Opinie

Buitengewoon

Marcel van Roosmalen

Vorige week overleed prinses Christina, jongste dochter en zus van. Uit de necrologieën in de kranten rees een vrouw op voor wie haar afkomst eerder een last dan een lust was. Ze koos nadrukkelijk voor een leven buiten de schijnwerpers, maar kwam toch nooit helemaal los van het prinses zijn. Niet in het laatst omdat studiegenote Catherine Keyl haar in de rij voor koffie in de mensa van de Groningse universiteit maar bleef aanstaren. Ze deed afstand van de troon en hoopte volgens haar vader, prins Bernhard, op „een alledaags leven”.

In „een flatje”, zei ze tegen tijdschrift Elsevier.

„Een flatje”, je las er haar moeder prinses Juliana in terug, die er als koningin in paleis Soestdijk ook van die romantische ideeën over het leven van de gewone mensen op na hield. Mijn ouders woonden in die tijd, de eerste jaren van hun huwelijk, ook in een flatje in de Arnhemse wijk Presikhaaf, maar het gewone leven van de prinses bracht haar naar New York, het Italiaanse Porto Ercole en uiteindelijk naar een appartement boven de Koninklijke Stallen.

Zelfs als een Oranje nadrukkelijk een gewoon leven wil leiden, zelf een rol in de anonimiteit verkiest boven een leven in de schijnwerpers, wordt daar toch weer een voorbeeldfunctie van gemaakt.

Lees ook Prinses die een eigen leven wilde leiden

Ik las in deze krant het gedicht ‘Vuurvogel’ van de dichter des vaderlands Tsead Bruinja. Het kan zijn dat ik totaal naast de essentie grijp, maar ook daar werd het gewone geprezen.

Prinses Christina was vooral een kind, een oma, een tante, een juf en een muzikant.

Gewoon, maar doordat dat niet kan, buitengewoon. Zo graag gewoon willen zijn, maar dan wel graag buiten de lijntjes kleuren als het gaat om geld. Ze gebruikte paleis Noordeinde, het werkpaleis van haar zus Beatrix, om een brievenbusfirma op te tuigen in Guernsey om te voorkomen dat ze over het van haar ouders geërfde vermogen belasting moest betalen. Toenmalig minister-president Jan Peter Balkenende zag er een „bescherming van de persoonlijke levenssfeer” in. Je moet van koninklijken bloede, of een trouwe lakei, zijn om dit gewoon te vinden. Het weerhield prinses Christina er niet van om begin dit jaar de roerende zaken uit de nalatenschap, waaronder een tekening van Peter Paul Rubens te laten veilen. Ze sloeg de musea over en ging voor de hoogst mogelijke opbrengst zodat haar erfgenamen ook nog gewoon op een flatje kunnen gaan wonen. Als ze dat willen natuurlijk.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.