Regisseur Ivo van Hove krijgt Johannes Vermeer Prijs

De jury van de staatsprijs voor de kunst loofde de wijze waarop Van Hove „de Nederlandse taal over de grenzen brengt”.

Ivo van Hove, directeur van Internationaal Theater Amsterdam.
Ivo van Hove, directeur van Internationaal Theater Amsterdam. Foto Koen van Weel/ANP

Regisseur Ivo van Hove krijgt de Johannes Vermeer Prijs, de staatsprijs voor de kunsten, meldt de organisatie donderdag. „Ivo van Hove heeft een duizelingwekkend oeuvre aan theaterproducties tot stand gebracht dat uniek is binnen het Nederlandse taalgebied maar ook ver daarbuiten”, aldus de jury. Aan de onderscheiding is een bedrag van 100.000 euro verbonden, dat Van Hove mag besteden aan een speciaal project binnen zijn werkterrein.

De jaarlijkse Johannes Vermeer Prijs werd in 2009 ingesteld door de Nederlandse overheid om „uitzonderlijk artistiek talent te eren en verder te stimuleren” en kan worden toegekend aan een in Nederland werkende kunstenaar uit alle disciplines. De jury bestaat dit jaar uit voorzitter Els van der Plas (directeur Nationale Opera & Ballet), Annabelle Birnie (directeur Amsterdams Fonds voor de Kunst), Iris van Herpen (modeontwerper), Jeroen Krabbé (acteur en filmregisseur) en Jamal Ouariachi (schrijver).

Lees ook dit interview met Ivo van Hove: ‘Ik voelde me veilig bij Bowie’

Samenwerking David Bowie

De Vlaamse Van Hove is sinds 2001 directeur van Internationaal Theater Amsterdam (voorheen Toneelgroep Amsterdam). Hij regisseert twee toneelstukken in het seizoen 2019/2020, namelijk Freud en Wie heeft mijn vader vermoord. In 2020 gaat in New York zijn versie van The West Side Story op Broadway in première. Van Hove is een van de laatste mensen die samenwerkte met David Bowie in 2015 voor de in New York uitgevoerde musical Lazarus.

Eerdere winnaars van de Johannes Vermeer Prijs de afgelopen jaren zijn violist Janine Jansen, modeontwerper Iris van Herpen, filmmaker en beeldend kunstenaar Steve McQueen en componist Michel van der Aa. De prijs wordt uitgereikt op 25 september 2019 door minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) in de Ridderzaal in Den Haag.