In Jinwar doen vrouwen (bijna) alles zelf

Vrouwendorp Syrië Een woongemeenschap in het noorden van Syrië heeft alleen vrouwelijke bewoners. „Vrouwen hebben mannen niet nodig.”

Het is de bedoeling dat ‘vrouwendorp’ Jinwar in het noorden van Syrië uiteindelijk zelfvoorzienend wordt.
Het is de bedoeling dat ‘vrouwendorp’ Jinwar in het noorden van Syrië uiteindelijk zelfvoorzienend wordt. Foto’s Husein Shebi

Op het eerste gezicht lijkt het een slaperig gehucht. Op een veldje plukt een vrouw groente voor ze schielijk een van de bruinroze huisjes in schiet. Het pad langs het veld bestaat uit steentjes, kuilen en modder. De huisjes zijn net iets te strak gepleisterd en te fris geschilderd, er is maar één auto te zien – in andere dorpjes in het gebied staat naast bijna elk huisje een groezelig exemplaar. Vlaggetjes die je tegemoet wapperen aan de toegangspoort doen denken aan een speeltuin.

Maar in Jinwar in Noord-Syrië wonen alleen vrouwen. Het is een woongemeenschap, opvangproject en sociaal experiment in een. Volwassen mannen mogen er op bezoek komen, maar niet overnachten. Het dorpje ligt in de Syrische regio waar de Turkse president Recep Tayyip Erdogan deze maand met een nieuwe militaire operatie dreigde.

Amira Mohammad (33) zet borden op een lange eettafel buiten, terwijl een medebewoonster pannen met rijst en rode saus aandraagt. Mohammad heeft deze week kookcorvee. Zij kwam kort na de oprichting eind 2018 met haar vier zoontjes en dochtertje naar Jinwar; haar man overleed twee jaar geleden. Hier voelt ze zich veilig, en ze geniet van de mogelijkheid om nieuwe dingen te leren. „Ik verwijt mijn ouders dat ze mij niet hebben laten studeren”, zegt ze. Mohammad is analfabeet maar spreekt desondanks Arabisch, Turks – „van televisie geleerd” – en Engels. „Sinds ik hier ben, zie ik dat vrouwen mannen niet nodig hebben.”

Foto’s Husein Shebi

„Dit is ons antwoord op geweld tegen vrouwen”, zegt de blonde mede-oprichtster ‘Nujin Derye’ (27). „We zijn geen slachtoffers, we bouwen zelf”. De van oorsprong Duitse vrijwilligster heeft zich hier gevestigd, spreekt Koerdisch en wil alleen haar Koerdische naam geven. „We kunnen praten over vrouwen en vrijheid”, zegt de Koerdische medeoprichtster Rumet Heval (45), „maar uiteindelijk blijven ze alleen thuis. Wij hebben een ruimte zonder onderdrukking gecreëerd waar veel vrouwen van dromen.” De dertig huisjes van Jinwar werden gebouwd met hulp van lokale organisaties en internationale vrijwilligers. Momenteel wonen er zo’n 20 vrouwen en 25 kinderen.

Zelfvoorzienend

In Jinwar worden beslissingen gezamenlijk genomen. Het dorpje moet zelfvoorzienend worden; de vrouwen verbouwen groenten, in de bakkerij en het winkeltje komen ook bewoners van naburige dorpen boodschappen doen. Heval verwijst naar de ideeën van de Koerdische leider Abdullah Öcalan over sociale revolutie, die volgens haar hier in de praktijk worden gebracht. Het dorpje is een eerste stap. „Op den duur zullen de mannen mee veranderen.”

De yezidi’s zijn hun familie en cultuur kwijt. „De gemeenschap dreigt zozeer te verdunnen dat er niets van overblijft.”

Jinwar krijgt regelmatig bezoek. Deze middag stoppen twee auto’s met mannelijke Koerdische militairen op het terrein – even kijken hoe het gaat in zo’n ‘vrouwendorp’. „Zelfs de hond hier is een vrouwtje”, grappen de mannen, wijzend naar een golden retriever die voor een huis ligt. De Koerdische YPG-milities die hier zeggenschap claimen, zijn bondgenoten van de VS, maar worden door Turkije als terroristen beschouwd. De vrouwen hebben ook een 24-uurs burgerwacht, in de regio niet ongebruikelijk. Mohammad loopt graag haar nachtelijke rondje met een kalasjnikov. „Ik ben de sterkste hier, ik ben niet bang.” Mocht president Erdogan besluiten tot een aanval, dan kan die burgerwacht weinig uitrichten, geeft Derye toe. „Als er een inval komt, moeten we net als de omliggende dorpen bezien wat we doen.”

Gescheiden of weduwe

Het idee van een samenleving waarin de rollen fundamenteel veranderd zijn, is in de praktijk nog ver weg. De vrouwensamenleving lijkt alleen te gedijen als de deelneemsters mannen volledig uit hun leven weren. Dat geldt hier net zozeer als bij de YPJ, de vrouwenbataljons van de YPG die bekend werden tijdens de strijd tegen het zelfverklaarde kalifaat Islamitische Staat . De meeste vrouwen in Jinwar zijn hun plek in de traditionele samenleving kwijt. Ze waren gescheiden of belandden hier nadat hun man was overleden. De Iraakse Shireen (40) vluchtte voor haar eigen familie die de scheiding van haar gewelddadige echtgenoot niet wilde accepteren. Haar achternaam wordt niet genoemd om haar niet in gevaar te brengen. Nu drukt ze in het bakkerijtje van het dorp kuiltjes in deeg . „Niemand weet dat ik hier ben, ik ga alleen het dorp uit voor boodschappen.”

Foto’s Husein Shebi

In het dorp wonen vrouwen met verschillende achtergronden – Arabisch, Koerdisch, een van IS gevluchte yezidi-vrouw met haar puberdochter. De een draagt een hoofddoek, de ander niet. Dat gaat meestal goed. „In het begin wilden Arabische en Koerdische kinderen niet met elkaar spelen”, vertelt Derye, „maar dat is overgegaan.” Bewoonster Fatma Amin (35) laat haar vuile nagels zien. „Wat ik hier heb geleerd? Modder van de kleren van de kinderen wassen, zelf onder de modder zitten…” Ze leefde in de stad Kobani en is het dorpsleven niet gewend. Amin had een goede baan als ambtenaar, en een man die haar en haar zes dochters gelijkwaardig behandelde. Maar nadat haar echtgenoot was omgekomen, zette haar schoonfamilie haar onder druk om te stoppen met werken. In dit dorp komt ze tot rust, zegt ze. Hoewel ze graag haar bestuurlijke werkervaring meer wil inzetten, zal Amin hoe dan ook bewijzen dat ze zich hier kan handhaven - „in tegenstelling tot wat mijn schoonfamilie denkt”.

Helemaal uitgebannen zijn mannen niet; terwijl de vrouwen de broden kneden, bedient een jongen uit een buurdorp de oven. Ook voor klussen als elektriciteitsvoorziening en vervoer per auto worden mannen ingeschakeld. Volgens de oprichtsters is dat tijdelijk: de bewoonsters hebben nu rijles en andere cursussen staan gepland. Maar er is ook twijfel. Terwijl Mohammad na twee rijlessen niet kan wachten tot ze zelf als chauffeur kan rijden, zegt een dorpsgenote aarzelend: „Ik weet niet of mannen ooit accepteren dat vrouwen alles zelf doen.” En even later: „Een generator bedienen, dat kunnen vrouwen toch niet alleen? Voor sommige dingen heb je mannen nodig.”