Toptoernooi van het Europese hockey vraagt om andere opzet

EK hockey De grote nederlagen van de Wit-Russische vrouwen en de Schotse mannenploeg roepen de vraag op of het deelnemersveld in Antwerpen een juiste afspiegeling is van de Europese top.

De Duitse Selin Oruz (links) slaat de bal keihard onder Krestina Papkova van Wit-Rusland door, op het EK in Antwerpen. Duitsland won met maar liefst 13-0.
De Duitse Selin Oruz (links) slaat de bal keihard onder Krestina Papkova van Wit-Rusland door, op het EK in Antwerpen. Duitsland won met maar liefst 13-0. Foto OLIVIER HOSLET/EPA

De sierfonteinen met koud vuur kondigden zondagochtend even voor negen uur de entree aan van de hockeysters van Duitsland en Wit-Rusland in het vrijwel lege stadionnetje op de Wilrijkse Pleinen. De met vuurwerk omgeven opkomst is voor de Wit-Russinnen het enige hoogtepunt van hun rentree op het hoogste continentale podium. Even voor half elf zoeken de natgeregende speelsters de kleedkamers van het Antwerpse sportcomplex weer op in de wetenschap dat het gat met de Europese top groot is. Duitsland, dat op het EK van 1995 al eens met 15-0 won van België, evenaart die monsterscore bijna: 13-0.

„We missen onze aanvoerder, die zwanger is, en onze sleepcorner. Maar daardoor hebben we natuurlijk niet verloren”, zegt Herman Kruis na afloop. De 63-jarige Nederlander is sinds 2015 bondscoach van Wit-Rusland. „Ik wist dat wij fysiek veel tekort komen, maar vandaag zijn we op kracht en snelheid gewoon weggelopen. De speelsters komen uit een competitie die niets voorstelt. Daarom is het belangrijk dat we hier meedoen, zo kunnen we aan de clubs laten zien wat er nodig is om op internationaal niveau te presteren.”

Geen Frankrijk en Italië

De dertien tegentreffers van Wit-Rusland (nummer 22 van de wereld), maar ook de 9-0 nederlaag van de Schotse mannen (nummer 21), zaterdag tegen Duitsland, rechtvaardigen de vraag of het deelnemersveld in Antwerpen een juiste afspiegeling is van de Europese hockeytop. Bij de mannen ontbreekt bijvoorbeeld Frankrijk (13), afgelopen december kwartfinalist op het WK. En bij de vrouwen is Italië (17) de opvallendste afwezige, gezien de toptienklassering bij het laatste WK. Maar de wereldranglijst, en de prestaties op het WK of de Olympische Spelen, spelen geen rol – het EK-deelnemersveld staat twee jaar van tevoren vast.

En weer raak: de Duitse vrouwen vieren een van de dertien doelpunten tegen Wit-Rusland. Foto OLIVIER HOSLET/EPA

„Frankrijk heeft het zelf verprutst”, zegt Marijke Fleuren. De voorzitter van de Europese hockeybond EHF doelt op de derde plaats van de Fransen tijdens het Europees kampioenschap voor B-landen in 2017, waar een finaleplaats vereist was. Dat toernooi was de toegang naar het echte EK, dat sinds 2005 elke twee jaar plaatsvindt met acht in plaats van twaalf landen. „Een overzichtelijk systeem en heel goed uit te leggen”, vindt Fleuren. Maar in dit systeem zijn de nieuwkomers op het EK vaak ook meteen weer de degradanten – bij de mannen was Ierland in 2011 de laatste nieuwkomer die zich wist te handhaven – en is de topzes alvast verzekerd van deelname aan het volgende EK.

Frankrijk eindigde in 2015 als zevende en zal pas in 2021 weer zijn opwachting maken bij het EK in Amstelveen. Het komt de ontwikkeling van zijn talentvolle selectie niet ten goede, zegt bondscoach Jeroen Delmee. „We hebben de laatste anderhalf jaar veel stappen gezet. De B-poule is een te grote stap terug. Van wedstrijden tegen Tsjechië en Oekraïne worden we gewoon niet meer beter.”

Hetzelfde stelt Chiara Tiddi, aanvoerster van Italië, dat ook zevende werd in 2015 en in 2021 pas weer terugkeert. „Het niveau onder de A-poule is op alle fronten laag. Natuurlijk moeten wij vooral hard trainen en constant goed proberen te zijn, maar we spelen nu gewoon te weinig grote wedstrijden. We hadden het verdiend om er in Antwerpen bij te zijn, dat hebben we de laatste jaren laten zien.”

Stunt Wales

De mannen van Wales zijn wel op het EK. De nummer 25 van de wereldranglijst is de laagst geklasseerde deelnemer in Antwerpen. Zaterdag speelden ze hun eerste EK-wedstrijd in twintig jaar. Bondscoach Zak Jones, die in 1999 als Welsh international zesde van Europa werd, zag zijn ploeg zaterdag stunten tegen Engeland (2-2) en zondag kansloos verliezen van Spanje (1-5). „Meedoen is mooi, maar de uitdaging is om de volgende stap te zetten. Op dit niveau blijven, dat is het moeilijkst. Meer wedstrijden tegen de toplanden kunnen daar inderdaad bij helpen. Maar het is bij kleinere hockeylanden toch vaak een cyclisch proces, op en af.”

Het is voor de EHF reden om zich intensief bezig te houden met competities voor de zogenaamde second tier-landen, zegt Marijke Fleuren. „We moeten de sport in de breedte laten groeien, anders blijven we in veel landen afhankelijk van talentvolle generaties.”

De Wit-Russische Nastassia Sirajezjka (r) in duel met de Duitse Nike Lorenz. Foto OLIVIER HOSLET/EPA

De ontwikkelingen bij wereldhockeybond FIH helpen daar niet bij. Door de Pro League, de nieuwe exclusieve landencompetitie met thuis-en uitwedstrijden, heeft de wereldtop nauwelijks tijd meer om oefenwedstrijden te spelen tegen landen buiten de mondiale toptien. Daarbij houden de Hockey Series al na de eerste editie op te bestaan. Deze toernooien waren in het leven geroepen als olympisch- of WK-kwalificatietraject voor landen die niet aan de Pro League meedoen, maar de FIH zegt de organisatie niet te kunnen financieren. Voor de tweederangslanden wordt het nu nog moeilijker om punten voor de wereldranglijst te halen.

EK gaat op de schop

Aan de EHF en andere continentale bonden is gevraagd na te denken over een nieuw kwalificatieformat voor de top-20 van de wereld, te beginnen in aanloop naar de Spelen van Parijs in 2024. „Het EK in 2021 zal in ieder geval het laatste zijn in de huidige vorm”, zegt Fleuren. „We bekijken of het toernooi daarna moet worden uitgebreid, of dat er bijvoorbeeld voorronden moeten komen. En we denken na over een extra toernooi voor B-landen in even jaren.”

Jeroen Delmee is hoe dan ook voorstander van een nieuw EK-kwalificatiesysteem. „Laat de topvier meedoen aan de volgende editie, de rest plaatst zich op basis van de ranking.” Ook Chiara Tiddi vindt dat er iets moet veranderen om de ontwikkeling van het hockey te stimuleren. Niet alleen in Europa, maar wereldwijd. „De grotere landen zijn altijd in het voordeel. Ook straks weer bij de olympische kwalificatiewedstrijden. De hoogst geplaatste teams spelen dan twee keer thuis. Waarom organiseren we die niet op neutraal terrein?”

Herman Kruis is „uit liefde voor sport” in Wit-Rusland al jaren bezig het niveau te verbeteren. „Er moeten meer goede landen komen”, zegt hij voordat hij zijn speelsters gaat troosten na de 13-0 nederlaag tegen Duitsland. „Daar moeten we met z’n allen energie in steken voordat we uit de Olympische Spelen worden gegooid.”