te geven die militaire macht te gebruiken om te intimideren. Het wil de ouders van de vaak jonge demonstranten de stuipen op het lijf jagen, de Chinezen in het moederland tonen dat het de opstand zo kan vermorzelen en de wereld tonen dat het ondanks de vermeende buitenlandse inmenging genadig is.

Tezelfdertijd zet Beijing andere machtsmiddelen subtieler in. Water is daarbij niet alleen een metafoor, maar ook een effectief machtsmiddel. Aangezien elke dode student een stok is waarmee critici in het Westen Beijing kunnen slaan, is de ordehandhaving in Hongkong een laboratorium van niet-dodelijke middelen geworden. Gigantische met water gevulde muren van kunststof die als barrières dienen, werden aangekocht om gevoelige plaatsen te beschermen. Franse en Duitse bedrijven hebben gouden zaken gedaan met het verkopen van waterkanonnen en andere voertuigen. Ook geluidskanonnen (long range acoustic devices) zijn op het terrein verschenen, die hoofdpijn en misselijkheid veroorzaken.

Lees ook dit interview met protestleider Wong: ‘De hele wereld kijkt naar Hongkong’

De aanpak gaat verder. Socialemediaplatforms kregen cyberaanvallen te verduren. Chinese agenten infiltreerden en ondersteunden de ordetroepen van Hongkong. Pro-Chinese bendes werden ingeschakeld om demonstranten met ijzeren staven te bewerken. Ouders van prominente verzetsleiders kregen vermaningen, niet van de overheid, maar van vrienden of familieleden die wel werden aangesproken door agenten en inlichtingenagenten. Zakenlui werden onder druk gezet om werknemers te verplichten te werken. Topmensen moesten meedoen in pro-Chinese betogingen. Er wordt gedreigd met ontslag. Universiteiten werd gemaand hun studenten tot de orde te roepen. Dit is hybride oorlogvoering op zijn Chinees.

Beijing maakt Hongkong afhankelijk

Beijing schijnt dus te verwachten dat het de betogers kan uitputten en verdeeldheid kan zaaien. Als dat lukt, kan het op langere termijn opnieuw proberen de realiteit in Hongkong verder te beïnvloeden. Tegen 2047 – China denkt aan de langere termijn – is het doel immers om de stadstaat volledig in te lijven. Het verdrag van 1997 waarmee Hongkong werd overgenomen van het Verenigd Koninkrijk laat immers die ruimte. Dat kan door Hongkong afhankelijker te maken van Chinese investeerders en jongeren als het ware te verplichten voor een bedrijf uit het Chinese moederland te laten werken. Wiens brood men eet, diens woord men spreekt. Ook de samenstelling van de bevolking kan subtiel worden beïnvloed, door Chinezen uit het moederland aan te moedigen naar Hongkong te verhuizen en jongeren uit de stad kansen te geven in aangrenzende provincies. Er zal wellicht geïnvesteerd worden in onderwijs, in infrastructuur: alles om Beijing als een betrouwbaarder partij te presenteren dan de onruststokers.

Of het zal werken, moeten we afwachten. Maar de voorbije weken werd er van de kant van de demonstranten enorm veel energie gemobiliseerd zonder veel te bereiken. Een slag in het water, dus. Het zou alleszins bevestigen hoe doeltreffend Beijing zijn macht kan doen gelden. Het andere scenario, dat van een militaire interventie, is voor Beijing minder aantrekkelijk. Het zou de rust ook dan kunnen afdwingen, maar het imago van relatieve terughoudendheid en beheerstheid beschadigen. Dat is een plezier dat China zijn rivalen niet gunt.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.