Thijs H. zegt spijt te hebben van moorden, maar zijn motieven blijven onduidelijk

Rechtszaak Volgens het Openbaar Ministerie is het niet zeker dat Thijs H. drie mensen dodelijk neerstak onder invloed van een psychose.

Bloemen ter herdenking van de 56-jarige vrouw die in de Scheveningse Bosjes om het leven werd gebracht. Thijs H. wordt ervan verdacht de vrouw te hebben gedood.
Bloemen ter herdenking van de 56-jarige vrouw die in de Scheveningse Bosjes om het leven werd gebracht. Thijs H. wordt ervan verdacht de vrouw te hebben gedood. Foto Lex van Lieshout / ANP

Vermoordde Thijs H. begin mei drie willekeurige mensen tijdens een psychose, mogelijk onder invloed van ADHD-medicatie, of lag er iets anders aan ten grondslag? Joan Holthuis, een van de twee officieren van justitie, twijfelt deze vrijdag, als de rechtbank in Maastricht de pro-formazitting wil sluiten. „H. gebruikte ook drugs”, zegt ze. „En uit op zijn computer gevonden informatie blijkt dat hij keek op sites waarin werd uitgelegd hoe je je kan gedragen als psychopaat. Hij gebruikte ook een zoekterm als ‘why do good people become evil’.”

De 27-jarige Thijs H. wordt ervan verdacht op zaterdag 4 mei een 56-jarige vrouw te hebben doodgestoken. Ze liep op dat moment met haar hond in de Scheveningse Bosjes in Den Haag. Op dinsdag 7 mei werden op de Brunsummerheide in Heerlen een 63-jarige vrouw en een 68-jarige man, die ook hun hond uitlieten, om het leven gebracht. De in Den Haag op kamers wonende student H. verbleef na zijn daden eerst bij zijn ouders in Brunssum en daarna in een GGZ-instelling in Maastricht. Die sloeg alarm bij de politie, nadat H. op 8 mei voor de tweede keer in korte tijd ontsnapte uit de inrichting. Die avond werd hij aangehouden in Margraten.

Iets meer openheid

Volgens Holthuis is de pro-formazitting een goed moment om iets meer openheid te geven over de zaak. „Eerder koos het OM bewust voor stilte vanwege het onderzoeksbelang en het belang van de nabestaanden. Elke nieuw bericht kan de diepe wonden bij hen openrijten.”

Het is deze vrijdag de eerste keer dat Thijs H. in de openbaarheid verschijnt na de moorden in mei. Hij oogt met zijn bloemetjesoverhemd en wat langere haar als een studentikoze, timide jongeman. Bij binnenkomst heeft hij zijn hoofd gebogen en houdt hij zijn handen voor zich alsof hij boeien om heeft. H. spreekt met zachte stem, in de zaal is hij lastig verstaanbaar.

H. bekent direct de drie moorden. Tijdens een psychose kreeg hij naar eigen zeggen via nieuwsberichten en kentekens de opdracht om twee mensen te doden, omdat anders zijn familie zou sterven. Na het vermoorden van de vrouw in Den Haag op 4 mei durfde hij niet meer, maar toen hij via een boodschap op de tv eraan werd herinnerd dat het toch echt twee doden moesten zijn, volgde de gebeurtenissen in Heerlen op 7 mei, met niet één maar twee doden tot gevolg.

Nieuwsberichten en kentekens gaven hem naar eigen zeggen de opdracht

De verdachte bekende eerder tijdens een verhoor op 2 augustus, ruim drie maanden na de moorden. Daarvoor wisselde zijn houding. In eerste instantie beriep H. zich op zijn zwijgrecht. Hij probeerde wel een band met justitie te krijgen met de opmerking: „We zijn een team en de dader moet worden gevonden.” In daarop volgende verhoren verwees hij naar het ontbreken van herinneringen. Hij besefte dat er bewijzen tegen hem waren, maar zei zich niet te kunnen voorstellen dat hij de moorden had gepleegd. Dat waren leugens, gaf hij op 2 augustus toe.

Volgens H.’s advocaat Serge Weening probeert het OM met deze verhalen twijfel te zaaien over de verklaringen van zijn cliënt. De raadsman zegt dat die zich laten verklaren uit het voortduren van de psychose. „Thijs kreeg via stemmen door dat hij zou worden gestraft voor het vertellen van de waarheid.”

Officier van justitie Holthuis meent dat het OM voldoende bewijs heeft om H. te koppelen aan de moorden. Er is dna van een slachtoffer gevonden in H.’s woning en een mes. Diverse getuigen hebben hem op de plekken van de moorden gezien.

Bebloede kleding gewassen

De aanklager merkt op dat de ouders van H. (zijn moeder is advocaat) „niet echt meewerken” aan het onderzoek. H.’s bebloede kleding en een rugzak, waarin hij zijn mes stopte, werden gewassen. Dat zou kunnen worden gezien als het wegmaken van bewijs, maar het OM beschouwt de ouders niet als verdachten.

Advocaat Weening spreekt zijn ongenoegen uit over het optreden van het OM. Dat is bezig met „het creëren van een sfeer door het OM met het –voor de bühne– delen van slechts delen van het dossier. Dat past niet bij de nuance die de behandeling van deze zaak verdient. Daarvoor is het wachten op het uitslagen van alle onderzoeken.”

Dan gaat het onder meer om de bevindingen van het Pieter Baan Centrum. Daar zal de verdachte vanaf 26 augustus een aantal weken onderzocht worden. „Mijn cliënt gebruikte in de periode van de moorden geen hard drugs, waar hij dat eerder wel deed”, wil Weening nog kwijt.

Aan het slot van de zitting vraagt Thijs H. nog het woord. „Ik wil me richten tot de nabestaanden om te zeggen dat het me verschrikkelijk spijt, hoewel ik weet dat dit de pijn niet verzacht. Ik hoop dat jullie steun vinden bij elkaar.”

De volgende pro-formazitting vindt plaats op 4 november. Dan moeten de onderzoeken afgerond zijn.

Lees ookDe ggz-kliniek waar Thijs H. verbleef moet beelden afstaan